uit eigen wil verrezen geest trekt anderen tot God
Jezus zegt:
"Kijk naar de hemel, Simon.
Je ziet er sterren en sterretjes in,
en planeten van verschillende groottes.
Alle hebben ze leven, door God die ze gemaakt heeft
en pracht/luister/glans/schittering, door de zon die op hen schijnt,
maar niet alle zijn even mooi en geweldig.
Ook in Mijn Hemel zal het zo zijn.
Alle verlosten zullen leven hebben door Mij,
en pracht/luister/glans/schittering door Mijn Licht.
Maar ze zullen niet allemaal even mooi en groot zijn.
Sommigen zullen een eenvoudig sterrenstofje zijn,
zoals die welke Galatea/de Melkweg melkachtig maakt,
en dat zullen die zijn, ontelbaren, die van Christus zullen hebben ontvangen,
of liever, zullen hebben geaspireerd, alleen het absolute minimum om niet verdoemd te worden,
en alleen door de oneindige Genade van God zullen zij, na een lang vagevuur, in de Hemel komen.
Anderen zullen briljanter en gevormder zijn: de rechtschapenen,
die hun wil – let op: wil, niet goede wil – verenigd hebben met de wil van Christus,
en die, om niet te worden veroordeeld, gehoorzaamd hebben aan Mijn Woorden.
Dan zullen er - goede wil, oh! - schitterende planeten zijn!
Met het licht van zuivere diamant of van prachtige edelstenen in verschillende kleuren
– rood van robijn, paars van amethist, blond/geel van topaas, wit van parels –
de geliefden tot de dood uit liefde, de boetelingen uit liefde,
de werkers uit liefde, de onbevlekten uit liefde.
Én er zullen enkele van deze planeten zijn, - en zij zullen Mijn Glorie zijn als Verlosser -
waarin zich flitsen/flitslichten van robijn, amethist, topaas en parel bevinden,
omdat alles uit liefde zal zijn.
Heldhaftigen in het bereiken van vergeving voor zichzelf
dat ze niet eerder hebben weten lief te hebben,
Boetelingen in het zichzelf verzadigen met verzoening
zoals Esther zich verzadigde met aroma's
voor ze zich aan Ahasveros presenteerde.
Onvermoeibaren om in het weinige, in het weinige dat hun nog rest,
te doen zoals ze niet deden in de jaren die ze verspilden in zonde.
Zuiveren tot op het punt van heldendom
in het vergeten, zelfs in de ingewanden,
verder dan in hun ziel en geest,
van zin(nelijkheid).
Dát zullen degenen zijn
die met hun veelzijdige pracht de ogen zullen aantrekken
van gelovigen, van zuiveren, van boetelingen, van martelaren,
van helden, van asceten, van zondaars...
en voor elk van deze categorieën zal hun pracht
woord, antwoord, uitnodiging, geruststelling zijn..."
Reacties
Een reactie posten