tuinder Ananias wil 'koning' Jezus graag te gast - zijn twee zwarte slavinnen kruipen van eerbied


218.4

Maria Valtorta:

'Ze gaan allemaal de tuin in,

waar de man al banken heeft neergezet rond een ruwe tafel onder een dikke pergola van wijnranken.

"Vrede zij met u, Ananias. Moge het land bloeien door uw liefdadigheid en u rijke vruchten voortbrengen!"


"Dank u. Vrede zij met U. Ga zitten, ga zitten. Anibe! Nubi! Brood, wijn, water. Nu!" beveelt de oude man 2 Afrikaanse vrouwen, want de ene is helemaal zwart met dikke lippen en krullend haar, de andere heel donker, hoewel van een meer Europees type.

En de oude man legt uit: "De dochters van de slaven van mijn vrouw. Zij is dood, en degenen die met haar zijn meegekomen, zijn ook dood. Maar hun dochters bleven. Boven- en Beneden-Nijl. Mijn vrouw was van daar. Verboden, hè? Maar dat kan mij niets schelen. Ik ben niet van Israël, en vrouwen van lagere rassen zijn zachtmoedig."


"Bent u niet van Israël?"

"Ik ben het uit dwang, want Israël hangt als een juk op onze nek. Maar...

U bent een Israëliet, en bent misschien beledigd door wat ik zeg?..."


"Nee. Ik ben niet beledigd.

Ik zou alleen willen dat u naar de stem van God luisterde."


"Hij spreekt niet tot ons."

"Dat zegt u. Ik spréék tot u, en dit is Zijn stem."

"Maar U bent de Koning van Israël."


De vrouwen, die aankomen met brood, water en wijn en het woord 'koning' horen, blijven verbaasd staan, ​​en kijken naar de blonde, glimlachende, waardige jongeman, die hun meester 'koning' noemt. Meteen beginnen ze zich terug te trekken, bijna kruipend uit respect.

"Dank, vrouwen. En vrede zij ook met jullie."


Dan, gericht tot de oude man:

"Ze zijn jong... Ze kunnen doorgaan met hun werk."

"Nee. De aarde is nat en kan wachten. Spreek even.

Anibe, maak de ezel los en breng hem naar de stal.

En jij, Nubi, gooi de laatste emmers leeg, en dan...

Wilt U hier verblijven, Heer?"


"Doe verder geen moeite.

Het is voldoende als Ik hier wat kan eten, en dan ga Ik naar Asjkelon."

"Het is voor mij geen moeite. Ga naar de stad. Maar kom vanavond terug. We breken het brood en verdelen het zout. Snel, jullie! Jij, aan het brood, roep Geteo om een ​​bokje te slachten, en het voor vanavond klaar te maken. Ga!"

En de twee vrouwen vertrekken zonder te spreken.'


14 juli 1945

Reacties

Populaire posts van deze blog

Maria wil graag Elise terugzien, haar maatje in de tempel

Martha vertelt hoe haar zus heen en weer wordt geslingerd

Maria Magdalena, serafijn nu, mag zalven en aanraken