Judas vol van eigen geleerdheid, jent Jezus
356.5 Valtorta: 'Jezus zwijgt. En Judas prikkelt Hem: "Heb ik dan geen gelijk, Meester?" "Nee." Het 'nee' is zo bot, dat het klinkt als een explosie. "En toch, ik... ik hoor Satan niet, en ik erken noch vrije wil, noch het kwaad. En alle Sadduceeën zijn met mij, en vele anderen met mij, Israëlieten en andere. Nee. Satan is hier niet." Jezus kijkt hem aan. Een blik zo complex dat hij niet te analyseren is. Het is die van een rechter en een arts, van een man in pijn, van een man vol verbazing... het is er allemaal... Judas, nu helemaal gelanceerd, concludeert: "Het moet wel zijn omdat ik beter ben dan de anderen, volmaakter, dat ik de angst van de mensen voor Satan heb overwonnen!" En Jezus zwijgt. En hij maar porren: "Maar spreek toch! Waarom ben ik niet bang voor hem?" Jezus zwijgt. "Je antwoordt niet, Meester?... Waarom? Ben Jij bang?" "Nee. Ik ben Liefde... En Liefde houdt haar oordeel in, tot ze gedwongen...