Posts

Jezus is Lam en Herder - geen wolf, geen krijger

Afbeelding
461.4 Maria Valtorta: '"Matthias zal deze dingen nooit meer zeggen. Hij belooft het Mij en zal het nakomen. Nietwaar? Zo zal hij niet verslonden worden, en Johanna en Maria zullen niet sterven van verdriet, en Chusas zal niet ongerust worden en Ik zal niet gehaat worden. Want zie je, Matthias? Door deze dingen te zeggen, doe je Mij gehaat worden. Zou je het fijn vinden dat Jezus vervolgd wordt? Stel je voor hoe berouwvol je zou zijn, als je op een dag tegen jezelf zou zeggen: 'Ik heb Jezus, die mij gered heeft, laten vervolgen, en dat allemaal omdat ik herhaald heb wat ik per toeval heb gehoord.' Dat waren mannen. En mannen verliezen God vaak uit het oog, omdat ze zondaren zijn. Omdat ze God niet zien, zien ze ook geen Wijsheid, en maken ze fouten, zelfs met goede bedoelingen, of met wat ze denken dat goed is. Maar kinderen zijn goed. Hun geest ziet God, en God woont in hun hart. Daarom moeten zij de dingen met wijsheid begrijpen, en zeggen dat Mijn Koninkrijk niet doo...

kleine Matthias verraadt samenzwering die heeft plaatsgevonden

Afbeelding
-De samenzwering v/d Bataven (Rembrandt)- 461.3 Maria Valtorta: '"Mama is binnen in huis, met haar vriendinnen. En dus sturen ze ons weg, omdat ze ons niet willen hebben," legt Matthias botweg uit. "Gebruik niet zulke harde woorden.  Mama stuurt ons weg omdat die dames Romeins zijn,  en nog steeds over hun goden praten, en wij, Jezus' geredden, moeten alleen Hem kennen.  Daarom is het, Heer. Matthias is te jong en begrijpt het niet," zegt ze,  gracieus in de wijsheid van een kind dat heeft geleden  en daarom volwassener is dan haar leeftijd doet vermoeden. "Vader stuurt ons ook weg, als de mannen van het hof komen.  En dat vind ik fijn, want het zijn bijna allemaal soldaten... krijgers...  Oorlog! Oorlog is mooi! Je wint ermee! Je verdrijft de Romeinen.  Weg met Rome! Leve het Koninkrijk Israël!"  roept het jongetje trots. "Oorlog is niet mooi, Matthias,  en vaak wordt een oorlog niet gewonnen,  en dan worden we van onderdanen slave...

Jezus voor gesloten hek van Johanna's rozentuin

Afbeelding
461.2 Maria Valtorta: 'In de grote tuin, waar de volhoudende rozen nog steeds, zij het zeer spaarzaam, bloeien, is niemand te zien. Maar de vrolijke kreten van de twee spelende kinderen zijn te horen. Jezus probeert de grendel op te schuiven door Zijn hand door het krulwerk van het hek te stoppen. Maar het lukt niet. Hij zoekt naar iets dat geluid zou kunnen maken en de aandacht zou kunnen trekken. Maar er is niets. Daarna, van zodra Hij de stemmetjes van de twee kinderen dichterbij hoort komen, roept Hij luid: "Maria!" De beide stemmetjes verstommen plots... Jezus herhaalt: "Maria!"... En kijk, daar, midden op het gazon, dat als een tapijt is gemaaid en waar de goed verzorgde rozenstruiken uit tevoorschijn komen, verschijnt het kleine meisje met korte, voorzichtige pasjes, een vinger op haar lippen, haar nieuwsgierige ogen alle kanten op kijkend, en vervolgens, een paar stappen terug, gevolgd door een klein lammetje zo wit als schuim, zie daar is Matthias. ...

aankomst met twee Maria's in Tiberias

Afbeelding
CDLXI EEN COMPLOT OM JEZUS TOT KONING TE VERKIEZEN DE GRIEK ZENO, EN DE BRIEF VAN SYNTYCHE MET HET NIEUWS VAN DE DOOD VAN JOHANNES VAN ENDOR 461.1 Maria Valtorta: 'Tiberias heeft al zijn inwoners naar de oevers van het meer gestuurd, of zelfs naar het meer zelf, om verkoeling te zoeken in de bries die over het water waait en die de planten in de tuinen langs de oever laat wiegen.  Terwijl de rijken van deze stad - waar vele rassen, om verschillende redenen bijeen gekomen, vermengd zijn - zich vermaken in comfortabele plezierboten, of vanuit de groene schaduwen van hun tuinen de boten gadeslaan op het turquoise water, dat al gezuiverd is van de gele gloed van de stortbuien van de avond tevoren, spelen de armen, vooral de kinderen, op het strand, waar de golven bedaren, en hun gegil, veroorzaakt door het koude water dat hen hoger raakt dan ze bedoeld hadden, klinkt als het geroep van zwaluwen. De boten van Petrus en Jakobus naderen de oever,  en varen naar de aanlegsteiger. "Nee...

Maria zal wéten wanneer het uur daar is

Afbeelding
[later, in Kafanaüm...] 460.10 Maria Valtorta: '"Moeder, kom mee met Mij naar boven. Wij zullen deze uren samen doorbrengen." Maria volgt Hem zwijgend.  Ze gaan de bovenkamer binnen,  koel en schaduwrijk door de wijnranken die er groeien  en de gordijnen die schaduw bieden. "Ga je weg, mijn Jezus?!"  Maria is erg bleek. "Ja. Het is tijd." "En moet ik niet naar het Loofhuttenfeest komen? Mijn zoon!..."  Maria snikt. "Moeder! Waarom? Het is niet de eerste keer dat we uit elkaar gaan!" "Nee. Dat is waar. Maar... O! Ik herinner me wat Je mij vertelde in het bos bij Gamla ... Mijn zoon! Vergeef een arme vrouw. Ik zal Jou gehoorzamen... Ik zal met Gods hulp sterk zijn... Maar ik wil een belofte van Jou..." "Welke, Moeder van Mij?" "Dat Je dit vreselijke uur niet voor mij zult verbergen.  Niet uit medelijden, niet uit wantrouwen jegens mij...  Dat zou te pijnlijk zijn... en te veel kwelling... Pijnlijk omdat...  ik...

Kerk al in bos bij Gamla aan Maria toevertrouwd

Afbeelding
455.5 Maria Valtorta: 'Ja. Geen van hen begrijpt het... Het is niet hun schuld. Het is Satan die de rook schept zodat ze niet kunnen zien, en als dronken zijn en het niet begrijpen, en daarom onvoorbereid zijn... en makkelijker te verleiden... Maar jij en Ik zullen hen redden ondanks Satans valstrik. Vanaf nu vertrouw Ik hen toe aan jou, Mijn Moeder. Herinner je deze woorden van Mij: aan jou vertrouw Ik hen toe. Aan jou geef ik Mijn erfdeel. Ik heb niets op aarde, behalve een Moeder - en die offer Ik aan God: Hostie met de Hostie - en Mijn Kerk - en die vertrouw Ik toe aan jou. Wees haar Voedster/Voedende Moeder. - Een moment geleden dacht Ik na over hoe vaak de man van Keriot door de eeuwen heen herboren zal worden met al zijn gebreken. En ik bedacht dat ieder die niet Jezus was, hem zou verwerpen, dit gebrekkige wezen.  Maar Ik zal hem niet verwerpen.  Ik ben Jezus ['Redder/God redt'...] . Jij, in de tijd dat je op aarde zult blijven, tweede na Petrus in de kerkelijke hië...

offer voor Maria's volle genade al door God voorbereid

Afbeelding
[Eerder, vóór Afeka , nabij  Gamla ...] 455.4 Maria Valtorta 'Beiden - de apostelen en de vrouwen - worstelen om wakker te worden, zo moe zijn ze. Maar Maria is wakker, alleen vastgehouden door het kind dat slaapt, tegen haar borst aan, zijn hoofdje onder Maria's kin. En de Moeder, die haar Jezus in de deuropening van de grot ziet verschijnen, glimlacht Hem toe met haar lieve blauwe ogen, die rood kleuren van vreugde bij het zien van Hem. En ze maakt zich los van het kind, dat een beetje jammert omdat het wordt verplaatst, en staat op en gaat naar Jezus toe met haar stille, zacht wiegende pas als een bescheiden duif. "God zegene Jou, mijn Zoon, vandaag." "God zij met je, Moeder. Was de nacht zwaar voor jou?" "Helemaal niet. Sterker nog, ik was heel gelukkig. Het voelde alsof ik Jou, mijn Kleine, in mijn armen hield... En ik droomde dat er een rivier van goud uit Je mond stroomde, die een onbeschrijflijk zoet geluid voortbracht, en een stem zei...oh! wa...