Posts

Er worden posts getoond met het label naaktheid

tot moeder van bezetene: 't was niet hij die sprak...

Afbeelding
420.7 Maria Valtorta: 'Maar Jezus, die zich over de neergeslagen man had gebogen en hem bij de hand had genomen, keert Zich om, nog steeds gebogen, met de hand van de bevrijde man in de Zijne, en zegt: "Komen jullie. Wees niet bang!" De mensen komen angstig dichterbij. "Hij is genezen. Breng een gewaad." Eén van hen rent weg. De man komt langzaam bij.  Hij opent zijn ogen en kijkt Jezus aan.  Hij is rechtop gaan zitten.  Met zijn vrije hand veegt hij het zweet, het bloed en het speeksel weg,  gooit zijn haar naar achteren en bekijkt zichzelf.  Hij ziet zichzelf naakt voor zo'n menigte, en schaamt zich.  Hij krimpt ineen en vraagt: "Wat is er gebeurd? Wie bent U? Waarom ben ik hier? Naakt?..." "'t Is niets, vriend. Ze zullen je nu kleren brengen en dan kun je naar huis terugkeren." "Waar kom ik vandaan? En waar komt U vandaan?" Hij spreekt met de vermoeide, bleke stem van een zieke. "Ik kom van het Meer van Galilea....

met wilde honing, na frisse duik, de woestijn door

Afbeelding
388.3 Maria Valtorta: 'De heuvels kleuren inderdaad minder onheilspellend groen, hoewel ze weinig schaduw bieden en bedekt zijn met kort gras.  Toch zijn ze geurig en bezaaid met bloemen als een kleurrijk tapijt.  Bijen smullen ervan en vliegen dan naar de grotten die verspreid liggen langs de berghellingen.  Daar, onder hangende gordijnen van klimop en kamperfoelie,  leggen ze hun honing in natuurlijke bijenkorven. Simon Zeloot gaat naar een grot  en komt eruit met honingraten vol gouden honing.  En gaat naar een andere, en nog een, totdat hij genoeg heeft voor iedereen.  Hij biedt de zoete, draderige honing aan de Meester en zijn vrienden aan, die er graag van eten. "Was er maar brood! Wat is dit lekker!" zegt Thomas. "O! Zelfs zonder brood is het lekker!  Beter dan de korenaren van de Filistijnen.  En... laten we hopen dat er geen Farizeeër komt, die ons vertelt dat we ze niet mogen eten!" zegt Jakobus van Zebedeüs. Ze gaan zo etend ver...

met neef Jakobus de Karmel op 3

Afbeelding
-Jezus met Johannes (14e eeuw)- 257.3 Maria Valtorta: '"Laten we nu bramen en bosbessen plukken voor onze magen en ons verfrissen bij een bron die Ik beneden hoorde. Laat je mantel in de grot achter. Niemand zal hem nemen." En samen met zijn neef waagt hij de sprong, plukt wild fruit van de struiken in het kreupelhout, en dan, een paar meter lager, aan de overkant van waar ze vandaan kwamen,  vullen ze hun veldflessen, het enige wat ze bij zich hadden,  bij een kabbelende bron die onder een wirwar van wortels ontspringt, en wassen zich om af te koelen van de hitte, die ondanks de hoogte nog steeds sterk is. Dan klimmen ze terug naar hun plateau, en terwijl de lucht op de top rood kleurt, getroffen door de zon die in het westen bijna ondergaat, eten ze wat ze verzameld hebben, en drinken nog wat, glimlachend naar elkaar, als twee blije kinderen, of als twee engelen. -idem- Nog een paar woorden: een herinnering aan hen die op de vlakte zijn achtergebleven, een uitroep van b...

jonge Aglaë hield van mimespel

Afbeelding
168.3 Maria Valtorta: 'Maar de gesluierde vrouw komt overeind, en wil haar zo toespreken. Ze begint langzaam: - Schip (Archimedes van Syracuse, 240 v.Chr.) ... - "Ik kom uit Syracuse   [Grieks, nu Sicilië] ... Ik ben zesentwintig jaar oud... Ik was de dochter van een intendant, zouden jullie zeggen, wij zeggen de procurator van een grote Romeinse heer. Ik was enig kind. Ik leefde gelukkig. Wij woonden vlakbij de jachthaven, in de prachtige villa waarvan mijn vader de rentmeester was. Zo nu en dan kwam de eigenaar van de villa, of zijn vrouw en de kinderen... Ze behandelden ons goed en waren goed voor me. De meisjes speelden met me... Mijn moeder was gelukkig... ze was trots op me. Ik was mooi... Ik was intelligent... alles ging me makkelijk af... Maar ik hield meer van frivole dingen dan van de goede. In Syracuse is een groot theater . Een groot theater... Prachtig... enorm... Het wordt gebruikt voor spelen en voor komedies... In de komedies en tragedies die er worden opgevoer...

grotervaring: God-Bruidegom trekt Bruid tot zich

Afbeelding
165.4 Maria Valtorta: '"Wat weet jij meer dan de anderen?" "Wat de Heer mij in deze grot vertelde! Zie je, ik ben nooit tot Jou gekomen... en ik denk dat mijn metgezellen zeiden dat dit ongevoeligheid en trots was. Maar het kan me niet schelen wat ze denken. Ik weet dat Jij de waarheid kent. Ik ben niet naar Jezus Christus gekomen, de vleesgeworden Zoon van God; maar dat wat Jij bent, in de schoot/boezem van het Vuur dat de eeuwige Liefde is van de Allerheiligste Drie-eenheid, de Natuur, de Essentie, de ware Essentie ervan... – o! dat ik niet alles zeggen kan wat ik ook heb begrepen in deze donkere, donkere grot die zo vol lichten voor mij is geworden, in deze koude grot, waarin ik ben verbrand door een vuur zonder gezicht, maar dat is afgedaald in mijn diepten en ze heeft verlicht met een zoet martelaarschap, in deze grot zonder stem, maar die mij heeft toegezongen over hemelse waarheden – ...maar dat wat Jij bent, Tweede Persoon van het onuitsprekelijke Mysterie da...

grotervaring: God-Moeder baart ons in de hemel

Afbeelding
165.3 Maria Valtorta: '"Laten we nu die andere zonen van Mij gaan wakker maken!" zegt Jezus en Hij daalt af, want Zijn grot is de hoogste . Hij gaat elke grot één voor één binnen, en roept de twaalf slapers bij naam. Simon, Bartholomeüs, Filippus, Jakobus en Andreas antwoorden onmiddellijk. Mattheüs, Petrus en Thomas pas later. En terwijl Judas Thaddeüs, al klaar en goed wakker, Jezus tegemoet gaat zodra hij Hem bij de drempel ziet komen, slapen de andere neef, en met hem Iskariot en Johannes, vast, zo vast dat Jezus hen op hun bed van bladeren moet schudden om ze wakker te maken. Johannes, de laatste die geroepen wordt, slaapt zo diep, dat hij zich niet kan herinneren wie hem roept, en in de nevelen van zijn half onderbroken slaap, mompelt hij met zijn lippen: "Ja, moeder. Ik kom meteen..." Maar draait zich dan weer om. Jezus glimlacht, gaat op de ruwe stromatras zitten, gemaakt van bladeren die in het bos zijn verzameld, buigt zich voorover en kust Zijn Johan...

Jezus onthult: Johannes werd zonder erfzonde geboren (derhalve wijs, net als Maria)

Afbeelding
127.5 Maria Valtorta: "De laatste Profeet van Israël is niet degene die uit de hemel neerdaalt, maar degene die, gezegend met goddelijke gaven vanaf de baarmoeder van zijn moeder - jullie weten dat niet, maar Ik zeg het je - het dichtst bij de hemel komt." Vertelt Jezus. "Wat? Wat? Oh! vertel! Hij zegt over zichzelf: 'Ik ben de Zondaar.'" De drie herders zijn nieuws-gierig en de discipelen zijn net zo nieuwsgierig. "Toen de Moeder mij droeg, zwanger van Mij-God, ging zij - omdat zij de Nederige en Liefdevolle is - de moeder van Johannes dienen, haar nicht van moederszijde, en zwanger op hoge leeftijd. De Doper had zijn ziel al , omdat hij zich in de zevende maand van zijn vorming bevond. En het zaad van de mens, ingesloten in de baarmoeder van de moeder, sprong op van vreugde bij het horen van de stem van [Maria] de Bruid van God. Ook hierin was hij een voorloper, ging hij de verlosten voor, omdat van schoot tot schoot de Genade uitstroomde en doordro...

Hem volgen, is al het menselijke afleggen

Afbeelding
-Jezus in het Praetorium (Jan Gossart)- 106.12-13 Jezus zegt (tegen Maria Valtorta): "De menselijkheid van de apostelen! Zoveel nog! Ik droeg ze in Mijn armen, om hen naar de hemel te verheffen, die rotsblokken, die zwaar op de grond drukten. Zelfs zij die zichzelf niet zagen als dienaren van een aardse koning, zoals Judas Iskariot, zij die er niet aan dachten, zoals hij, om zo nodig in Mijn plaats de troon te bestijgen, zelfs zij... waren toch altijd nog uit op roem. De dag kwam dat Mijn Johannes en zijn broer ook naar deze glorie verlangden, die mensen verblindt als een fata morgana, zelfs in hemelse zaken. Niet het heílige verlangen naar het Paradijs, dat Ik wil dat je krijgt. Maar ménselijk verlangen, dat je heiligheid bekend moge worden. Niet alleen dat, maar hebzucht als die van geldwisselaars, van woekeraars, die, voor het beetje liefde dat aan Hem gegeven wordt - van wie Ik je vertelde dat je álles van jezelf moet geven - wel een plaats aan Zijn Rechterhand in de hemel ope...

Kind Jezus zegent

Afbeelding
-Aanbidding der Wijzen (L. Cambiaso)- 34.9 Maria Valtorta: 'Dan geven de drie het Kind terug aan Maria en staan ​​op. Maria staat ook op. Ze buigen voor elkaar, nadat de jongste een bevel heeft gegeven aan de bediende, die naar buiten gaat. De drie praten nog wat verder. Ze kunnen zichzelf er niet toe brengen dat huis te verlaten. Tranen van emotie staan ​​in hun ogen. Uiteindelijk gaan ze naar de uitgang, vergezeld door Maria en Jozef. Het Kind wil mee naar beneden gaan en Zijn Handje geven aan de oudste van de drie, en loopt dus mee, vastgehouden door de hand van Maria en de Wijze, die zich bukken om Hem vast te houden. Jezus heeft nog steeds de onzekere tred van een kind en lacht, terwijl Hij met Zijn Voetjes tikt op de streep die de zon op de vloer maakt. Wanneer ze de drempel bereiken - we mogen niet vergeten dat de kamer net zo lang was als het huis - nemen de drie afscheid, knielen opnieuw en kussen nogmaals de Voetjes van Jezus. Maria, die zich over de Kleine buigt, pakt Zi...

Maria kuis in het wit

Afbeelding
-Aanbidding der Wijzen (Leonardo da Vinci, detail)- 34.6 Maria Valtorta: 'Maria zit met het Kind op schoot en Jozef staat vlakbij hen. Maar zij staat ook op, en maakt een buiging, van zodra de drie magiërs binnenkomen. Ze is geheel in het wit gekleed. Zo mooi, in haar eenvoudige witte jurk die haar bedekt vanaf de wortel van de nek tot aan haar voeten, van haar schouders tot aan haar slanke polsen... zo mooi, met haar hoofdje gekroond met blonde vlechten, haar gezicht dat van emotie levendiger roze wordt, haar ogen die lieflijk glimlachen, de mond die opengaat bij de begroeting: "God zij met jullie"... dat het drietal even stilstond. Dan gaan ze verder en werpen zich aan haar voeten neer en vragen haar om te gaan zitten. Dat doen ze zelf niet, ze zitten niet, hoe vaak Zij hen ook smeekt om dat te doen. Zij blijven op hun knieën zitten, ontspannen op hun hielen. Achter hen, eveneens op hun knieën, bevinden zich ​​de drie bedienden, vlak voorbij de drempel. Ze hebben de dri...

gelijkend op haar vader, Joachim

Afbeelding
-H. Joachim & Maria (onbekende meester)- 5.5 Maria Valtorta: 'De vrouwen arriveren verheugd met een roze pluizenbol tussen witte doeken. Het is Maria, la Mamma! Een klein Mariaatje, dat op de armen van een kind zou kunnen slapen, een Mariaatje zo lang als een arm hooguit, een klein hoofdje van ivoor, lichtroze geverfd, en met karmijnrode lippen, die niet meer huilen, maar de instinctieve beweging van zuigen maken, zo klein dat je niet weet hoe ze een tepel kunnen pakken, een klein neusje tussen twee ronde wangetjes en als ze haar plagen, laten ze haar de ogen openen, twee kleine stukjes hemel, twee onschuldige en blauwe stipjes die kijken en niet zien, tussen dunne wimpers, en bijna rozeblond, zo blond is ze. Zelfs de kleine haartjes, op het kleine ronde hoofdje, hebben de rozeblonde glans van bepaalde honingsoorten die bijna wit zijn. Haar oren, twee roze en transparante schelpjes, perfect. En de kleine handjes... wat zijn die twee kleine dingen die naar lucht happen en dan na...