Jezus zou zwetser kunnen zijn - geloof het maar, oordeel kómt!
414.3
Maria Valtorta:
'De eerste die vragen stelt, is een wetsgeleerde.
"Meester, dus U bent er zeker van, dat U bent wat U zegt?"
"Ik zeg dit niet uit eigen mond.
De profeten hebben het al gezegd voordat Ik onder jullie was."
"De profeten!...
U, die ontkent dat wij heilig zijn,
kunt U dan mijn bewering wel aanvaarden,
als ik zeg dat onze profeten zwetsers kunnen zijn?"
"De profeten zijn heilig."
"En wij niet, toch?...
Maar zie, Sefanja voegt de profeten bij de priesters, in zijn veroordeling van Jeruzalem:
'Haar profeten zijn zwetsers, mannen zonder geloof,
en haar priesters ontheiligen de heilige dingen,
en overtreden de Wet.' [Sef.3:4]
U verwijt ons dit voortdurend.
Maar als U de profeet in het tweede deel van zijn uitspraak aanvaardt,
moet u hem ook in het eerste deel aanvaarden en erkennen
dat er geen grondslag is voor de woorden
die van een zwetser komen."
"Rabbi van Israël, antwoord Mij.
Wanneer Sefanja een paar regels later zegt [Sef.3:14-17]:
'Zing en verheug je, dochter van Sion...
de Heer heeft het vonnis tegen u ingetrokken...
de Koning van Israël is in uw midden',
aanvaardt uw hart deze woorden dan?"
"Het is mijn eer om ze in mezelf te herhalen
terwijl ik droom van die dag!"
"Maar het zijn de woorden van een profeet,
van een geëxalteerde, want..."
De advocaat is even perplex.
Een vriend schiet hem te hulp.
"Niemand kan eraan twijfelen dat Israël zal regeren.
Niet één, maar alle profeten en voorprofeten, t.t.z. de patriarchen,
hebben deze belofte van God uitgesproken."
"En geen van de voorprofeten en profeten heeft nagelaten
Mij aan te duiden voor wie Ik ben."
"O, goed! Maar we hebben geen bewijs! U zou ook een zwetser kunnen zijn.
Welk bewijs geeft U ons dat U de Messias bent, de Zoon van God?
Geef me een termijn, zodat ik kan oordelen."
"Ik geef je niet Mijn dood, zoals beschreven door David en Jesaja.
Maar Ik geef jullie Mijn opstanding."
"U? U? U zult herrijzen?
En wie zal U opwekken?"
"Zeker niet jullie.
Niet de pontifex, niet de vorst,
niet de kasten, niet het volk.
Ikzelf zal verrijzen."
"Laster niet, o Galileeër, en lieg niet!"
"Ik eer alleen God en spreek de waarheid.
En met Sefanja zeg Ik tot jullie:
'Wacht maar op Mij, bij Mijn opstanding.' [Sef.3:8]
Tot die tijd mogen jullie twijfels hebben, mag je die allemaal hebben,
en kunnen jullie proberen die bij de mensen aan te wakkeren.
Maar jullie zullen niets meer kunnen doen, wanneer de eeuwig Levende,
nadat Hij jullie verlost heeft, zal opstaan en nooit meer sterven,
de onaantastbare Rechter, de volmaakte Koning,
die met Zijn scepter en Zijn rechtvaardigheid zal regeren,
en oordelen tot het einde der tijden,
en zal heersen in de hemel
voor eeuwig."'
Reacties
Een reactie posten