koningin van de vrede


-Maria, Koningin van de Vrede (Medjugorje 1981)-

27.2-3

Maria Valtorta:

Jozef komt binnen.

Het lijkt alsof hij terugkomt uit het dorp,

want hij komt binnen via de huisdeur, en niet via de deur van zijn atelier.


Maria heft haar hoofd op en glimlacht naar hem.

Giuseppe lacht ook naar haar.

Maar het lijkt wel dat hij het met moeite doet,

als iemand die zich zorgen maakt.

Maria kijkt hem vragend aan.


Dan staat zij op

om de mantel te pakken die Jozef uittrekt,

ze vouwt hem op en legt hem op een kist.


Jozef zit aan tafel.

Hij steunt er met één elleboog op, en zijn hoofd op z'n hand,

terwijl hij met de andere, bedachtzaam, afwisselend zijn baard kamt en woelt.

 

"Heb je gedachten waar je last van hebt?" vraagt ​​Maria.

"Kan ik je troosten?"...

"Je troost mij altijd, Maria...

Maar dit keer heb ik een lastige gedachte... voor jou..."

"Voor mij, Jozef? En wat dan wel?"

"Ze hebben een edict opgehangen, op de deur van de synagoge.

Er is opdracht gegeven tot een volkstelling van alle Palestijnen.

En je moet je gaan registreren in de plaats van herkomst.

We moeten naar Bethlehem!"


-Pax Romana Ruiterstandbeeld-

"Oh!" onderbreekt Maria,

terwijl ze een hand op haar schoot legt.


"Het schokt je, nietwaar?

Het is pijnlijk, ik weet het."


"Nee, Jozef. Dat is het niet.

Ik denk... ik denk aan de heilige Schrift...

Rachel, de moeder van Benjamin en de vrouw van Jacob

- uit wie de Ster, de Verlosser, geboren zal worden -

Rachel... werd begraven in Bethlehem...

waarvan gezegd werd:

"Maar uit u, Bethlehem Efratha,

de minste onder de landen van Juda,

uit u zal de Heerser voortkomen"...

[Micha 5:1]

De Heerser die beloofd was aan de lijn van David.

Hij zal dáár geboren worden..."


"Denk jij...

denk jij dat je zover bent, op dat moment?

Oh! Hoe gaan we dat doen?"



Jozef is volkomen ontzet.

Hij kijkt Maria aan met twee medelijdende ogen.

Ze merkt het. Ze glimlacht.

Ze lacht naar zichzelf,

meer dan naar hem.


Een glimlach die lijkt te zeggen:

"Hij is een mens, een rechtschapene, maar toch een mens.

En hij ziet als een mens. Denkt als een mens.

Heb medelijden met hem, mijn ziel,

en leid hem om te zien als een geest."


-Eirene (Griekse godin van de vrede)
met Ploutos ('Rijkdom')-

Haar goedheid dwingt haar nog steeds om hem gerust te stellen.

Ze liegt niet, maar leidt zijn angst af...


"Ik weet het niet, Jozef. De tijd is zeer nabij.

Maar zou de Heer hem niet kunnen vertragen

om jou van deze zorgen te verlossen?

Hij kan alles. Wees niet bang."


"Maar de reis!...

Wie weet wat een massa volk!

Zullen we wel goede accommodatie vinden?

Zullen we tijd hebben om terug te keren?

En als... als je dáár moeder moet zijn, wat gaan we dan doen?

We hebben geen huis... We kennen er niemand meer..."


-Eirene met Ploutos-

"Wees niet bang, alles komt goed.

God doet het dier dat hij voortbrengt een schuilplaats vinden.

Wil je niet dat die ook gevonden wordt voor Zijn Messias?

Wij vertrouwen op Hem, nietwaar?

We vertrouwen altijd op Hem.

Hoe sterker de test, hoe meer we vertrouwen.


Als twee kinderen leggen wij onze hand in die van onze Vader.

Hij leidt ons, wij zijn volledig aan Hem overgelaten.

Zie hoe Hij ons tot hier al met Liefde heeft geleid.

Een vader, zelfs de allerbeste, had dat niet met grotere zorg gedaan.


Wij zijn Zijn Kinderen en Zijn Dienaren.

Wij voeren Zijn Wil uit.

Niets ergs kan ons overkomen.


-idem-

Dit edict is ook Zijn Wil.

Wat is Caesar eigenlijk?

Een instrument van God.


Sinds de Vader besloot de mens te vergeven,

heeft hij alle feiten voorbestemd voor de geboorte van zijn Christus in Bethlehem.

Zij, de kleinste stad van Juda, was dat helemaal niet, en haar glorie was al verzegeld.


Opdat deze glorie mag plaatsvinden en het woord van God niet zal worden ontkend

– en dat zou zo zijn als de Messias ergens anders zou geboren zijn –

zie, is een machtige man opgestaan, zo ver weg van hier,

en die heeft ons overheerst,

en nu wil hij zijn onderdanen leren kennen,

nu de wereld in vrede is...


Oh! Wat is onze kleine inspanning

als we nadenken over de schoonheid

van dit moment van vrede?


Denk na, Jozef!

Een tijd waarin er geen haat meer is in de wereld!

Maar kan er een gelukkiger uur zijn voor het rijzen van de ‘Ster’

wiens Licht goddelijk is, en wiens invloed Verlossing...



Oh! wees niet bang, Jozef!

Als de wegen onveilig zijn,

als de drukte het moeilijk maakt om te gaan,

zullen de engelen ons voorzien van verdediging en steun.

Niet aan ons, maar aan hun Koning!


Als we geen toevlucht vinden,

dan zullen hun vleugels ons beschutten.

Er zal ons niets ergs overkomen.

Dit kán niet gebeuren:

God is met ons."'





4 juni 1944

Reacties

Populaire posts van deze blog

Maria wil graag Elise terugzien, haar maatje in de tempel

Martha vertelt hoe haar zus heen en weer wordt geslingerd

Maria Magdalena, serafijn nu, mag zalven en aanraken