Posts

Er worden posts getoond met het label coredemptrix

Kerk al in bos bij Gamla aan Maria toevertrouwd

Afbeelding
455.5 Maria Valtorta: 'Ja. Geen van hen begrijpt het... Het is niet hun schuld. Het is Satan die de rook schept zodat ze niet kunnen zien, en als dronken zijn en het niet begrijpen, en daarom onvoorbereid zijn... en makkelijker te verleiden... Maar jij en Ik zullen hen redden ondanks Satans valstrik. Vanaf nu vertrouw Ik hen toe aan jou, Mijn Moeder. Herinner je deze woorden van Mij: aan jou vertrouw Ik hen toe. Aan jou geef ik Mijn erfdeel. Ik heb niets op aarde, behalve een Moeder - en die offer Ik aan God: Hostie met de Hostie - en Mijn Kerk - en die vertrouw Ik toe aan jou. Wees haar Voedster/Voedende Moeder. - Een moment geleden dacht Ik na over hoe vaak de man van Keriot door de eeuwen heen herboren zal worden met al zijn gebreken. En ik bedacht dat ieder die niet Jezus was, hem zou verwerpen, dit gebrekkige wezen.  Maar Ik zal hem niet verwerpen.  Ik ben Jezus ['Redder/God redt'...] . Jij, in de tijd dat je op aarde zult blijven, tweede na Petrus in de kerkelijke hië...

Maria moeder van álle mensen

Afbeelding
651.18 Jezus zegt: 'De mens, begiftigd met een rationele ziel, is een vermogen dat God met Zichzelf vult. Maria, zijnde de heiligste van alle schepselen na Christus, was een vermogen vól... —tot het punt van overstromen, over haar broeders en zusters in Christus, door de eeuwen heen, en tot in eeuwigheid— vól van God, van Zijn genade, liefde en barmhartigheid. Zij stierf, ondergedompeld in de golven van liefde. Nu, in de hemel, zelf een oceaan van liefde geworden,  overstroomt zij haar trouw gebleven kinderen, en zelfs haar verloren zonen,  met haar golven van liefde voor de universele verlossing, Zij die de universele Moeder van álle mensen is.' 18 april 1948

maria hemelvaart 2

Afbeelding
649.3-4 Maria Valtorta: '"Ik ben gewend de pijn van de scheiding van Hem te verdragen. Altijd pijn, want Zijn aanwezigheid en nabijheid waren mijn hemel op aarde. Maar ook altijd gewillig en sereen verdragen, omdat elke daad van Hem door Zijn Vader gewenst was, gehoorzaamheid aan de Goddelijke Wil was, en daarom aanvaardde ik het, omdat ook ik altijd Gods wensen en plannen voor mij heb gehoorzaamd. Wanneer Jezus mij verliet, leed ik.  Zeker wel. Ik voelde mij alleen. Mijn pijn toen Hij, als kind, me in het geheim verliet vanwege het dispuut met de tempelgeleerden,  heeft alleen God in zijn ware intensiteit kunnen meten. Maar toch, afgezien van de terechte vraag die ik, als moeder, Hem stelde - waarom Hij mij zo verliet - zei ik niets anders. En evenzo hield ik Hem niet tegen, toen Hij mij verliet om de Meester te worden... en ik was al weduwe van mijn man, en dus alleen,  in een stad die, op een paar mensen na, niet van mij hield. En toonde ik geen verbazing over Zijn ant...

Maria toch gastvrij voor vermoeide Judas

Afbeelding
442.8 Maria Valtorta: '"Ik ga weg... naar Kafarnaüm." "De zon is te heet om te gaan. Blijf. Je bent een pelgrim, net als alle anderen. En Hij heeft gezegd dat de discipelen voor hen moeten zorgen." "Mijn aanblik mishaagt jou..." "Jouw weigering om te genezen doet mij pijn! Dat alleen...  Doe je mantel uit... Waar heb jij geslapen?" "Ik heb niet geslapen.  Ik heb tot zonsopgang gewacht om jou alleen te zien." "Dan moet je moe zijn. In de grote kamer staan ​​de bedden die Simon en Thomas gebruikt hebben. Het is er nog stil en koel. Ga maar slapen, terwijl ik eten voor je klaarmaak." Judas vertrekt zonder te antwoorden.  En Maria, zonder te rusten na de hele nacht wakker te zijn geweest, gaat naar de keuken om het vuur aan te steken, en vervolgens naar de tuin om groenten te plukken. En tranen, tranen, tranen vallen stilletjes, terwijl ze zich over de haard buigt om het hout te schikken, of over de kluiten aarde om de groente...

Maria wil in Nazareth, zo nodig, Judas kunnen opvangen

Afbeelding
439.3 Maria Valtorta: '"Heb je Johanna gezien?" Maria glimlacht niet meer.  Misschien is ze bang voor nog een vraag over Judas.  En ze antwoordt snel: "Ik wilde Maria niet nog meer zorgen bezorgen. We hebben ons tot halverwege de middag in huis opgesloten om uit te rusten, en toen zijn we vertrokken... Ik dacht dat we haar snel zouden zien, bij het meer..." "Je hebt goed gehandeld. Je hebt me laten zien hoe de Romeinse vrouwen me zien. Als Johanna zich ermee had bemoeid, zou je kunnen denken dat ze voor hun vriendin waren gezwicht. Nu wachten we tot zaterdag, en als Mirta niet komt, gaan wij met Aurea mee." "Zoon, ik wil graag hier blijven..." "Je bent erg moe, dat zie Ik." "Nee, niet daarom... Ik denk dat Judas hierheen zou kunnen komen... Net zoals het goed is dat er in Kafarnaüm altijd iemand klaarstaat om hem als vriend te verwelkomen, is het hier ook goed, dat er iemand is die hem met liefde verwelkomt." "Dank j...

Maria's botsen op dronken Judas

Afbeelding
438.10 Maria Valtorta: 'Ze lopen over de niet langer schemerige straat die zich voor hen opent, in plaats van langs de kust. Een straat achter een rij bescheiden huizen. Halverwege de straat komt Judas uit een hoek tevoorschijn, duidelijk dronken. Een Judas die net van een feestje komt, verward, zijn kleren verkreukeld, zijn gezicht gehavend. "Judas! Jij? In deze toestand?" Judas heeft geen tijd om te doen alsof hij haar niet herkent en kan niet wegkomen... De verrassing maakt hem sprakeloos en verlamt hem. Maria loopt naar hem toe, overwint de afkeer die de verschijning van de apostel bij haar opwekt, en zegt: "Judas, miserabele zoon, wat doe jij? Denk je niet aan God? Aan je ziel? Aan je moeder? Wat doe je toch, Judas? Waarom wil je een zondaar zijn? Kijk me aan, Judas! Je hebt geen recht om je ziel te doden..." En ze raakt hem aan en probeert zijn hand te pakken. "Laat me met rust. Ik ben tenslotte een man. En... en ik ben vrij om te doen wat iedereen do...

Maria weet dat God haar in het lijden zal bijstaan

Afbeelding
-Stabat Mater ( William Bouguereau )- 436.6 Maria Valtorta: '"En jij blijft er zo kalm bij? Zo sereen? Nog altijd dezelfde als toen je hier als bruid toekwam, drieëndertig jaar geleden, en het lijkt wel gisteren dat ik me zoveel herinner... Maar hoe kun jij dat?... Ik... Ik zou gek worden... Ik zou... Ik weet niet wat ik zou doen... Ik... Maar nee! Het is onmogelijk voor een moeder om dit te weten en kalm te blijven!" "Vóórdat ik moeder ben, ben ik een dochter en dienstmaagd van God... Waar vind ik mijn rust? In het doen van Gods wil. Waar komt mijn sereniteit vandaan? Uit het doen van die wil. Als ik de wil van een mens zou moeten doen, zou ik misschien verontrust zijn,  want een mens, zelfs de meest wijze, kan altijd een verkeerde wil opleggen.  Maar Gods wil! Als Hij mij wilde als de Moeder van Zijn Christus,  moet ik dan denken dat dit wreed is, en daardoor mijn sereniteit verliezen?  De gedachte aan wat de Verlossing zal zijn voor Hem, en ook voor mij, ja, ...

Maria wist van in begin dat ze mee zou lijden

Afbeelding
-Mater Dolorosa (St.-Dionysiuskerk Tilburg)- 436.5 Maria Valtorta: 'Maria van Alfeüs kijkt haar aan.  Dan wendt ze zich weer tot Jezus:  "Maar je moet niet praten over deze afschuwelijke toekomst!  Je steekt een zwaard in haar hart!" "Dat zwaard zit er al tweeëndertig jaar in." "Nee! Dat kan niet! Maria... altijd zo sereen... Maria..." "Vraag het haar, als je niet gelooft wat ik zeg." "Jazeker, ik vraag het! Is het waar, Maria? Weet jij dat?" En Maria zegt, met een kalme maar vastberaden stem: "Het is waar.  Hij was veertig dagen oud, en een heilige vertelde het me... Maar zelfs daarvoor...  O! Toen de engel me vertelde dat ik, als maagd, een zoon zou ontvangen die door zijn goddelijke ontvangenis de Zoon van God zou worden genoemd – en dat is Hij werkelijk – toen dit me werd verteld, en dat er in de schoot van de onvruchtbare Elisabeth door een wonder van de Eeuwige een vrucht werd gevormd, had ik geen moeite om me de woorden ...

onnozele kindertjes in werkelijkheid behoed voor grootste zonde: doden van Verlosser

Afbeelding
-Triomph of the Innocents (W. Holman Hunt)- 436.4 Maria Valtorta: '"Zelfs toen Ik nog een klein kindje was, werden vele kleintjes in de baarmoeder van hun moeder gedood. En de wereld schreeuwde het uit van afschuw. Maar wanneer de Tijd er niet langer voor individuen of voor de hele mensheid zal zijn, zullen jullie eens en voor altijd begrijpen, hoe gefortuneerd en gezegend in Israël, in het Israël van Christus' tijd, zij waren, die, doordat ze als baby's werden uitgeroeid, behoed werden voor de grootste zonde: die van medeplichtigheid aan de dood van de Verlosser." "Jezus!" roept Maria van Alfeüs. Terwijl ze angstig opstaat en om zich heen kijkt, alsof ze vreest de godendoders achter de heggen en boomstammen van de tuin vandaan te zien komen.  "Jezus!" herhaalt ze. Terwijl ze Hem met pijn aankijkt. -Kindermoord te Bethlehem (resp. Rubens, Reni)- "Wat? Ken jij de Schriften dan niet meer,  dat je zo verbaasd bent over wat Ik zeg?" vraag...

Maria zal bij Valeria bemiddelen voor Aurea - maar zou veel méér willen kunnen doen

Afbeelding
433.5 Maria Valtorta: '"Hoe gaat het met het meisje ?" "Iets beter... Maar ze stond op het punt te sterven...  En toch komen haar woorden, nu ze niet meer in een delirium verkeert, zij het wat terughoudender, overeen met de woorden die ze in haar delirium uitsprak. Het Zou een leugen zijn om te zeggen dat we haar verhaal niet hebben kunnen reconstrueren... Ongelukkige!..." "Ja. Maar de Voorzienigheid heeft over haar gewaakt!" "En nu?" "En nu... Ik weet het niet. Aurea behoort Mij niet toe als schepsel. Haar ziel is van Mij, haar lichaam is van Valeria. Voor nu blijft ze hier, om het te vergeten..." " Mirta zou haar willen houden." "Ik weet het...Maar Ik heb niet het recht om te handelen  zonder de toestemming van de Romeinse. Ik weet niet eens of ze haar met geld hebben gekocht, of dat ze alleen maar beloftes als wapen hebben gebruikt... Wanneer de Romeinse naar haar vraagt..." "Ik zal voor Jou gaan, mijn Z...

herder Jozef heeft lijden - én vergiffenis - geofferd

Afbeelding
-herderskinderen van Fátima- 418.6 Maria Valtorta: 'Jezus streelt hem, en zegt tegen Salomo:  "Jouw huisje wordt voor veel goeds gebruikt!" "O! Omdat het nu van U is.  Vroeger werd het alleen gebruikt voor de diepe slaap van een veerman .  Maar ik ben blij dat het U en deze rechtvaardige man heeft gediend.  Nu zullen we een paar goede dagen doorbrengen, met U." "Nee, mijn vriend. Jullie moeten meteen vertrekken.  We mogen geen rust meer hebben. Deze tijd zal een ware beproeving zijn,  en alleen de standvastigen zullen trouw blijven.  Vandaag zullen we samen het brood breken,  en dan vertrekken jullie meteen langs de rivier,  een halve dag voor mij uit." "Ja, Meester. Jozef ook?" "Hij ook. Tenzij hij vreest voor een nieuwe wond..." "O, Meester! Moge God ervoor zorgen dat ik Jou in de dood voorga,  mijn bloed voor Jou vergietend!" Ze lopen de dauwrijke tuin in, die schittert in het vroege zonlicht.  En Ananias neemt de eer w...

állen gered, volmaakt geluk voor God

Afbeelding
412.5 M. Valtorta: '"Maar nu wil ik dat mijn offers Judas doen veranderen. Ik ben niet jaloers. Ik wil dat iedereen volmaakt is,  zodat Jij volmaakt gelukkig kan zijn. Zal het me lukken?" "Vertrouwen, Simon,  heb vertrouwen en houd vol." "Dat zal ik! Natuurlijk zal ik dat. Voor Jou... en ook voor hem. Want het moet zeker geen genot zijn om altijd zo te blijven. Per slot van rekening zou hij bijna mijn zoon kunnen zijn... Hmm! Ik ben liever vader voor Margziam! Maar... ik zal een vader voor hem zijn en eraan werken om hem een ​​ziel te geven die Jou waardig is." "En jou, Simon!"  en Jezus buigt zich voorover en kust Petrus' haar. Petrus is volkomen gelukkig... Na een tijdje vraagt ​​hij: "En dat is alles wat Je me vertelt? Is er dan niets anders goeds, een bloem... tussen de doornen die Je overal vindt?" "Jawel. Een vriend van Jozef die tot het Licht komt." "Echt? Een lid van het Sanhedrin?" "Ja. Maar da...

Andreas begrijpt al iets van offerzielschap - Judas spot

Afbeelding
- Anita Cantieri (1910-1942) - 410.5 Maria Valtorta: "En ik? Ik ben al jaren ziek... en dat leven, in de grotten, met weinig eten en al die ellende. Dit komt weer terug!..." zegt de Zeloot. "Maar je zei toch altijd dat je je sinds je genezing zo sterk voelde?" vraagt ​​Judas, die zich weer bij hen heeft gevoegd. "Is de werking van het wonder uitgewerkt?" De Zeloot maakt een typische beweging bij deze brutale, veelzeggende zet, dat lijkt te zeggen: "Daar is hij dan! Heer, geef mij geduld!" Maar hij antwoordt met de grootste beleefdheid: "Nee.  De werking van het wonder is nog niet uitgewerkt. En dat is te zien. Ik ben niet opnieuw ziek geworden. Ik ben sterk. Veerkrachtig. Maar de jaren zijn jaren,  en de arbeid is arbeid. En deze hitte die ons doet zweten alsof we in een gracht zijn gevallen, en dan deze nachten die, zou ik zeggen, ijskoud zijn vergeleken met de hitte overdag,  en die ons zweet bevriezen terwijl de dauw onze toch al doorweek...

Jezus laat Judas aan hun beider moeders denken - breek hun hart niet

Afbeelding
406.4 M. Valtorta: '"Kom nog wat dichterbij, Judas. Zie je? We zijn alleen. De anderen begrepen dat Ik tot jou wilde spreken, de uitdeler van Mijn rijkdommen, van de aalmoezen die de Mensenzoon, die de Zoon van God ontvangt, om namens God en de mens aan de mensen te geven. En ze hebben zich teruggetrokken in het huis... We zijn alleen, Judas, in dit zoete uur van de avond, waarin onze harten naar onze verre huizen vliegen, naar onze moeders die, ongetwijfeld, terwijl ze hun eenzame avondmaal bereiden, aan ons denken en met hun handen de plek strelen waar wij zaten, vóór dat uur van God, waarin de allerheiligste Wil ons meenam om Hem in geest en in waarheid te beminnen. Onze moeders!...  Mijn moeder, zo heilig en puur, die zoveel van jullie houdt, en voor jullie bidt, de vrienden van haar Jezus... Mijn moeder, die slechts deze vrede kent, te midden van de smart van haar moederschap als Moeder van de Christus: de wetenschap dat Ik omringd ben door jullie liefde... Stel Me niet t...

Matthias praat zachtjes met kleine bij slapende Jezus

Afbeelding
405.3 Maria Valtorta: 'Het kleine jongetje van eerder,  prachtig in het korte tuniekje waartoe zijn kleding in dit hete uur is gereduceerd,  steekt zijn bruine hoofdje door de keukendeur, gluurt naar buiten  en komt voorzichtig naar voren met zijn tere voetjes,  die lijden onder de door de zon gebakken grond. Het losse tuniekje glijdt bijna van zijn mollige schouder. Hij bereikt de discipelen en staat op het punt over hen heen te stappen, om terug te gaan en Jezus te bekijken. Maar zijn beentjes zijn te kort om over de gespierde lichamen van de volwassenen te stappen,  en hij struikelt en valt bovenop Matthias, die wakker wordt  en het beschaamde gezichtje, bijna vol tranen, van het jongetje ziet.  Hij glimlacht en zegt, het manoeuvre van het kind aanvoelend: "Kom hier, dan zet ik jou tussen mij en Jezus in. Maar wees stil en rustig. Laat Hem maar slapen, Hij is moe!" En het kleine jongetje zit, gelukkig, Jezus' prachtige gezicht te aanbidden.  Hi...

Jezus vergelijkt Battir met Eden

Afbeelding
-Romeinse boog met watertoevoer (Battir, Westbank)- 402.3 Maria Valtorta: 'Jezus wendt zich tot Johanna en zegt: "Wel, laten we nu dan Mijn goede discipel blij maken. Ik zal, zoals jij gewenst hebt, tot jouw dienaren spreken, voor Ik vertrek." Hij komt naar voren, naar de rand van de schaduw, die steeds langer wordt naarmate de zon langzaam ondergaat,  die al lijkt op een sinaasappel waarvan de onderkant beschadigd is.  Beschadiging die steeds groter wordt, naarmate de ster verdwijnt achter de bergen van Beth Ginnah,  en een vurige gloed achterlaat aan de heldere hemel. "Geliefde vrienden, Chusas en Johanna, en jullie, hun goede dienaren, die de Heer al kennen, door de lippen van Mijn discipel Jonathan, sinds vele jaren, en door de lippen van Johanna, sinds zij Mijn trouwe discipel werd, luister! Ik heb afscheid genomen in alle streken van Judea, waar Ik de meeste leerlingen heb, dankzij het werk van de eerste discipelen, de herders, en dankzij hun gehoorzaamheid aa...

hebben mijn offers (voor Judas) dan niets opgebracht? - vraagt Petrus

Afbeelding
401.4 Maria Valtorta: 'Een stilte. Dan vraagt Petrus: "Maar kun Je mij minstens vertellen waarom Judas plots zo geworden is? Hij leek zo goed te worden! Hij was zo goed! Ik had gebeden en offers gebracht, opdat het zou blijven duren... Want ik kan Jou niet in verdriet zien. En Jij lijdt wanneer wij elkaar kwaad doen... En sinds de Encenie weet ik, dat zelfs het offer van een lepel honing waarde heeft... Een discipel, de kleinste, een arm kind, moest mij deze waarheid leren, Jouw domme apostel. Maar ik heb het niet verwaarloosd. Want ik zag de vruchten ervan. Want ook ik, dommerik, begreep iets door het licht van de Wijsheid dat zich welwillend over mij boog, dat tot mij neerdaalde, tot de ruwe visser, tot de zondige man. Ik begreep dat we Jou niet alleen met woorden moeten liefhebben. Maar door voor Jou zielen te redden, met ons offer. Om Jou vreugde te geven. Om Je niet te zien zoals Je nu bent, zoals Je was in Sjevat   [jan.-feb.] . Bleek en bedroefd dus, mijn Meester en Hee...

zorg voor Elia toevertrouwd aan Nike (Veronica) 5

Afbeelding
-Semana Santa in Elche (Spanje)- 382.7 Maria Valtorta: '"Maar waarom bent u nu verdrietig? En waarom huilt u?" "Omdat ik in Uw woorden een voorgevoel van de dood voel... Zal ik U zo snel verliezen, Heer?" Nike huilt in haar sluier. "Niet huilen! Er zal zoveel vrede voor Mij zijn, daarna... Geen haat meer. Geen hinderlagen meer. Niet al deze... verschrikkingen van de zonde die Mij overkomen, Mij omringen... Geen afschuwelijke nabijheid meer...  O! Niet huilen, Nike! Uw Redder zal vrede hebben.  Hij zal overwinnen..." "Maar daarvoor... maar daarvoor...  Mijn man en ik lazen altijd de profeten...  En we beefden van afschuw bij de woorden van David en Jesaja...  Maar zal het voor U werkelijk zo zijn?" "Zo en erger..." "O!... Wie zal U dan verlichting geven? Wie zal U laten sterven met... nog hoop?" "De liefde van de discipelen. En vooral van de trouwe, vrouwelijke discipelen." "Dan ook de mijne! Want ik zal voor...

Lazarus' lijden redde Magdalena - over zijn beloning zullen mensen (en engelen) spreken!

Afbeelding
-Verrijzenis van Lazarus (Duccio di Buoninsegna)- 376.4 Maria Valtorta: 'Maria, zittend op een kussen aan Jezus' voeten, in haar gebruikelijke houding van nederige en vurige aanbidding, zegt: "Breng ik mijn broeder misschien dit lijden toe? Zeg het mij, Heer, zodat mijn smart volkomen kan zijn!..." Lazarus roept uit: "Nee, Maria, nee. Ik... moest hieraan sterven. Schiet geen pijlen in je hart!" Maar Jezus, volkomen oprecht, zegt: "Natuurlijk wel! Ik heb je goede broer in zijn gebeden gevoeld, in zijn hartslag. Maar dit mag jou geen zware smart bezorgen. Maar juist de wil om volmaakt te worden, welke de prijs ook is. ( Henry Ossawa Tanner) En verheug je! Verheug je omdat Lazarus, omdat hij jij van de duivel heeft gered..." "Niet ik! Jij, Meester." "...omdat hij jou aan de duivel heeft ontrukt, een toekomstige beloning van God heeft verdiend, waar de mensen en de engelen over zullen spreken. En zoals Lazarus zijn er anderen, en vooral ...

slachtofferziel doet meer dan zorgen voor eigen hemel

Afbeelding
376.3 Maria Valtorta: "Doe méér, Mijn vriend! Het is al veel om je erbij neer te leggen en de pijn te lijden. Maar geef het een nog grotere waarde." "Welke waarde, mijn Heer?" "Bied het aan voor de verlossing van de mensheid." "Ook ik ben maar een arme mens, Meester. Ik kan er niet naar streven een verlosser te zijn." "Dat zegt jij wel, maar je vergist je. God is mens geworden om de mensheid te helpen. Maar mensen kunnen God helpen! De werken van de rechtvaardigen zullen verenigd worden met de Mijne in het uur van de Verlossing. Van de rechtvaardigen, eeuwen geleden al gestorven, nu levend of in de toekomst. Voeg jij nu het jouwe toe, vanaf vandaag.   Het is zo mooi om jezelf te verenigen met de oneindige Goedheid, eraan toe te voegen wat wij van onze beperkte goedheid kunnen geven en te zeggen: "Ook ik werk mee, O Vader, voor het welzijn van mijn broers en zussen." Er kan geen grotere liefde zijn, voor de Heer en voor onze naaste...