Johannes zingt 'Sterre der Zee'... behouden in Tyrus
318.7
Valtorta:
'Johannes van Zebedeüs heft zijn hoofd op naar de hemel,
kijkt en lacht, en opent plotseling zijn mond om te zingen,
de beweging van de roeispaan volgend met het vers
en dit met dat accentuerend:
"Wees gegroet, Morgenster,
Nachtjasmijn,
gouden Maan van mijn Hemel,
heilige Moeder van Jezus.
De zeeman hoopt op jou,
wie lijdt en sterft, droomt van jou.
Zonneschijn, heilige en lieve Ster
voor al wie jou liefheeft.
O Maria!..."
Hij zingt met een hoge tenorstem, vol gelukzaligheid.
"Maar wat doe jij? Wij praten over Jezus...
en jij praat over Maria?"
vraagt zijn broer.
"Hij is in haar, en zij is in Hem!
Maar Hij is er, omdat zij er was...
Laat mij zingen..."
En hij gaat lekker door
en sleurt de anderen mee...
Zo komen ze in Tyrus aan, en stappen makkelijk aan land
in de kleinere haven, ten zuiden van de landengte,
bewaakt door lampen die aan vele boten hangen,
noch wordt de pas aangekomenen hulp ontzegd
door de aanwezigen.
Terwijl Petrus met Jakobus van Zebedeüs in de boot blijft
om over de kisten te waken, gaan de anderen,
samen met een man van een andere boot,
naar de herberg om uit te rusten.'
Reacties
Een reactie posten