jongetje Michaël was altijd goed voor Ananias
385.2
Maria Valtorta:
'Niemand zegt wat.
Slechts één jongetje, dat zeven schapen naar de rivier leidt,
vraagt aan de oude man: "Waar ga je heen, Ananias? Verlaat je het dorp?"
"Ik ga met de Rabbi mee.
Maar ik keer met Hem terug.
Ik ben zijn dienaar."
"Nee. U bent Mijn vader!
Iedere oude rechtvaardige is een vader en een zegen
voor de plaats die hem onderdak biedt en voor hen die hem helpen.
Gezegend zijn zij die de ouderen liefhebben en eren!"
zegt Jezus met een plechtige uitdrukking.
Het jongetje kijkt Hem angstig aan,
en mompelt dan: "Ik heb Ananias altijd een beetje van mijn brood gegeven..."
alsof hij wil zeggen: "Verwijt mij niets, want dat verdien ik niet."
"Zeker! Michaël was goed voor mij!
Hij was een vriendje van mijn kleinkinderen...
en hij bleef ook een vriend van hun grootvader.
Zijn moeder is ook niet slecht en ze zou helpen.
Maar ze heeft elf kinderen, en die leven allemaal van de visserij..."
Enkele vrouwen komen nieuwsgierig dichterbij en luisteren.
"God zal altijd diegenen helpen die doen wat ze kunnen voor de armen.
En er is altijd wel een manier om te helpen.
Vaak is zeggen: 'Ik kan niet' een leugen.
Want als je wilt, vind je altijd wel een extra kruimeltje,
een versleten deken, een afgedankt kledingstuk om te geven aan hen die niets hebben.
En de hemel vergoedt jou de gift. God zal ze jou teruggeven, Michaël,
de kruimels die je aan de oude man gaf!"
Jezus streelt de jongen en loopt weg.
De vrouwen blijven verbijsterd staan,
en ondervragen de jongen,
die hen vertelt wat hij weet.
En angst grijpt de hebzuchtige vrouwen aan
die hun hart gesloten hadden voor de behoeften van de oude...'
Reacties
Een reactie posten