weerzien Ananias, die kruiden zocht voor zieke Jozef
418.4
Maria Valtorta:
'De stilte valt weer,
enkel onderbroken door het geritsel van het riet,
en af en toe vogelgezang...
Dan een krakend geluid in de buurt.
De rustieke poort die Ananias gebouwd heeft, kraakt,
en de oude man kijkt de straat op en speurt de hemel af.
De schapen volgen hem, blatend...
"Vrede zij met jou, Ananias!"
"Meester! Maar... sinds wanneer bent U daar?
Waarom roept U niet, waarom laat U niet iemand de deur voor U openen?!"
"We zijn hier nog niet zo lang. Ik wilde niemand storen...
Hoe gaat het met Jozef?"
"Weet U dat?... Hij is er slecht aan toe.
Er komt materiaal uit zijn oor en hij heeft vreselijke hoofdpijn.
Ik denk dat hij zal sterven. Of beter gezegd, dat dacht ik.
Nu U hier bent, denk ik dat hij beter zal worden.
Ik was op zoek naar kruiden, voor kompressen..."
"Zijn Jozefs metgezellen hier?"
"Twee van hen, de anderen zijn vooruitgegaan.
Hier zijn Salomo en Elia."
"Hebben de farizeeën jullie lastiggevallen?"
"Zodra U wegging. En daarna nog meer.
Ze wilden weten waar U heen was gegaan.
Ik zei: 'Naar mijn schoondochter, in Masada.'
Heb ik iets verkeerds gedaan?"
"Je hebt goed gehandeld."
"En... bent U er echt geweest?"
De oude man is bezorgd.
"Ja. Het gaat goed met haar."
"Maar... heeft ze niet naar U geluisterd?..."
"Nee. We moeten veel voor haar bidden."
"En voor de kleine kinderen...
Dat ze hen mag opvoeden voor de Heer..." zegt de oude man,
en twee tranen vallen om uit te drukken waarover hij zwijgt.
Hij besluit: "Hebt U die gezien?"
"Ik kan zeggen dat Ik er ééntje heb gezien...
De anderen eventjes. Het gaat goed met ze allemaal."
"Ik bied God verzaking en vergeving aan...
Maar... het is zo bitter om te zeggen:
'Ik zal ze nooit meer zien'..."
"Je zult jouw zoon spoedig weerzien!
En met hem zul je vrede vinden,
in de hemel!"
"Dank U, Heer!"'
Reacties
Een reactie posten