hoe meer liefde, hoe meer vermogen om waarheden te zien en doorgronden
651.17
Jezus zegt:
'Er is een verschil tussen de scheiding van de ziel van het lichaam door de ware dood,
en de tijdelijke scheiding van de geest van het lichaam en van de levende ziel
door contemplatieve extase of verrukking.
Terwijl de losmaking van de ziel van het lichaam ware dood veroorzaakt,
veroorzaakt extatische contemplatie, d.w.z. tijdelijke ontsnapping van de geest
voorbij de grenzen van de zintuigen en de materie,
geen dood.
En dit komt doordat de ziel
zich niet volledig van het lichaam losmaakt en afscheidt,
maar dit slechts doet met haar beste deel,
dat zich onderdompelt in het vuur van de contemplatie.
Alle mensen,
zolang ze leven,
hebben een ziel in zich,
dood of levend, hetzij door zonde of gerechtigheid;
maar alleen de grote liefhebbers van God bereiken ware contemplatie.
Dit toont aan dat de ziel,
die haar bestaan behoudt zolang ze met het lichaam verbonden is,
—en deze eigenschap is hetzelfde in alle mensen—
in zichzelf een meer uitverkoren deel heeft:
de ziel van de ziel, of geest van de geest,
die bij de rechtvaardigen zeer sterk zijn,
terwijl ze bij hen die God en Zijn Wet verachten
—al is het maar door hun lauwheid en lichte zonden— zwak worden,
waardoor het schepsel het vermogen verliest om te contempleren en
—in de mate waarin een menselijk schepsel dat kan,
naargelang de mate van bereikte volmaaktheid—
God en Zijn eeuwige waarheden te kennen.
Hoe meer het schepsel God liefheeft en dient, met al zijn kracht en mogelijkheden,
hoe meer het uitverkoren deel van zijn geest z'n vermogen vergroot
om te kennen, te contempleren, de eeuwige waarheden te doorgronden.'
Reacties
Een reactie posten