heb heílig lief - niet uit eigenbelang
329.10
Maria Valtorta:
'Jezus wordt onderbroken
door een dreigende kreet van enkele luidruchtige mensen.
Hij kijkt hen aan en zegt:
"Ja. Dit is liefde.
Ik ben geen onderdanige leraar.
Ik spreek de waarheid, omdat Ik dat moet doen,
om in jullie te zaaien wat nodig is voor het eeuwige leven.
Of jullie het nu leuk vinden of niet, Ik moet het jullie zeggen, om Mijn plicht als Verlosser te doen.
Het is aan jullie, die verlossing nodig hebben, om die van jullie te doen.
Heb daarom je naaste lief. Ál jullie naasten.
Met een heilige liefde. Niet met een duistere, op eigenbelang gerichte liefde,
voor wie de Romein, de Feniciër of de proseliet "vervloekt" is, of andersom,
zolang er geen verstand of geld in het spel is... terwijl "vervloekt"
- als er een verlangen naar verstand of geld in je opkomt -
niet langer geldt..."
Nog meer rumoer vanuit de menigte,
terwijl de Romeinen, vanop hun plaats in het atrium,
uitroepen: "Bij Jupiter! Die man spreekt goed!"
Jezus laat het rumoer verstommen en vervolgt:
"Heb je naaste lief zoals je zelf geliefd wilt worden.
Want wij houden er zelf niet van om slecht behandeld,
lastiggevallen, beroofd, onderdrukt, belasterd of beledigd te worden.
Dezelfde nationale of individuele gevoeligheden gelden ook voor anderen.
Laten we elkaar daarom geen kwaad doen dat we zelf niet willen dat ons wordt aangedaan.
Wijsheid is het gehoorzamen van Gods Tien Geboden:
1 Ik ben de Heer, jouw God.
Je zult geen andere goden voor Mij hebben.
Je zult geen afgoden hebben, noch ze aanbidden.
2 Je zult de Naam van God niet ijdel gebruiken.
Het is de Naam van de Heer, jouw God,
en God zal iedereen straffen die hem zonder reden gebruikt,
hetzij als een vloek, hetzij om een zonde te rechtvaardigen.
3 Gedenk de sabbat en houd die heilig.
De sabbat is heilig voor de Heer,
die hierop rustte van de schepping
en hem zegende en heiligde.
4 Eer je vader en moeder,
opdat je lang in vrede zult leven op aarde
en eeuwig in de hemel.
5 Je zult niet moorden.
6 Je zult geen overspel plegen.
7 Je zult niet stelen.
8 Je zult geen kwaadspreken over je naaste.
9 en 10 Je zult niet begeren wat van je naaste is:
zijn huis, zijn vrouw, zijn dienstknecht,
zijn os, zijn ezel of wat dan ook dat van hem is.
Dit is wijsheid.
Wie dit doet, is wijs
en verkrijgt het eeuwige leven en het Koninkrijk.
Neem je daarom vanaf vandaag voor om te leven volgens de wijsheid
en deze boven de aardse zaken te stellen."'
Reacties
Een reactie posten