Posts

Er worden posts getoond met het label heiligen

Sara van Afeka leerde snel van Petrus

Afbeelding
457.5 Maria Valtorta: 'Jezus neemt afscheid van de weduwe. Hij wil graag vaarwel zeggen, maar zij knielt neer en bekent haar besluit: "Ik heb besloten Samuel hier achter te laten, beter als dienaar dan als gelovige, en met U mee te gaan naar Kafarnaüm." "Ik zal Kafarnaüm spoedig en voorgoed verlaten." "U hebt daar echter goede discipelen." "Dat klopt." "Ik heb het zo besloten... Op die manier zal ik U bewijzen dat ik mij van mijn rijkdom weet los te maken en dat ik conform de Wet kan liefhebben.  Ik zal het geld dat hier is vergaard gebruiken voor Uw armen, en ik zal het kind als de eerste arme beschouwen, als de moeder hem wil houden,  ook al houdt ze niet van hem.  Intussen, hier is dit al!" En ze biedt een zware tas aan. "God zegene u met Zijn zegeningen  en met die van de mensen die u begunstigt. U hebt in slechts enkele uren grote vooruitgang geboekt." De vrouw bloost. Ze kijkt om zich heen en bekent dan: "Ik be...

'tot rots spreken spreken en hem slaan' t.t.v. Jezus

Afbeelding
-Mozes slaat water uit de rots (Rafaël)- 457.3 M. Valtorta: 'De Allerhoogste zei tegen Mozes en Aäron: "Neem de staf en spréék tot de rots,  en er zullen rivieren ontspringen om de dorst van het volk te lessen,  zodat zij niet langer zullen klagen." Tot de eeuwige Priester zei de Allerhoogste andermaal, om een ​​einde te maken aan het geklaag van Zijn volk: "Neem de staf die ontsproten is uit het geslacht van Jesse, en er zal een bloem uit voortkomen, onaangetast door menselijk slijk, en die zal veranderen in een zoete amandelvrucht, vol zalving. En met deze amandel uit de wortel van Jesse, met deze wonderbaarlijke scheut waarop de Geest van de Heer zal rusten met Zijn Zeven Gaven, sla daarmee de rots van Israël, zodat er overvloedig water uit zal ontspringen voor hun redding." De Priester van God is de Liefde zelve. En de Liefde schiep het Vlees, en zond een scheut uit de wortel van Jesse, die niet door de modder was gevoed, en het Vlees was dat van het Vleesge...

aarde loslaten, omdat je als licht meer zult betekenen

Afbeelding
(Heilige Thérèse van Lisieux) 651.10-11 Maria zegt: 'De Eucharistie, die voor mij was als dauw voor een dorstige bloem, was inderdaad leven, maar hoe meer de tijd voorbij ging, hoe minder ze volstond om het onbedwingbare verlangen van mijn hart te stillen. Het was niet langer genoeg voor mij om mijn goddelijke Schepping in mij te ontvangen en Hem in mij te dragen in de heilige gedaanten, zoals ik Hem in mijn maagdelijk lichaam had gedragen. Helemaal in mij verlangde ik naar de Drie-enige God, maar niet onder de sluiers die mijn Jezus had gekozen om het onuitsprekelijke mysterie van het geloof te verbergen, maar zoals Hij was, is en zal zijn in het centrum van de hemel. Mijn Zoon Zelf, in Zijn eucharistische transportaties/vervoeringen, brandde mij met omhelzingen van oneindig verlangen, en ontwortelde - elke keer dat Hij tot mij kwam, met de kracht van Zijn liefde - bijna mijn ziel bij de eerste impuls. Waarna Hij mij met oneindige tederheid 'Moeder!' bleef noemen, en ik ...

Christus' offer zal kans vergroten op heiligheid en hemel

Afbeelding
-Kruisiging (Ugolino di Nerio)- -Val van Adam en Eva (Spanje, ca.950)- 452.6 Maria Valtorta: [...] "Vrees uw God niet met een onterechte vrees. Hij is een Vader, en een vader reikt altijd zijn wankelende kinderen de hand, biedt hulp om hen op te beuren, troost hen met zachte middelen, zodat hun moedeloosheid niet ontaardt in wanhoop, maar uitgroeit tot nederigheid, een verlangen om het goed te maken en geliefd terug te keren naar de Vader. Ziedaar. Het berouw van de zondaar, de bereidheid om het goed te maken, beide voortkomend uit een ware liefde voor de Heer, reinigen de vlek van schuld, en maken iemand waardig voor goddelijke vergeving. En wanneer Hij die tot u spreekt Zijn missie op aarde heeft volbracht,  zullen de absolutie van liefde, berouw en goede wil op de meest krachtige wijze worden aangevuld door de absolutie die Christus voor jullie heeft verkregen ten koste van Zijn offer. Zuiverder van ziel dan pasgeboren kinderen, veel zuiverder, want voor wie in Mij gelooft, ...

geloof van melaatse heilige is volmaakt - houdt stand ook als hij niet genezen wordt

Afbeelding
450.9 Maria Valtorta: '"Maar is hij het, die daar aankomt? Daar, tussen die struiken..." "Hij is het zeker. Maar wat een scherp zicht, Heer! Wij horen geritsel, maar zien niets..." Ook het geritsel houdt op.  Alles is stil en vol verwachting... Jezus staat goed in het licht, alleen, een beetje voorop, omdat Hij is opgeschoven naar de rots waar wat proviand is neergelegd. De anderen, in het schemerige licht van enkele bomen, verdwijnen en gaan op in de stammen en struiken van het kreupelhout. Zelfs de kinderen zwijgen, ofwel omdat ze slaperig zijn in de armen van hun moeders, ofwel omdat ze bang zijn van de stilte, van de graven,  van de bizarre schaduwen die de maan werpt, van de bomen en de rotsen. Maar de melaatse moet Hem zien, vanuit zijn schuilplaats, en goed zien. De hoge en plechtige gestalte van de Heer zien, helemaal wit in het maanlicht, prachtig. De vermoeide blik van de melaatse ontmoet ongetwijfeld de stralende blik van Jezus. Welke taal zal er kome...

om één rechtvaardige, wordt hele stad gespaard

Afbeelding
447.3 Maria Valtorta: '"Geef Mij een perkamentrol, Jaïrus. Ik zal hun uitleggen wat God wil. Jaïrus gaat naar de stapel met rollen en pakt er willekeurig een uit het midden van de stapel.  Nadat hij hem heeft afgestoft, geeft hij hem aan Jezus, die hem uitrolt en voorleest: Jeremia hoofdstuk 5 : 'Loop de straten van Jeruzalem door, kijk goed uit, zoek de pleinen af.  Als ge ook maar iemand kunt vinden, die zijn plichten vervult en oprecht wil leven, dan vergeef Ik de stad'...  etc. [...] Jullie hebben het gehoord. 'Als Ik iemand vind die rechtvaardig handelt, zal Ik hen genade bewijzen'... Werk er dáárom aan, dat harten tot gerechtigheid worden gebracht, en rechtvaardig worden."' 22 juni 1946

voor ál het heiligenbloed dat vergoten werd, zal dit geslacht ter verantwoording worden geroepen

Afbeelding
- Hypocrieten trappelen over Caiaphas (Goddelijke Komedie, Dante) - -Caiaphas in het Inferno (G. Doré)- 414.9 Maria Valtorta: 'En Ik zeg jullie dat God jullie oordeelt. En Hij oordeelt je door te zeggen: 'Wee jullie, schriftgeleerden! Want jullie belasten de mensen met ondraaglijke lasten en maken de vaderlijke Tien Geboden van de Allerhoogste tot een straf voor Zijn volk.' Hij had ze met liefde en uit liefde gegeven,  opdat de mens geleid zou worden door een rechtvaardige gids, de mens - het eeuwige, onvoorzichtige en onwetende kind. En jullie hebben,  in plaats van de liefdevolle banden waarmee God Zijn schepselen omarmde - zodat ze Zijn weg zouden kunnen volgen en Zijn hart zouden kunnen bereiken - hen bergen scherpe, zware, kwellende stenen opgelegd,  een doolhof van voorschriften, een nachtmerrie van gewetensbezwaren,  die de mens doen bezwijken, verdwalen, stilstaan ​ ​en God als een vijand doen vrezen.  Jullie verhinderen dat de harten van de mensen ...

vrouwtje had rol als offerziel aanvaard - nu beloond

Afbeelding
411.6 Maria Valtorta: '"Vrede zij met u, moeder! Hier zijn onze korenaren! Mijn metgezellen komen later met de hunne!" "God zegene U, zoon. Hoe hebt U er zoveel gevonden? Het klopt dat ik niet veel kan zien. Maar dit zijn echt twee schoven, grote... grote..." De oude vrouw raakt ze aan, haar trillende hand streelt ze,  ze wil ze optillen... maar kan het niet. "We zullen u helpen! Waar is uw huis?" "Dat huis!" Ze wijst naar een klein huisje achter de velden. "U bent alleen, hè?" "Ja. Hoe weet U dat? En U, wie bent U?" "Ik ben iemand die een moeder heeft." "Is dat Uw broer?" "Hij is Mijn vriend." De vriend maakt, vanachter Jezus' rug, grote gebaren naar de oude vrouw. Maar de oude vrouw, met troebele ogen, ziet ze niet. Ze is temidden van al het andere te zeer gefocust op Jezus. Haar oude moederhart wordt geraakt. "U zweet, zoon. Kom hier onder deze boom zitten. Ga zitten. Kijk eens hoe...

zaliger dan krijgen, is geven

Afbeelding
CDXI LESSEN UIT DE NATUUR EN WONDERBAARLIJKE OOGST VOOR EEN OUDE VROUW -HOE JE MENSEN DIE ZICH BEKEREN KUNT HELPEN- 411.1 Maria Valtorta: 'Jezus en Zijn discipelen trekken door een landschap dat goudkleurig is door de gewassen. Het is erg warm, hoewel het nog vroeg in de ochtend is. De maaiers maaien door de voren vol graanaren, en maken kuiltjes tussen het gouden graan. De sikkels glinsteren even in de zon,  verdwijnen tussen de hoge graanaren,  verschijnen even aan de andere kant weer,  en de handvol buigt en valt neer, alsof het moe is van het maandenlang rechtop staan ​​op de door de zon verwarmde aarde. Vrouwen lopen achter de maaiers aan en binden de schoven vast. Het landschap is overal druk met dit werk.  De oogst is zeer goed geweest en de maaiers juichen. Velen, wanneer de apostelgroep over de weg komt en dichtbij is, houden even stil,  leunend op hun sikkel en het zweet afvegend, en kijken toe,  net zoals de vrouwen die de korenschoven binden. In...

Jezus' opa Joachim gaf helft van oogst aan armen

Afbeelding
410.6 M. Valtorta: 'Bartholomeus voelt dat er weer een ruzie aankomt, en leidt die af door naar Jezus te roepen. "Meester! Is er nog niets voor ons?  Jij bent altijd een stap voor!" "Je hebt gelijk, Bartholomeüs. Maar we stoppen zo. Zie je dat huisje? Daar gaan we heen, want de zon is te fel. We gaan vanavond verder. We moeten ons haasten naar Jeruzalem, want Pinksteren staat voor de deur." "Waar hadden júllie het over?" vraagt ​​Judas Thaddeüs aan zijn broer. "O niks bijzonders! We waren begonnen over Jozef van Arimathea te praten, en uiteindelijk kwamen we uit op de oude boerderij van Joachim in Nazareth, en zijn gewoonte om, zolang dat kon, de helft van de oogst voor zichzelf te houden en de rest aan de armen te geven,  iets wat de oude mannen van Nazareth zich nog zo goed herinneren. Wat een onthechting, die twee rechtvaardigen, Anna en Joachim! Natuurlijk dat zij het wonder van een dochter, van de Dochter, mochten ervaren!... En met Jezus he...

niet vlees en verstand, maar géést dient gecultiveerd (basisgelijkenis met God moet heiligheid worden!)

Afbeelding
406.10 Maria Valtorta: 'De mens heeft een ziel. Eén. Ware. Eeuwige. Dame/Meesteres. Verdienstelijk voor beloning en straf. Die allemaal de hare zijn. Geschapen door God. Bestemd, in het scheppende Denken, om terug te keren tot God. Jullie, heidenen, wijden je te veel aan de cultus van het vlees. Een wonderbaarlijk werk, jazeker, waarop het teken van de eeuwige Duim staat. Jullie bewonderen het verstand/de rede te veel, juweel opgesloten in de kist van jullie hoofd,  vanwaaruit diens verheven stralen uitgaan. Een groot, hemels geschenk van God de Schepper,  die jullie volgens Zijn Denken gemaakt heeft als vormen,  d.w.z. volmaakt werken van organen en ledematen,  en jullie Zijn gelijkenis schonk met het Denken en met de Geest. Maar de perfectie van de gelijkenis ligt in de Geest. Want God heeft geen ledematen, en geen ondoorzichtigheid van vlees, net zomin als Hij zintuiglijkheid/zinnelijkheid of begeerte kent. Maar is de meest zuivere Geest, eeuwig, volmaakt, onveran...

zij die Messias ombrengen, wacht gerechtigheid

Afbeelding
402.6 Maria Valtorta: 'Ik, Barmhartigheid, ga niet zover dat Ik hen vervloek, met de vreselijke vloeken van Mozes tegen overtreders van de Wet. Maar achter Barmhartigheid staat Gerechtigheid. Laat iedereen dit onthouden! (G. Doré) Ik herinner zulke mensen eraan – en als er iemand van hen aanwezig is, laat hij deze waarschuwing met een goed hart ter harte nemen – dat Ik me andere woorden [ Num.16:4-7 ] van Mozes herinner, gesproken tot hen die meer wilden zijn dan God voor hen bedoeld had. Mozes zei tegen Korach, Dathan en Abiram , die beweerden heiligen te zijn zoals Mozes en Aäron, maar in opstand kwamen tegen het feit dat ze slechts zonen van Levi waren onder het volk Israël: 'Morgen zal de Heer openbaren wie Hem toebehoort, en Hij zal de heiligen tot Zichzelf naderen; zij die Hij heeft uitverkoren, zullen tot Hem naderen. Steek vuur aan in uw wierookvat en wierook op het vuur voor de Heer, en kom, gij en de uwen, met Aäron. Dan zullen we zien wie de Heer uitkiest. Gij verh...

allen in Bethzur zijn uitverkoren 'volk' om door getuigenis 'Godskinderen' te maken - wereldwijd

Afbeelding
399.3 Maria Valtorta: 'Jezus begint onmiddellijk te spreken. "Inwoners van Bethzur, luister!  Vorig jaar heb Ik jullie verteld wat er gedaan moet worden om het Koninkrijk van God te verkrijgen. Nu bevestig Ik het jullie, zodat jullie niet verliezen wat jullie verkregen hebben. Dit is de laatste keer dat de Meester zo tot jullie spreekt, tot een bijeenkomst waar niemand ontbreekt. Daarna zal Ik je eventueel opnieuw ontmoeten, bij toeval,  elk apart, of in kleine groepjes, op de wegen van ons aardse vaderland. Later, nog later, zal Ik jullie kunnen zien in Mijn Koninkrijk. Maar het zal nooit meer zijn zoals nu. In de toekomst zullen er vele dingen worden gezegd, over Mij, tegen Mij, over jullie en tegen jullie. Ze zullen jullie willen terroriseren. Ik zeg jullie, samen met Jesaja [ 43:1 ] :  wees niet bang,  want Ik heb jullie verlost, en je bij naam geroepen. Alleen zij die Mij willen verlaten, zullen reden hebben om bang te zijn. Niet zij die, omdat ze trouw zijn, ...

als God in ons woont, zullen wij in God wonen

Afbeelding
CCCXCVII AFSCHEIDSREDE TOT DE GELOVIGEN VAN JUTTAH 397.1 Maria Valtorta: 'Jezus spreekt op een stille ochtend tot de mensen van Juttah. O! Je zou werkelijk kunnen zeggen dat heel Juttah aan zijn voeten ligt. Ook de herderskinderen, die gewoonlijk verspreid over de berghellingen te vinden zijn, zijn er, aan de rand van de menigte, met hun schapen. Ook die die gewoonlijk elders heen gaan, naar de velden, de bossen, de markten, zijn er. En kijk, daar zijn de zwakke oude mannen! En daar, vlak om Jezus heen, de lachende kleintjes! En daar, de jonge meisjes! En daar, de pasgetrouwden! En daar, zij die op het punt staan ​​te bevallen! En daar, zij die hun baby's aan de borst houden! Heel Juttah! De berguitloper die naar het zuiden uitsteekt, is het amfitheater, dat deze serene bijeenkomst van mensen verwelkomt. Zittend in het gras of schrijlings op de droge stenen muur, met de wijde horizon om hen heen, de oneindige hemel boven hen, de beek beneden die lacht en glinstert in de ochten...

jongetje Michaël was altijd goed voor Ananias

Afbeelding
385.2 Maria Valtorta: 'Niemand zegt wat. Slechts één jongetje, dat zeven schapen naar de rivier leidt, vraagt aan ​​de oude man: "Waar ga je heen, Ananias? Verlaat je het dorp?" "Ik ga met de Rabbi mee.  Maar ik keer met Hem terug. Ik ben zijn dienaar." "Nee. U bent Mijn vader! Iedere oude rechtvaardige is een vader en een zegen voor de plaats die hem onderdak biedt en voor hen die hem helpen. Gezegend zijn zij die de ouderen liefhebben en eren!" zegt Jezus met een plechtige uitdrukking. Het jongetje kijkt Hem angstig aan, en mompelt dan: "Ik heb Ananias altijd een beetje van mijn brood gegeven..." alsof hij wil zeggen: "Verwijt mij niets, want dat verdien ik niet." "Zeker! Michaël was goed voor mij! Hij was een vriendje van mijn kleinkinderen... en hij bleef ook een vriend van hun grootvader. Zijn moeder is ook niet slecht en ze zou helpen. Maar ze heeft elf kinderen, en die leven allemaal van de visserij..." Enkele vrouw...

alleen rijk aan geld, enkel jong qua lijf?... dán zul je bang zijn voor de dood

Afbeelding
383.5 Maria Valtorta: '"Vrede zij met jullie allen! Zeer zeker mishaagt de dood de rijken en de jongeren, die enkel rijk en jong zijn in geld en in jaren. Maar zij die rijk zijn in deugd, en die jong zijn door zuiverheid van moraal,  die hebben geen afkeer van de dood. De waarlijk wijze mens, vanaf het moment dat hij het vermogen tot rede verwerft, gedraagt ​​zich zodanig dat hij vredig zal sterven. Het leven is de voorbereiding op de dood, net zoals de dood de voorbereiding is op het grotere Leven. De waarlijk wijze mens, vanaf het moment dat hij de waarheid van leven en sterven begrijpt, van het sterven om te worden opgewekt, streeft er op alle mogelijke manieren naar zich te ontdoen van al het nutteloze en zich te verrijken met al het nuttige, d.w.z. met deugden en goede daden, zodat hij een overvloed aan goede dingen heeft voor Hem die hem tot Zich zal roepen om hem te oordelen, te belonen of te straffen naar volkomen rechtvaardigheid. De waarlijk wijze mens leidt een leve...

slachtofferziel doet meer dan zorgen voor eigen hemel

Afbeelding
376.3 Maria Valtorta: "Doe méér, Mijn vriend! Het is al veel om je erbij neer te leggen en de pijn te lijden. Maar geef het een nog grotere waarde." "Welke waarde, mijn Heer?" "Bied het aan voor de verlossing van de mensheid." "Ook ik ben maar een arme mens, Meester. Ik kan er niet naar streven een verlosser te zijn." "Dat zegt jij wel, maar je vergist je. God is mens geworden om de mensheid te helpen. Maar mensen kunnen God helpen! De werken van de rechtvaardigen zullen verenigd worden met de Mijne in het uur van de Verlossing. Van de rechtvaardigen, eeuwen geleden al gestorven, nu levend of in de toekomst. Voeg jij nu het jouwe toe, vanaf vandaag.   Het is zo mooi om jezelf te verenigen met de oneindige Goedheid, eraan toe te voegen wat wij van onze beperkte goedheid kunnen geven en te zeggen: "Ook ik werk mee, O Vader, voor het welzijn van mijn broers en zussen." Er kan geen grotere liefde zijn, voor de Heer en voor onze naaste...

ook Romeinse Plautina en haar vriendinnen welkom

Afbeelding
-Romeinse vrouw met slavin ( Pierre Olivier Joseph Coomans )- 370.5 Maria Valtorta: '"Zijn er veel vrouwelijke discipelen? "O! Al degenen die in Jeruzalem aanwezig zijn!... Maar... Heer... misschien heb ik gezondigd... Ik wil Jou iets in het geheim vertellen." "Breng me naar een afgelegen plek." De twee gaan alleen een kamer binnen die, gezien het overal verspreide speelgoed, vermoedelijk de speelkamer van Maria en Matthias is. "Wel, Johanna?" "O mijn Heer, ik was vast onbezonnen... Maar de daad kwam zo spontaan op, zo impulsief! Chusas heeft me erom berispt. Maar inmiddels... Een slavin van Plautina kwam naar de Tempel met een tablet. Zij en haar metgezellinnen vroegen of het mogelijk was Jou te zien. Ik antwoordde: "Ja hoor. Vanmiddag bij mij thuis!" En nu zullen ze komen... Heb ik iets verkeerds gedaan? O! Niet omwille van Jou!... Maar omwille van de anderen, voor hen die allemaal Israëlieten zijn... en niet zó lief hebben zoal...