opwekking van lichaam geeft geen onsterfelijkheid, opwekking van geest wel - vergt immers eígen wil
250.5
Maria Valtorta:
'Ik heb uit jullie mond je bewondering gehoord voor Johannes van Endor,
des te groter van jullie kant omdat hij belijdt een bekeerde zondaar te zijn,
en op deze oude eigenschap van hem, en de nieuwe, de stellingen van zijn prediking baseert,
voor allen die hij tot Mij wil brengen.
Het is waar.
Hij wás een zondaar. Nu is hij een discipel.
Velen van jullie zijn nu tot de Messias gekomen dankzij hem.
Jullie zien dus, dat God juist met die middelen,
die de oude mens van Israël zou verachten,
het nieuwe volk Gods schept.
Vandaag verzoek Ik jullie om je te onthouden van het vellen van een onterecht oordeel
over de aanwezigheid van een zuster die het oude Israël niet begrijpt als discipel.
Ik heb de vrouwen bevolen te rusten.
Maar het was niet zozeer uit zorg om hen rust te geven,
dan wel uit het verlangen om jullie een heilige beoordeling van een bekering te kunnen geven,
en jullie te behoeden voor het zondigen tegen de liefde en de gerechtigheid...
de reden waarom Ik die instructie gaf, die de discipelen zeker bedroefde.
Maria Magdalena, de grote zondares van Israël,
die geen enkel excuus had voor haar zonde,
is teruggekeerd tot de Heer.
En van wie zal zij geloof en barmhartigheid verwachten,
tenzij van God en van de dienaren van God?
Heel Israël, en met Israël ook de vreemdelingen die onder ons zijn,
degenen die haar goed kennen en haar streng veroordelen,
nu zij niet langer hun medeplichtige is in de losbandigheid,
zij allen bekritiseren en bespotten deze opstanding.
Opstanding!
Dat is het meest accurate woord.
Het is niet het grootste wonder, om een vlees/een lichaam op te wekken.
Dat is altijd een relatief wonder, omdat het op een dag door de dood tenietgedaan zal worden!
Ik schenk geen onsterfelijkheid aan wie in het vlees is opgewekt,
maar schenk wel eeuwigheid aan wie in de geest is opgewekt.
En terwijl iemand die in het vlees is gestorven,
zijn wil om op te staan niet verenigt met de mijne, en er dus geen verdienste is aan hemzelf,
is in degene die in de geest is opgewekt, zijn wil wel aanwezig;
sterker nog, ze is de eerste die aanwezig is.
Daarom ontbreekt de verdienste van de opgestane niet.
Ik zeg dit alles niet om Mezelf te rechtvaardigen.
Ik hoef alleen aan God verantwoording af te leggen voor Mijn daden.
Maar jullie zijn Mijn discipelen.
En Mijn discipelen moeten een tweede Jezus zijn.
Zij moeten vrij zijn van onwetendheid.
En van die diepgewortelde zonden die ervoor zorgen
dat zovele mensen slechts in naam met God verbonden zijn."'
Reacties
Een reactie posten