Posts

Er worden posts getoond met het label tevredenheid

Petrus corrigeert Judas: even apart lopen, jij

Afbeelding
410.2 Maria Valtorta: 'Maar Petrus is zijn geduld kwijt en zegt met knarsende tanden en gebalde vuisten: "Luister, jongen. Eén ding is goed om tegen jou te zeggen:  ga even apart zitten..." "Ik? Apart zitten? Op jouw bevel? Alleen de Meester kan mij bevelen, en ik gehoorzaam Hem alleen. Wie ben jij? Een arme..." "Visser, onwetend, onbeschaafd, nietsnut... Je hebt gelijk...Dat zeg ik liever tegen mezelf dan dat jij het zegt. En voor onze alomtegenwoordige en alziende Jehovah getuig ik, dat ik liever de laatste dan de eerste zou zijn. Getuig ik dat ik jou, ieder ander, liever in mijn positie zou zien, maar jou meer dan wie ook, opdat je bevrijd zou worden van het monster van jaloezie  dat je onrechtvaardig maakt, en alleen nog maar jou zou moeten gehoorzamen,  jou gehoorzamen, mijn jongen... En geloof me, dat het mij minder moeite zou kosten dan met jou te moeten praten als... eerste. Maar Hij, de Meester, heeft mij 'eerste' onder jullie gemaakt... En...

mensen stromen toe, met giften, om naar Jezus te luisteren

Afbeelding
-Adoratie door de herders (Jacob Jordaens)- 405.5 Maria Valtorta: 'Ondertussen zijn de uren verstreken. Het huis komt weer tot leven. De stemmen van vrouwen, kinderen en mannen zijn te horen. En een moeder roept: "Michaël! Michaël! Waar ben je?" En ze kijkt angstig naar buiten, naar de ondiepe put,  met een vreselijke gedachte in haar hart. "Wees niet bang, mevrouw. Uw zoon is bij Mij." "O! Ik was bang... Hij houdt zo veel van water..." "Hij is inderdaad gekomen naar het Levende Water dat uit de hemel neerdaalt om de mensen leven te geven." "Hij heeft U gestoord... Hij is zo zachtjes weggegleden, dat ik het niet hoorde..." verontschuldigt de vrouw zich. "O nee! Hij heeft Mij niet gestoord. Hij heeft me getroost! Kinderen doen Jezus nooit pijn." De mannen en de andere vrouwen komen dichterbij. Het hoofd van het gezin zegt: "Kom binnen en verkwik Uzelf. En vergeef ons, dat we U niet tot heer van ons huis hebben benoemd,...

avondmaal aan zee, in simpele vissershutjes

Afbeelding
250.3 Maria Valtorta: 'En vermengd, apostelen en discipelen —en het spreekt vanzelf hoe blij velen van hen waren, vooral die die Jezus al goed kennen— keren ze terug naar de stad, over de rand ervan heen, tot ze het verste punt van de baai bereiken, die als een gebogen arm de zee in steekt. Daar staan een paar hutten, verspreid langs de korte, kiezelachtige kust, die het meest ellendige stuk van de stad vertegenwoordigen, het meest ontvolkte en dunbevolkte gedeelte. Hier enkele kleine huisjes — kubussen van muren die afbrokkelden door zout en ouderdom—allemaal gesloten, en wanneer de discipelen ze openen, tonen ze hun rokerige ellende, hun inrichting gereduceerd tot het absolute minimum. "Kijk eens! Ze zijn heel comfortabel en schoon, al zijn ze niet mooi," zegt Isaak, die de honeurs waarneemt. "Niet mooi nee, arme zielen. Aqua Speciosa was er een paleis bij. En dan waren er nog die klaagden!..." moppert Petrus. "Maar voor ons zijn ze een zegen!" ...

hoeveel vrede... na de bevrediging

Afbeelding
174.10 M. Valtorta: '"Daarom, kinderen van God, bewaak jezelf tegen jezelf. Monitor jezelf voor alle verleidingen. Verzocht wórden is niet slecht. Een atleet bereidt zich met strijd voor op de overwinning. Maar kwaad is het te worden overwonnen, door onvoorbereid en onoplettend te zijn. Ik weet dat alles dient om te verleiden. Ik weet dat verdediging zenuwslopend is. Ik weet dat vechten vermoeiend is. Maar bedenk eens wat deze dingen jullie opleveren. En zou je voor een uur plezier, van welke aard ook, een eeuwigheid van vrede willen verliezen? Wat laat het jullie na, het genoegen  van vlees, van goud en van (schone) gedachten? Niets! Wat levert het je op om ze te verwerpen? Alles! Ik spreek tot zondaars, omdat de mens een zondaar is. Welnu, vertel me eerlijk: nadat je je zinnen, of je trots, of je hebzucht hebt bevredigd, hebben jullie je dan verser/frisser/fitter, of vrolijker, of veiliger gevoeld? Voelden jullie je in het uur dat volgt op de bevrediging, en dat altijd een u...

preken in lege stal?... no way, zegt Judas

Afbeelding
118.5 Maria Valtorta: '"Ga Je vandaag preken?" vraagt ​​Jakobus van Zebedeüs. "Ja. Tussen het zesde en negende uur. Jullie kameraden hebben dat verteld. Laten we dus snel eten!" Niet veel later zet Johannes het brood op tafel, maakt de stoelen klaar, brengt de bekers en de amforen, en Thomas brengt de gekookte groenten en de geroosterde vis. Jezus zit in het midden, hij offert en zegent, en deelt uit en iedereen eet er smakelijk van. - Ze zijn nog aan het eten als er ineens mensen in de tuin verschijnen. Petrus staat op en loopt naar de deur: "Wat willen jullie?" "De rabbi. Spreek Hij niet hier?" "Toch wel. Maar Hij eet nu, omdat Hij ook een mens is. Ga daar zitten en wacht!" - Het kleine groepje gaat onder het simpele afdak zitten. "Maar het wordt koud, en het zal vaak regenen... Ik denk dat het goed zou zijn om die lege stal te gebruiken. Ik heb hem goed schoongemaakt, de kribbe kan de kruk zijn..." "Maak geen flauw...

eieren, brood, vis... maar Judas moppert

Afbeelding
118.3 Maria Valtorta: 'Er verstrijkt enige tijd, en dan komen tegelijkertijd Isaak binnen, met een paar eieren en een mand vol geurige broden, en Andreas met een paar vissen in een fuik. "Hier!" zegt Isaak. "Dat stuurt de rentmeester jullie! En hij vraagt of er nog iets nodig is. In opdracht." "Zie je wel dat niemand van honger zal sterven?" vraagt ​​Thomas aan Iskariot. En dan zegt hij: "Geef mij de vis, Andreas. Wat mooi! Maar hoe bereid je die? Ik weet niet hoe ik dat hier moet doen..." "Ik regel het wel!" zegt Andreas, "ik ben een visser!" en hij loopt naar een hoekje om de nog levende vis te doden en er de ingewanden uit te verwijderen. "De Meester komt eraan! Hij maakte een rondrit door het dorp en de velden. Je zult zien dat er binnenkort mensen komen: Hij heeft al een ooglijder genezen! En overigens had ik al door deze landschappen gereisd en wisten ze..." "Eh! Ja hoor! Ik, ik!... Al de herders... Wi...

nu Hém volgen !

Afbeelding
-Doop van Christus (Piero della Francesca)- -Annuncitatie (Piero della Francesca)- 45.7 Jezus zegt: 'Ik, evenmin, had nood aan een doop. Maar de Wijsheid van de Heer had geoordeeld dat dit het moment en de wijze van ontmoeting was. En, door Johannes weg te trekken uit zijn grot in de woestijn en Mij uit Mijn huis, verenigde Hij ons in dat uur om boven Mij de hemelen te openen... en om Zichzelf, goddelijke Duif, te doen neerdalen op Degene die mensen zou gaan dopen met zulke Duif... en om de aankondiging te laten neerdalen, nog krachtiger dan die van de engel, want afkomstig van Mijn Vader: (Elizabeth Wang) "Ziehier Mijn geliefde Zoon met wie Ik tevreden ben." Opdat de mensen noch excuses noch twijfels zouden hebben over het volgen, dan wel niet volgen van Mij.' 4 feb. 1944

derde offer: gulzigheid

Afbeelding
- Musée Jacquemart (Parijs) - 29.10 Maria zegt: Ik heb gulzigheid overwonnen, zowel in het kennen als in het genieten. Door te aanvaarden om  alleen dat te kennen wat God wilde dat ik kende, zonder van mijzelf of van Hem meer te vragen dan mij werd verteld. Ik heb geloofd, zonder te onderzoeken. Ik heb de gulzigheid in het genieten overwonnen, omdat ik mezelf elke smaak van de zinnen ontzegde. Mijn vlees heb ik onder mijn voeten gelegd. Het vlees, instrument van Satan, heb ik, samen met Satan, onder mijn hiel gehouden, om er een trede van te maken die mij dichter bij de hemel bracht. -De Slimste Mens- Bij de Hemel! Mijn doel. Daar waar God was! Mijn enige honger. Honger die géén gulzigheid is maar noodzaak gezegend door God, die wíl dat wij naar Hem hongeren.' 6 juni 1944

in kou naar Bethlehem

Afbeelding
XXVIII AANKOMST IN BETHLEHEM 28.1 Maria Valtorta: 'Ik zie een hoofdweg. Er zijn heel wat mensen. Ezels die ladingen huishoudgoederen en mensen vervoeren. Ezels die terugkeren. Mensen sporen hun paarden aan, en zij die te voet zijn hebben haast, omdat het koud is. De lucht is helder en droog, de hemel helder, maar alles heeft dat scherpe randje van midwinterdagen. Het platteland, uitgekleed, lijkt uitgestrekter, en de weilanden hebben kort gras, verschroeid door de winterwinden. Op de weilanden zoeken de schapen naar een beetje voedsel en naar de zon die langzaam opkomt. Ze blijven dicht bij elkaar omdat ook zij het koud hebben, en ze blaten, hun snuit omhoog stekend en naar de zon kijkend als om te zeggen: "Kom snel, het is koud!" Het landschap vertoont steeds duidelijker golvingen. Het is een echte heuvelplaats: er zijn met gras begroeide vlakten en kusten, er zijn valleien en ruggen, de weg loopt er doorheen en gaat naar het zuidoosten. -Volkstelling te Bethlehem  (P...

enkel 'n huisje met grot

Afbeelding
14.3 Maria Valtorta: '"Hier is je huis, Maria!" zegt Jozef wijzend met zijn zweep naar een huisje, dat net onder de top van een golvende heuvel ligt en waarachter een prachtige en uitgestrekte moestuin ligt, helemaal in bloei, die eindigt met een zeer kleine olijfgaard. Daarachter markeert de gebruikelijke meidoorn- en cactushaag de grens van het perceel. De velden , ooit eigendom van Joachim, zijn... -huis van Joachim & Anna (met bijhorend land)- "Weinig, zie je, is er nog over voor jou," zegt Zacharias. "De ziekte van je vader was lang en kostelijk. En duur ook de uitgaven om de door Rome aangerichte schade te herstellen. Kunt je 't zien? De weg nam de drie belangrijkste kamers weg en het huis is kleiner geworden. En om het weer groter te maken, zonder buitensporige kosten, werd een deel van de berg ingenomen  dat een grot vormt: Joachim bewaarde daar zijn voorraden en Anna bewaarde er haar weefgetouwen. Jij zult ermee doen wat je geschikt vind....

heilige grootouders 5

Afbeelding
-HH. Joachim & Anna met Roos (Roemeens)- 9.4 Jezus zegt: 'Angsten, vrezen, beproevingen en verleidingen. Maar trouw, trouw, trouw, altijd, aan God. De sterkste verleiding: jezelf toch niet de troost ontzeggen van je dochter om je heen, in je afnemende leven! Maar kinderen zijn van God, vóór hun ouders. En ieder kind mag zeggen wat Ik tegen Mijn Moeder zei: "Weet je dan niet dat Ik de belangen van de Vader in de hemel moet dienen?" En iedere moeder, iedere vader moet de houding leren die je moet hebben, kijkend naar Maria en Jozef in de tempel, naar Anna en Joachim in het huis van Nazareth, dat steeds kaler en droeviger wordt, maar waarin iets nooit afneemt, maar steeds meer groeit: de heiligheid van twee harten, de heiligheid van een huwelijk. Wat blijft er over aan licht voor de zieke Joachim en voor zijn bedroefde vrouw, in de lange en stille avonden, van oude mensen, die voelen dat ze gaan sterven? De jurkjes, de eerste sandaaltjes, het arme speelgoed van hun verre...

op naar de tempel 5

Afbeelding
-priester Zacharias, man van Elisabeth, vader van Johannes de Doper (William Blake)- (Aleksander Ivanov) Maria Valtorta: 'Ze gaan allen een lage, donkere kamer binnen, waarin een enorm vuur brandt. De hospita,  vast een vriendin van Elisabeth, maar 'n vreemde voor Anna, trekt zich beleefd terug en laat de toegekomenen vrij. "Denk niet dat ik spijt heb, of dat ik m'n schat met kwade wil aan de Heer geef," legt Anna in tranen uit... "maar het hart... oh! mijn hart doet pijn! mijn oude hart... keert terug naar zijn kinderloze eenzaamheid!... Als ik voelde..." "Ik begrijp het, m'n Anna...  Maar jij bent goed, en God zal je troosten in je eenzaamheid. Maria zal bidden, voor de vrede van haar moeder. Is het niet?" Maria streelt de handen van haar moeder en kust ze, beweegt ze over haar eigen gezicht om gestreeld te worden, en Anna houdt dat gezichtje in de hare en kust het, kust het. Ze kan geen genoeg krijgen van het zoenen. -idem (Jan Lievens)-...

Satan kon al verslagen zijn !

Afbeelding
-H. Johannes op Patmos (J. Sanchez Cotan)- Jezus zegt: 'En bedenk eens hoe het zou zijn geweest als onschuldige kinderen geboren waren geworden uit onschuldige Eerste Ouders, zoals God dat wilde. Dit, O mensen die menen dat jullie naar de “supermens” evolueren, en met jullie ondeugden enkel maar in de richting van de superdemon gaan, D I T   zou het middel zijn geweest om naar de “supermens” te leiden. (Salzburger Missaal) Te weten, hoe je zonder besmetting door Satan kunt blijven, door de regie van het leven, van de kennis en van het goede over te laten aan God. Niet méér verlangend dan wat God je heeft gegeven, – en dat was net niet oneindig –  om voort te brengen, in een voortdurende evolutie naar het perfecte, kinderen die mensen zouden zijn in het lichaam en kinderen van de Intelligentie in de geest, dat wil zeggen, overwinnaars dat wil zeggen, sterken dat wil zeggen, reuzen tegenover Satan, die zou zijn neergeslagen vele duizenden eeuwen vóór de tijd waarop het nu ...