álle Tien Geboden gehoorzamen
288.5
M. Valtorta:
'"Lijkt deze Wet jullie zo veeleisend dat ze onuitvoerbaar is?
Doe jezelf geen onrecht aan! Ik weet zeker dat je dat niet zult doen.
En als je dat niet doet inderdaad, dan zul je het Rijk van God
vestigen in jezelf en in je stad.
En je zult op een dag gelukkig zijn, samen met hen die je liefhad,
en die, net als jij, het eeuwige Koninkrijk hebben veroverd,
in de eindeloze vreugde van de hemel.
Maar diep in ons, leven de hartstochten
zoals even zovele burgers, opgesloten binnen de stadsmuren.
Het is nodig, dat alle menselijke hartstochten hetzelfde verlangen:
namelijk heiligheid.
Anders zal een deel tevergeefs naar de hemel streven,
terwijl een ander deel de poorten onbewaakt laat, en de verleider binnenlaat,
of de daden van een deel van de geestelijke burgers neutraliseert,
met ruzies en luiheid,
waardoor de binnenstad ten onder gaat
en wordt overgeleverd aan de heerschappij van brandnetels, giftige planten, onkruid,
slangen, schorpioenen, ratten, jakhalzen en uilen,
d.w.z. aan boze hartstochten
en de engelen van Satan.
Wij moeten
onophoudelijk waken,
als schildwachten op de muren,
om te voorkomen dat de Boze binnendringt
waar wij het Koninkrijk van God willen bouwen.
Voorwaar, Ik zeg jullie:
zolang de sterke man de hal van zijn huis met wapens bewaakt,
is hij veilig voor alles wat zich daarin bevindt.
Maar als er iemand komt die sterker is dan hij,
of als hij de deur onbewaakt achterlaat,
dan overwint de sterkere hem, ontwapent hem,
en beroofd van de wapens waarop hij vertrouwde,
wordt hij moedeloos en geeft zich over,
en de sterke neemt hem gevangen
en neemt de buit van de overwonnene mee.
Maar als de mens in God leeft, door trouw aan de Wet,
en het beoefenen van rechtvaardige gerechtigheid,
dan is God met hem, dan ben Ik met hem,
en er kan hem geen kwaad overkomen.
De eenheid met God is het wapen
dat geen sterke kan overwinnen.
De eenheid met Mij is de zekerheid
van de overwinning en van de buit van de eeuwige deugden,
waardoor men voor eeuwig een plaats in het Koninkrijk van God zal krijgen.
Maar wie zich van Mij afscheidt, of zich tot Mijn vijand maakt,
verwerpt daarmee de wapens en de verzekering van Mijn woord.
Wie het Woord verwerpt, verwerpt God.
Wie God verwerpt, roept Satan aan.
Wie Satan aanroept, vernietigt alles wat hij had
om het Koninkrijk te veroveren.
Daarom is iedereen die niet met Mij is, tegen Mij.
En wie niet bewerkt, wat Ik heb gezaaid,
oogst wat de vijand zaait.
Wie niet met Mij oogst, verstrooit,
en arm en naakt zal hij voor de Opperrechter verschijnen,
Die hem zal terugsturen naar de meester aan wie hij zichzelf heeft verkocht,
door Beëlzebub te verkiezen boven de Christus.
Inwoners van Gerasa,
bouw in jullie zelf en in je stad
het Koninkrijk van God op!"'
Reacties
Een reactie posten