transfiguratie op berg Tabor 2
349.5 M. Valtorta: 'Jezus, na een korte rustpauze in de schaduw van een groepje bomen, ongetwijfeld uit medelijden met Petrus, die duidelijk moeite heeft met de beklimmingen, vervolgt Zijn klim. Hij bereikt bijna de top, waar een grasplateau is met een halve cirkel van bomen, richting de kust. "Rust uit, vrienden. Ik ga daarheen om te bidden!" En Hij wijst met Zijn hand naar een grote rots, een rots die nog uit de berg oprijst en dus niet richting de kust is, maar richting het binnenland, de top. Jezus knielt op het gras en laat Zijn handen en hoofd op de rots rusten, in dezelfde houding als tijdens het gebed in Getsemane. De zon schijnt niet op Hem, omdat de top hem beschut. Maar de rest van de open plek met gras is zonnig, tot bij de schaduw van de met bomen omzoomde heuvelrug, waaronder de apostelen zich hebben neergezet. Petrus trekt zijn sandalen uit, en schudt het stof en de steentjes eraf, en ligt daar, op blote voeten, met zijn vermoeide voeten in het verse gras...