lepra rédt van doodstraf die terecht zou zijn geweest
248.10
Maria Valtorta:
'De menigte kijkt eveneens toe
en na enkele ogenblikken schreeuwen ze en werpen zich op hun gezicht.
Dan kijken de vier, die in een rij stonden, elkaar aan en schreeuwen op hun beurt:
de eerste, de jongeman, vol verbazing; de anderen vol afschuw.
Want ze zien hun gezichten plotseling bedekt met melaatsheid,
terwijl de jongeman ongeschonden is.
De dienaar werpt zich aan Jezus' voeten,
die net als alle anderen, inclusief de soldaten, opzij stapt
en de jonge Abel bij de hand neemt, zodat hij niet besmet zal worden door de drie melaatsen.
En de dienaar roept uit:
"Nee! Nee! Vergeef me! Niet een melaatse!
Zij waren het die me betaald hebben, om hun meester tot de avond op te houden,
zodat ze hem op de verlaten weg konden doden.
Zij dwongen me de hoefijzers af te rukken van de muilezel.
Ze leerden me te liegen en te zeggen dat ik vooruit was gegaan.
In werkelijkheid was ik bij hen, om hem mee te doden.
En ik zal U ook vertellen waarom ze het deden.
Omdat Joël besefte dat Jakob zijn jonge vrouw beminde,
en omdat Asher Abels moeder begeerde, maar zij hem afwees.
Zij spraken af, om Joël en Abel samen uit de weg te ruimen,
om van die vrouwen te kunnen genieten.
Ik heb gesproken.
Neem mijn melaatsheid weg, neem haar weg!
Abel, jij bent goed... bid voor mij!"
"Ga naar je moeder, Abel.
Moge ze uit haar lethargie ontwaken, je gezicht zien en terugkeren naar een vredig leven.
En jullie...
Tegen jullie zou Ik moeten zeggen:
'Laat jullie hetzelfde overkomen als wat je gedaan hebt.'
En dat zou menselijke gerechtigheid zijn.
Maar Ik vertrouw jullie toe aan een bovenmenselijke herstelbetaling.
De lepra waar jullie zo door gechoqueerd zijn,
rédt jullie van de gevangenneming en de dood die jullie verdienen.
Mensen van Bethlehem, ga opzij, open als de wateren van de zee,
zodat deze mensen naar hun lange gevangenis kunnen gaan.
Verschrikkelijke gevangenis!
Gruwelijker dan een snelle dood.
En het is Goddelijke Genade
dat Hij hun de kans geeft zich te bekeren, als ze dat willen.
Vooruit, ga!"
De menigte dringt zich tegen de muren aan,
waardoor het midden van de straat vrij blijft.
De drie, bedekt met lepra alsof ze al jaren ziek waren,
gaan een voor een in de richting van de berg.
In de stilte en de vallende schemering,
die elk geluid van vogels en viervoeters heeft verstomd,
is alleen hun gehuil te horen.
"Reinig de weg met overvloedig veel water,
nadat je hem met vuur hebt verbrand.
En jullie, soldaten, ga
en verkondig dat er recht is gedaan,
volgens de volmaakte Mozaïsche wet."
En Jezus draait zich om en gaat,
naar waar Zijn Moeder en Maria Klopas de vrouw blijven helpen,
die langzaam bijkomt, terwijl haar zoon haar bevroren handen streelt,
en ze kust.'
Reacties
Een reactie posten