Judas' politieke aanpak getolereerd


74.2

Maria Valtorta:

'"Laten we gaan!"

"Waarheen, Meester?"

"Naar Bethlehem."

"Toch? Het lijkt me dat daar voor ons geen goede sfeer heerst..."

"Dat maakt niet uit, laten we gaan. Ik wil jullie laten zien

waar de Magiërs zijn afgestegen

en waar Ik was."



"Wel, luister dan. Sorry, weet Je, Meester, maar laat mij praten. Laten we één ding doen. Laat mij in Bethlehem en in het hotel degene zijn die praat en vragen stelt. Voor jullie Galileeërs is er niet veel liefde in Judea, en hier nog minder dan elders.

Laten we daarom dit doen: Jij en Johannes zien eruit als Galileeërs, zelfs in jullie kleding. Veel te simpel. En dan... jullie haar! Waarom zijn jullie zo koppig om ze zo lang te laten? Simon en ik geven je onze mantel en nemen die van jullie. Jij, Simon, geeft de jouwe aan Johannes, Ik de mijne aan de Meester. Hier... zo, zie je? Lijken jullie meteen een beetje Joodser. En nu dit..."

En hij doet zijn hoofdtooi af - een doek met gele, bruine, rode, groene strepen, net als de mantel, allemaal afwisselend, op z'n plaats gehouden door een geel koord - en legt hem op het hoofd van Jezus en schikt hem langs de wangen, om diens lange blonde haar te verbergen. Johannes neemt de zeer donkergroene van Simon aan.

"Oh! dat is beter! Ik heb praktisch inzicht!"

"Zeker, Judas. Jij hebt praktisch inzicht. Dat is waar.

Maar pas op, dat het niet voorbij het andere gaat."

"Het welke, Meester?"

"Je spirituele inzicht."



"Neeee! Maar in bepaalde gevallen, is het goed om meer politicus dan ambassadeur weten te zijn. En luister... wees zo goed opnieuw... het is voor jullie eigen bestwil... spreek me niet tegen als ik dingen zal zeggen... dingen... die niet waar zijn, dat is het."

"Wat bedoel je? Waarom liegen? Ik ben de Waarheid en Ik wil geen leugens, noch in Mijzelf, noch om Mij heen!"

"Oh! Ik zal alleen maar halve leugens vertellen. Ik zal zeggen dat we allemaal terugkeren van verre oorden, misschien uit Egypte, en dat we graag willen informeren naar dierbare vrienden. Ik zal zeggen dat we Joden zijn, die terugkeren uit ballingschap... er zit tenslotte een beetje waarheid in alles... en dan zal ik spreken... een leugentje meer, een leugentje minder..."

"Maar Judas! Waarom bedriegen?"

"Vergeet dat maar, Meester! De wereld is gebaseerd op bedrog. En dit is nodig, van tijd tot tijd. Nou, om Je blij te maken, zal ik alleen maar zeggen dat we van ver komen, en dat we Joden zijn. Dat gaat op voor drie van de vier. En jij, Johannes, spreek nooit, jij zou jezelf verraden!"

"Ik zal zwijgen."

"Dan... als dat goed gaat... dan zeggen we de rest.

Maar ik heb weinig hoop... Ik ben scherpzinnig, en kan snel aanvoelen."



"Ik zie het, Judas. Maar Ik zou liever hebben dat je eenvoudig was."

"Dat dient tot weinig. In jouw groep, zal ik degene zijn voor de moeilijker missies.

Laat het mij doen!"


Jezus is niet erg geneigd.

Maar Hij geeft toe.'


9 jan.1945

Reacties

Populaire posts van deze blog

Maria wil graag Elise terugzien, haar maatje in de tempel

Martha vertelt hoe haar zus heen en weer wordt geslingerd

Maria Magdalena, serafijn nu, mag zalven en aanraken