Posts

Er worden posts getoond met het label bijen

Lazarus' imker is onder bijen bedolven gestorven

Afbeelding
-Chinese imker She Ping, bedekt door bijen- 226.3 M. Valtorta: 'Jezus laat hem praten, praten, praten... tot Lazarus beseft dat hij tekortschiet in zijn gastvrijheidsplicht, en opstaat om Jezus het huis binnen te leiden. Daartoe lopen ze langs een dichte haag van bloeiende jasmijn, waarop gouden bijen zoemen, op hun stervormige bloemblaadjes. "Ah! Dit vergat ik Je te vertellen... De oude patriarch die Je mij had gestuurd, is teruggekeerd naar Abrahams schoot. Maximinus vond hem hier zittend, zijn hoofd rustend op deze heg, alsof hij in slaap was gevallen, bij de bijenkorven die hij verzorgde, alsof het huizen vol gouden kinderen waren. Zo noemde hij de bijen! Hij leek ze te begrijpen en door hen begrepen te worden. En op de patriarch... vredig slapend in de rust van een goed geweten... toen Maximinus hem vond... toen lag op hem een kostbare sluier van kleine gouden lichaampjes. Alle bijen streken neer op hun vriend! De bedienden moesten hard werken om ze van hem los te krijge...

na het maal, de olijfhof

Afbeelding
70.2 Maria Valtorta: 'Ze zijn aangekomen bij het huis. En komen de lage, rokerige keuken binnen. De eigenaar begroet hen: "Vrede zij met U!" Jezus antwoordt: "Vrede voor dit huis en voor jou en voor hen die bij jou wonen. Ik heb een discipel bij Mij!" "Er zal voor hem ook brood en olie zijn." "Ik heb gedroogde vis mee die Jakobus en Petrus mij gaven. En toen ik langs Nazareth reisde, gaf Je Moeder mij nog brood en honing mee voor Jou. Ik heb non-stop gelopen, maar nu zal die wel hard geworden zijn." "Maakt niet uit, Johannes. Hij zal nog altijd de smaak hebben van Mama's handen!" Johannes haalt zijn schatten uit het zakje dat hij in een hoek had staan. En ik zie dat gedroogde vis op een vreemde manier wordt bereid: ze baden hem enkele ogenblikken in heet water, smeren hem dan in en roosteren hem op het vuur. Jezus zegent het eten en gaat met de discipel aan tafel zitten. Ook de eigenaar, die ik Jona hoor noemen, en de zoon schui...