napraten in het huisje van Gethsemane
CXVI
IN GETHSEMANE
GESPREK OVER DE HEIDENEN EN DE GESLUIERDE
-NACHTGESPREK MET NICODEMUS-
116.1
Maria Valtorta:
'Jezus is in de keuken van het kleine huis van de Olijfberg,
tijdens het avondeten met Zijn discipelen.
Ze praten over de gebeurtenissen van de dag, die echter niet die is die eerder is beschreven,
omdat ik over andere gebeurtenissen hoor, inclusief de genezing van een melaatse,
die plaatsvond bij de graven langs de weg naar Bethphagé.
"Er was ook een Romeinse hoofdman die toekeek,"
zegt Bartholomeüs, en hij voegt toe:
"Hij vroeg mij, vanaf de top van zijn paard:
'Doet de man die jij volgt vaak zulke dingen?'"
En op mijn bevestigende antwoord riep hij uit:
'Dan is hij groter dan Aesculapius
en zal hij rijker worden dan Croesus!'
Ik antwoordde:
'Hij zal altijd arm zijn volgens de wereld,
omdat Hij niet ontvangt maar geeft, en enkel zielen wil
om ze tot de ware God te brengen."
De hoofdman keek mij verbaasd aan.
En toen gaf hij zijn paard de sporen en galoppeerde weg."
"Er was ook een Romeinse dame in een draagstoel.
Het kon alleen een vrouw zijn. De gordijnen waren dicht,
maar ze gluurde erachter naar buiten. Ik zag het!"
zegt Thomas.
"Ja. Het was bij de bovenste bocht van de weg.
Ze had het bevel gegeven om te stoppen, toen de melaatse riep: 'Zoon van David, wees mij genadig!'
Toen liet ze een gordijn opzij schuiven, en ik zag dat ze naar Je keek met een kostbare lens,
en toen lachte ze ironisch."
"Maar toen ze zag dat Jij hem genas, louter op bevel...
toen riep ze mij en vroeg: 'Is Hij degene die ze de ware Messias noemen?'
Ik zei ja, en zij zei tegen mij: 'En jij bent bij Hem?'
En toen vroeg ze: 'Is Hij echt goed?'"
vertelt Johannes.
"Jij hebt haar dus gezien! Hoe was ze?"
vragen Petrus en Judas.
"Nou ja!... Een vrouw..."
"Wat een ontdekking!" lacht Peter.
En Iskariot vervolgt: "Maar was ze mooi, jong en rijk?"
"Ja. Ik geloof dat ze jong was en ook mooi.
Maar ik heb meer naar Jezus gekeken dan naar haar.
Ik wilde zien of de Meester alweer verder was gegaan..."
"Domkop!" mompelt Iskariot tussen zijn tanden.
"Waarom?" verdedigt Jakobus van Zebedeüs hem.
"Mijn broer was geen Ganymedes op zoek naar avontuur.
Hij heeft uit beleefdheid geantwoord, maar faalde niet in zijn eerste kwaliteit."
"Welke dan?" vraagt Iskariot.
"Die van een leerling die de Meester als zijn enige liefde heeft."
Judas buigt geïrriteerd het hoofd.'
Reacties
Een reactie posten