Syntyche weet van Johannes' nachtvisioenen
366.10
Maria Valtorta:
"'De beste Johannes prijst mij zeer.
En wat moet ik dan over hem zeggen?
Hij lijdt hevig, maar is van een wonderbaarlijk sterkte.
Als ik zijn geheim niet kende, zou ik versteld staan.
Maar sinds die nacht, dat ik van een zieke terugkeerde,
en hem in extase en verheerlijkt aantrof,
en ik zijn woorden hoorde,
en mij voor hem neerwierp,
in de wetenschap dat Jij aanwezig was bij Jouw dienaar,
kan ik niet langer versteld staan.
Misschien zullen sommigen van mijn medebroeders zich net verbazen
dat ik er geen spijt van heb, dat ik het niet eveneens heb kunnen zien.
Waarom zou ik? Alles is goed, alles is voldoende van wat Jij geeft.
Ieder ontvangt het deel dat hem toekomt en dat hij nodig heeft.
Het is dus goed dat Johannes Jou zichtbaar heeft,
en ik Jou alleen in de geest.
Ben ik gelukkig?
Als vrouw betreur ik de tijd die ik met Jou en Maria heb doorgebracht.
Maar als ziel ben ik zeer gelukkig, want pas nu dien ik Jou, mijn Heer.
Ik bedenk dat tijd niets voorstelt.
Ik bedenk dat gehoorzaamheid de prijs is om Jouw Koninkrijk binnen te gaan.
Ik bedenk dat Jou helpen een genade is, die alles overtreft waar een arme dienares
ooit van zou kunnen dromen, zelfs in een uur van delirium,
en dat Jij mij hebt toegestaan om Jou te helpen.
Ik bedenk dat ik, nu gescheiden,
Jou uiteindelijk voor eeuwig zal hebben.
En ik zing Johannes' lied
zoals een kalanderleeuwerik dat in de lente doet, boven de gouden velden van Hellas.
Mijn meisjes zingen het omdat ze zeggen dat het prachtig is.
Ik laat ze zingen, op het ritme van het weefgetouw,
zo gelijkend op dat van de roeispaan op die verre dag,
want ik denk dat het uitspreken van Jouw naam, o Moeder,
iemand openstelt voor genade.
-
Johannes vraagt me om dit nieuws toe te voegen,
dat een voortreffelijke burger van Antiochië naar Jou is gestuurd.
Nicolaï is zijn naam. Zijn eerste overwinning voor Jouw kudde.
Wij hopen van harte dat Nicolaï het beeld niet zal tekort doen,
dat wij van hem hebben in ons hart.
Zegen Jouw dienares, Heer!
Zegen haar, o Moeder!
Zegenen jullie mij allen, o heiligen!
En ook jij, gezegend kind, dat in wijsheid groeit bij de Heer.'
Zo schrijft Syntyche!
En ze voegde er, zonder dat Johannes het wist, nog een aantekening aan toe.
Daarin zegt ze:
'Johannes groeit en wordt sterker, maar alleen in de geest.
De rest gaat achteruit, ondanks alle zorg.
We zullen zien wat het begin van de zomer brengt.
Ik denk dat hij niet zal kunnen doen wat hij zegt.
Ik denk dat de winter zijn laatste restjes leven verstikt...
Maar hij heeft vrede.
En hij heiligt zichzelf door werken en lijden.
Behoud zijn kracht, met Jouw aanwezigheid, o mijn Heer!
Ik vraag Jou om mij aan alle pijn te onderwerpen,
in ruil voor deze gave voor Je discipel.
Ik stuur deze brieven samen met Tolmai naar Lazarus,
en ik smeek je om hem en zijn zussen te vertellen
dat we hun vriendelijkheid jegens ons niet vergeten,
en dat we voortdurend en vurig voor hen bidden.'"
Opnieuw wisselen allen hun indrukken uit.'
Reacties
Een reactie posten