hanna van fanuel 5


-Rabijnen in debat over de Talmud (Carl Schleicher)-

10.6

Maria Valtorta:

'Hanna van Fanuel antwoordt:

"Jij zou de Moeder van Christus moeten zijn!

Jij die zo van Hem houdt! Wil je daarom maagd blijven?"


"Oh! Nee! Ik ben ellende en stof!

Ik durf niet op te kijken naar de Glorie.

Dit is de reden waarom ik, meer dan naar de dubbele Sluier,

waarachter ik weet dat de onzichtbare tegenwoordigheid van Jehova is,

liever in mijn eigen hart kijk.

Dáár, is de verschrikkelijke God van de Sinaï!

Hier, binnenin mij, zie ik onze Vader...

een liefdevol gezicht...

dat lacht en mij zegent,

omdat ik zo klein ben, als een vogeltje,

dat de wind draagt, zonder zijn gewicht te voelen,

en zo zwak, als de stengel van het wilde meiklokje,

dat niet méér weet dan te bloeien en te geuren,

en de wind geen andere kracht tegenwerpt

dan die van haar geurige en pure zoetheid.

God, mijn Wind van Liefde!


Niet om die reden (wil ik maagd blijven)...

Maar omdat aan de Geborene uit God en een Maagd, de Heilige van het Allerheiligste,

niets anders welgevallig kan zijn dan wat Hij in de hemel als Moeder heeft gekozen

en Hem op aarde spreekt van de hemelse Vader: 

Zuiverheid.


-H. Jozef met lelie (G. Thompson Briggs)-


-idem(onbekend)-

Als de Wet hierover zou nadenken,

als de rabbijnen, die haar hebben vermenigvuldigd in alle subtiliteiten van hun leer,

hun geest richtend op hogere horizonten, zich zouden verdiepen in het boven-natuurlijke,

en het menselijke en nuttige dat zij nastreven achter zich laten

- daarbij het allerhoogste doel vergetend -

dan zouden ze hun leer vooral moeten richten op Zuiverheid,

zodat de Koning van Israël die kan vínden als Hij komt!


Strooi met de olijftak van de Vredebrenger,

met de palmtakken van de Overwinnaar,

lelies, en lelies, en lelies...!


Hoeveel bloed zal de Heiland moeten vergieten om ons te verlossen! Hoe veel!

Uit de duizend en duizend wonden die Jesaja bij de Man van Smarten zag,

kijk toch, valt, als dauw uit een poreuze vaas, een bloedrégen!


Laat dit goddelijk Bloed niet vallen

daar waar sprake is van ontheiliging en godslastering,

maar in kelken van geurige zuiverheid,

die het verwelkomen en opvangen

en het vervolgens verspreiden

onder de zieken van de geest,

onder de melaatsen van de ziel,

onder de doden voor God.


Geef lelies, geef lelies!

Om met het witte gewaad van zuivere bloemblaadjes

het zweet en de tranen van Christus te drogen!


Geef lelies, geef lelies!

Voor de vurigheid van zijn martelaarskoorts!

Oh! waar zal die Lelie zijn die Jou brengt?

Waar is Zij die Jouw Dorst zal lessen?

Waar is Zij die rood zal worden van Jouw Bloed

en zal sterven van de pijn om Jou te zien sterven?

Waar is Zij die zal huilen om Jouw leeggelopen Lichaam?

Oh! Christus! Christus!

Mijn zucht!"


Maria is stil, betraand

en overweldigd.'


2 sept. 1944

Reacties

Populaire posts van deze blog

Maria Magdalena, serafijn nu, mag zalven en aanraken

Martha vertelt hoe haar zus heen en weer wordt geslingerd

de geest - in íeder mens - snakt naar de hemel