jonge Aglaë hield van mimespel
168.3
Maria Valtorta:
'Maar de gesluierde vrouw komt overeind, en wil haar zo toespreken.
Ze begint langzaam:
-Schip (Archimedes van Syracuse, 240 v.Chr.)...-
"Ik kom uit Syracuse [Grieks, nu Sicilië]...
Ik ben zesentwintig jaar oud...
Ik was de dochter van een intendant, zouden jullie zeggen,
wij zeggen de procurator van een grote Romeinse heer.
Ik was enig kind.
Ik leefde gelukkig.
Wij woonden vlakbij de jachthaven, in de prachtige villa waarvan mijn vader de rentmeester was.
Zo nu en dan kwam de eigenaar van de villa, of zijn vrouw en de kinderen... Ze behandelden ons goed en waren goed voor me. De meisjes speelden met me...
Mijn moeder was gelukkig... ze was trots op me. Ik was mooi... Ik was intelligent... alles ging me makkelijk af... Maar ik hield meer van frivole dingen dan van de goede.
In Syracuse is een groot theater.
Een groot theater... Prachtig... enorm...
Het wordt gebruikt voor spelen en voor komedies...
In de komedies en tragedies die er worden opgevoerd, wordt veel gebruik gemaakt van mime.
Mimespelers benadrukken de betekenis van het koor met hun stille dansen.
U weet het niet... maar zelfs met de handen, met bewegingen van het lichaam, kun je de gevoelens uitdrukken van een man/mens die door passie wordt opgezweept... Jonge mannen en vrouwen worden in een speciale gymzaal opgeleid tot mimespelers. Ze moeten zo mooi zijn als goden en zo behendig als vlinders...
Ik vond het erg leuk om naar een soort heuvel te gaan die deze plek domineerde en de mimespelers te zien dansen. En dan deed ik hen na op de bloemenweiden, op het blonde zand van mijn land, in de tuin van de villa. Ik leek op een standbeeld, of op de wind die vliegt, zozeer kon ik mezelf in statige poses zetten, of bijna zonder de grond te raken vliegen.
Mijn rijke vrienden bewonderden me...
en mijn moeder was er trots op..."
Het gesluierde meisje spreekt,
herinnert het zich, ziet het weer, droomt van het verleden en huilt.
Haar snikken zijn de komma's in haar verhaal.
"Op een dag... het was mei... heel Syracuse stond in bloei.
De feesten waren net voorbij, en ik was enthousiast over een dansvoorstelling in het theater...
De eigenaren hadden me daar, met hun dochters, mee naartoe meegenomen.
Ik was veertien jaar oud...
In die dans dansten mimespelers, die de lentenimfen moesten voorstellen die Ceres aanbaden, gekroond met rozen, gekleed in rozen... alleen rozen... want de jurk was een heel lichte sluier, een net van spinnendraden, waarop rozen waren gestrooid...
In de dans leken de Hebes gevleugeld, zo licht stroomden ze, hun prachtige lichamen te voorschijn komend onder de warrige sjaals van gebloemde sluiers, die vleugels achter hen vormden...
Ik bestudeerde hun dans... en op een dag... op een dag..."'
Reacties
Een reactie posten