Posts

Er worden posts getoond met het label melaatsheid

melaatse heilige leerde dorp Jezus kennen

Afbeelding
- John Bradburne bij melaatse in Rhodesië - 450.8 Maria Valtorta: 'Het dorp, eerder parallel aan het meer dan er loodrecht op, wordt al snel gepasseerd,  en het landschap, zacht en stil in de vallende schemering die 's nachts geen schaduw werpt, omdat er tussen het daglicht en het maanlicht van de nacht slechts een onmerkbare overgang is, verwelkomt hen. Ze gaan richting de voet van de hoge klif die, verder naar het zuiden, aan het meer grenst. Grotten, ik weet niet of ze natuurlijk zijn of opzettelijk in de rots zijn uitgehouwen, vele ervan dichtgemetseld en aan de buitenkant witgekalkt, zeker graven, bevinden zich in de klif. "We zijn er! Laten we stoppen om onszelf niet te besmetten. We zijn vlakbij het graf van de levende, en dit is het uur waarop hij naar de rots komt om zijn offergaven op te halen. Hij was rijk, weet je?... Wij herinneren ons hem. Hij was al goed.  Maar nu is hij een heilige. Hoe meer pijn hem trof, hoe rechtvaardiger hij werd. We weten niet hoe het ...

vier vrouwen willen Jezus spreken - zijn het melaatsen?

Afbeelding
426.2 Maria Valtorta: 'De zon brandt op het plein, ondanks de vier enorme platanen,  twee aan het ene en twee aan het andere uiteinde van het rechthoekige plein,  waaronder de lieren staan ​​voor het draaien van het henneptouw. Ik weet niet zeker of ik het gereedschap wel goed benoem.  De mannen, gekleed in tunieken die slechts het hoognodige bedekken,  doorweekt van het zweet alsof ze onder de douche staan,  draaien en draaien hun lieren met een constante beweging,  alsof ze een gevangenisstraf uitzitten... Ze spreken alleen de essentiële woorden die met het werk te maken hebben.  Daarom is er, afgezien van het gekraak van de lierwielen en het gekraak van het gespannen henneptouw,  geen ander geluid op dat plein,  een vreemd contrast met het lawaai in de andere vertrekken rondom het huis van de touwmaker. De uitroep van een van de touwmakers is dan ook verrassend,  alsof hij onverwachts komt: "Vrouwen?! Op deze vreselijke uren?!  K...

Eliseo behoort, na reiniging, voortaan de Heer toe

Afbeelding
391.6 Maria Valtorta: 'Jezus spreekt: "Zoon van Abraham en van de Vader in de hemel, luister! Wat jouw rechtvaardige vader je heeft geprofeteerd, wordt vervuld. De Heiland is hier, en met Hem jouw vrienden uit Engedi, en de apostelen van de Messias, allen gekomen om zich te verheugen over jouw opstanding. Kom zonder vrees! Kom tot bij de kloof, en Ik zal ook komen, en Ik zal jou aanraken,  en je zult gereinigd worden. Kom zonder vrees naar de Heer die jou liefheeft!" De takken wijken weer uiteen, en de melaatse kijkt angstig naar buiten. Hij kijkt naar Jezus, een witte gestalte die over het gras van het plateau loopt, en stilstaat aan de rand van de afgrond... Hij kijkt naar de anderen... en vooral naar zijn oude vader die, alsof hij betoverd is, Jezus volgt met uitgestrekte armen, zijn ogen gericht op het gezicht van zijn melaatse zoon. Die komt naar voren, gerustgesteld. Zwaar hinkend door de wonden aan zijn voeten... strekt hij zijn armen uit, met zijn verrotte handen....

Engedi-overste moet melaatse zoon vertrouwen geven

Afbeelding
391.5 Maria Valtorta: 'Een smalle grotopening, bijna verborgen door vruchtbare struiken, die vlakbij een bron groeien, verschijnt achter een smal plateau, in het midden gespleten door een kloof waar de bron in stroomt. "Eliseo is daar al jaren... wachtend op de dood, of op genade van God..." zegt de oude man zachtjes, wijzend naar de grot. "Roep uw kind. Troost hem. Laat hem niet bang zijn, maar vertrouwen hebben." En Abraham roept luid: "Eliseo! Eliseo! Mijn zoon!" en hij herhaalt de kreet, bevend van angst voor de stilte die hem als enige antwoord geeft. "Is hij misschien dood?" zeggen sommigen. "Nee! Dood, nu, nee! Aan het eind van de kwelling! Zonder een greintje vreugde, nee! O! Mijn zoon!" kreunt de vader... "Huil niet. Roep nog eens!" "Eliseo! Eliseo! Waarom antwoord je niet op de..." "Vader! Mijn vader! Hoe komt het dat je, zo ongewoon, nu hier bent? Misschien is mijn moeder dood, en kom je daarom na...

melaatse zoon van Engedi-overste wordt ook genezen

Afbeelding
CCCXCI GENEZING VAN ELISEO VAN ENGEDI MELAATSE ZOON VAN DE SYNAGOGE-OVERSTE DIE DE DRIEKONINGEN ZAG - Shemen Afarsimon struik - 391.4 Maria Valtorta: 'Heer... U hebt al het goede gedaan in onze stad. U gaat weg en laat niemand achter die nog ziek is... U hebt zelfs de planten en de dieren gezegend... En U zult niet... U hebt mijn vrouw al genezen... maar U zult geen medelijden hebben met de vrucht van haar schoot?... Een zoon voor zijn moeder! Geef een zoon terug aan zijn moeder! U, de volmaakte Zoon van de Moeder van alle genade! In de naam van Uw Moeder, heb medelijden met mij, met ons!..." Ze huilen allemaal samen met de oude man, die krachtig en hartverscheurend heeft gesproken... En Jezus neemt hem in Zijn armen, terwijl hij snikt, en zegt tegen hem: "Huil niet meer! Laten we naar uw Eliseo gaan. Uw geloof, uw rechtvaardigheid, uw hoop verdienen dit en meer. Huil niet, o vader! Laten we niet langer wachten om een ​​schepsel te bevrijden van de verschrikking!" ...

Judas vindt 'melaatse muren' (tzaraath) achterhaald

Afbeelding
369.5 Maria Valtorta: '"Wat voor goede dingen vertellen jullie elkaar? Niets voor ons?" vragen de andere apostelen die, gezien de breedte van de weg, bij Jezus kunnen komen. "Wij hebben over veel dingen gesproken! Jezus vertelde mij een gelijkenis over de melaatsheid van huizen. Die zal ik jullie later navertellen!" antwoordt Petrus. "Wat een bijgeloof! Echt typerend voor die tijd. Muren krijgen geen melaatsheid. Die mensen uit de oudheid schreven, op een dwaze manier, dierlijke eigenschappen toe aan kleding en aan muren. Ridicule dingen, die ons belachelijk maken," doceert Iskariot. "Het is niet zoals jij zegt, Judas. Onder de uiterlijke verschijning, die voldeed aan de behoeften van de mensen in die tijd, schuilt een groot doel, gevormd uit heilige vooruitziendheid. Net als zovele andere voorschriften van het oude Israël. Voorschriften gericht op de gezondheid van het volk. Het is de plicht van wetgevers om een ​​gezond volk te bewaren. Het is G...

'melaatse' Rosa van Jericho wil graag Jezus volgen

Afbeelding
360.13 Maria Valtorta: 'Dan, nu de dierlijke driften in haar lege ingewanden zijn bedaard, kijkt ze om zich heen... en telt hardop: "Een... twee... drie... dertien... Maar dan?... O! Wie is de Nazarener? U, toch?... Alleen U kunt een melaatse genade betonen zoals U dat deed!..." De vrouw knielt met moeite neer vanwege haar zwakte. "Ja, ik ben het. Wat wilt u? Genezen worden?" "Ook... Maar eerst moet ik U iets vertellen... Ik wist van U. Sommige mensen hadden me lang geleden over U verteld... Lang geleden? Nee. Het was herfst. Maar voor een melaatse... is elke dag een jaar... Ik had U graag willen zien. Maar hoe kon ik naar Judea, naar Galilea komen? Ze noemen me een 'melaatse'. Maar ik heb alleen een zweer op mijn borst, en die heb ik gekregen van mijn man, die me als maagd en gezond nam, terwijl hij zelf niet gezond was. Maar hij is een machtig man... en hij is tot alles in staat. Ook te zeggen dat ik hem bedrogen heb, door ziek naar hem toe te k...

gevallen vrouw is dood noch melaats, wel uitgehongerd

Afbeelding
- Barmhartige Samaritaan (wijn, azijn, olie...) - 360.12 Maria Valtorta: 'Ze lopen erheen... maar nieuwsgierigheid drijft ook de anderen die kant op. Niet langer gehinderd door het water in het gebladerte, dat van de schuddende takken op hun hoofd neerregent, noch door het doorweekte mos, klimmen ze de helling op om te kijken, zonder dicht bij de vrouw te hoeven komen. En ze zien Jezus zich bukken, haar bij de oksels grijpen, en haar tegen een rots neerzetten Haar hoofd hangt alsof het dood is. "Simon, draai haar hoofd naar achteren, zodat Ik een beetje wijn in haar keel kan laten lopen!" De Zeloot gehoorzaamt onbevreesd, en Jezus, zijn keppel/pompoen/beker hoog houdend, laat druppels wijn vallen tussen haar geopende, bleke lippen. En Hij zegt: "Ze is bevroren, de ongelukkige! En ze is helemaal nat!" "Als ze geen melaatse was, hadden we haar mee kunnen nemen naar waar wij waren," zegt Andreas, vol medelijden met haar. "Natuurlijk niet!" snauw...

apostelen vinden vrouw op weg: dood? melaats?...

Afbeelding
360.10-11 Maria Valtorta: 'Laten we nu onze metgezellen wakker maken. Het is gestopt met regenen. De mantels zijn droog. De lichamen zijn uitgerust. Laten we eten en vertrekken." Hij verheft langzaam Zijn stem, tot "en vertrekken" een vastberaden bevel wordt. Iedereen staat op en heeft spijt dat ze al die tijd hebben geslapen, terwijl Jezus de wacht hield. Ze maken zich klaar, eten, pakken hun mantels, doven het vuur en gaan het vochtige pad op, de afdaling in naar het muilezelpad, dat de helling volgt, steil genoeg om geen modderpoel te zijn. Het licht is nog zwak, want er is geen zon en geen heldere hemel. Maar het is genoeg om te zien. - Andreas en de twee zonen van Alfeüs lopen voorop. Op een bepaald punt buigen ze zich voorover, kijken om zich heen en rennen terug. "Daar ligt een vrouw! Ze ziet er dood uit! Ze blokkeert de weg!" "O, wat vervelend! Dit begint slecht. Hoe moeten we dit aanpakken? Nu moeten we ons reinigen!" De eerste klachten v...

in Antiochië: getuigenis van de Zeloot (ex-melaatse)

Afbeelding
324.2 Maria Valtorta: '"'t Is aan jou, Simon Zeloot ! Ik heb gesproken, ga jij verder!" De Zeloot, zo plots gegrepen en zo duidelijk aangewezen als tweede spreker, kan niet anders dan zonder aarzeling of verwijt naar voren treden. En dat doet hij, door te zeggen: "Ik zal de redevoering van Simon Petrus voortzetten, het hoofd van ons allen door de wil van de Heer. En ik zal op mijn beurt uitgaan van Jesaja 52, gezien door iemand die de vleesgeworden Waarheid kent, wiens dienaar hij voor eeuwig is. Er staat geschreven: "Sta op, bekleed u met kracht, o Sion, bekleed u met uw feestgewaad, o stad van de Heilige." [ Jes.52:1 ] Zo hoort het ook te zijn! Want, wanneer een belofte wordt vervuld, wanneer vrede wordt gesloten, veroordeling ophoudt, en de tijd van vreugde aanbreekt, dan moeten de harten en steden zich voor de gelegenheid tooien en hun neerslachtige hoofden opheffen, in het gevoel dat ze niet langer gehaat, niet langer verslagen en geslagen zijn, m...

alle zieken in Bozra tegelijk genezen! (ook melaatse)

Afbeelding
- Prière des malades in St.-Nicolas-des-Champs (Parijs)- 293.7 Maria Valtorta: 'De genezing van alle zieken is gelijktijdig en alomvattend. Een gejuich, een donderend geroep, hosanna's voor de Verlosser! En vanuit de achterkant van de binnen-plaats, nog steeds het doek meeslepend dat haar bedekte, breekt een vrouw door de menigte heen en valt aan de voeten van de Heer. De menigte slaakt een andere kreet, een kreet van angst: " Maria , de melaatse v rouw van Joachim !" en ze vluchten in alle richtingen. "Wees niet bang! Ze is genezen! En haar aanraking kan jullie geen kwaad meer doen!" verzekert Jezus. En dan tegen de neergeknielde vrouw: "Sta op, mevrouw. Uw grote hoop heeft u beloond en u bent vergeven voor het vertrappen van de voorzichtigheid jegens uw broeders. Keer terug naar huis na deze heilzame reiniging." De vrouw, jong en tamelijk mooi, huilt terwijl ze opstaat. Jezus toont haar aan de menigte, die dichterbij komt, en het wonder bewondert...

lepra rédt van doodstraf die terecht zou zijn geweest

Afbeelding
248.10 Maria Valtorta: 'De menigte kijkt eveneens toe  en na enkele ogenblikken schreeuwen ze en werpen zich op hun gezicht. Dan kijken de vier, die in een rij stonden, elkaar aan en schreeuwen op hun beurt: de eerste, de jongeman, vol verbazing; de anderen vol afschuw. Want ze zien hun gezichten plotseling bedekt met melaatsheid, terwijl de jongeman ongeschonden is. De dienaar werpt zich aan Jezus' voeten, die net als alle anderen, inclusief de soldaten, opzij stapt en de jonge Abel bij de hand neemt, zodat hij niet besmet zal worden door de drie melaatsen. En de dienaar roept uit: "Nee! Nee! Vergeef me! Niet een melaatse! Zij waren het die me betaald hebben, om hun meester tot de avond op te houden, zodat ze hem op de verlaten weg konden doden. Zij dwongen me de hoefijzers af te rukken van de muilezel. Ze leerden me te liegen en te zeggen dat ik vooruit was gegaan. In werkelijkheid was ik bij hen, om hem mee te doden. En ik zal U ook vertellen waarom ze het deden. Omdat ...

ook melaatsen van Ben Hinnom genezen

Afbeelding
-Graven in de vallei van Hinnom-Gehenna (J. Tissot)- 199.5 Maria Valtorta: '"En laten we nu naar Ben Hinnom gaan," zegt Jezus. "Meester... Ik zou graag komen. Maar ik voel dat ik niet kan. Ik ga naar Gethsemane," zegt Lazarus. "Ga, Lazarus, ga. Vrede zij met je." Terwijl Lazarus langzaam op weg gaat, zegt de apostel Johannes: "Meester, ik zal hem vergezellen. Hij heeft het moeilijk en de weg is niet erg goed. Daarna zal ik naar Jou komen, in Ben Hinnom." "Ga maar. Laten we gaan." Ze steken de Kidronvallei over, lopen langs de zuidkant van de berg Tofeth, en komen in de vallei bezaaid met graven en vuil, zonder een boom, zonder schild tegen de zon, die met al zijn vuren op deze zuidkant neervalt met al zijn gloed, en de stenen van deze nieuwe echelons van de hel verschroeit, aan de voet waarvan de rook van etterende vuren de hitte nog verergeren. En in deze graven, als in crematoria, liggen arme lichamen te kwijnen... Siloan moet er...

vijf melaatsen van Siloan genezen, anderen wordt tijd gegund

Afbeelding
-Healing of ten lepers (J. Tissot)- 199.4 Maria Valtorta: '"Laten we nu naar deze ongelukkigen gaan!" zegt Jezus, en Hij keert de stad de rug toe en gaat naar een verlaten plek, gelegen op de helling van een rotsachtige heuvel tussen de twee wegen die van Jericho naar Jeruzalem leiden. Een vreemde plek, als trappen, na de eerste helling, waar een pad omhoog slingert, zodat de eerste trede minstens drie meter boven het pad ligt, net als de tweede. Dor, dood... Heel triest. "Meester," roept Simon de Zeloot, "Ik ben hier! Blijf staan, dan zal ik Je de weg wijzen..." En de Zeloot, die tegen de rots had geleund voor wat schaduw, komt naar voren en leidt Jezus over een pad met trappen dat naar Getsemane leidt, maar daarvan gescheiden is door de weg die van de Olijfberg naar Bethanië leidt. "Hier zijn we. Ik woonde tussen de graven van Siloam, en hier zijn mijn vrienden. Een paar van hen. De anderen zijn bij Ben Hinnom, maar die kunnen niet komen... Ze ...

naar Simons melaatse vrienden, of naar elders...

Afbeelding
CXCIX DE MELAATSEN VAN SILOAN en BEN HINNOM -PETRUS VERKRIJGT MARGZIAM VIA MARIA- -melaatsen in Jeruzalem (1900)- 199.3 Maria Valtorta: 'Zie, Jezus komt met Lazarus uit het huis, en tegen het kind dat naar hem toe rent, zegt Hij: "Vrede tussen ons, Margziam. Laten we elkaar de vredeskus geven!" Lazarus, begroet door het kind, aait hem en geeft hem een ​​snoepje. Iedereen verzamelt zich rond Jezus. Ook Maria, gekleed in een turquoise linnen gewaad, waarover een donkerdere mantel is gedrapeerd, komt glimlachend naar haar Zoon toe. "Dan kunnen we gaan," zegt Jezus. "Jij, Simon, met Mijn Moeder en het kind, als je echt geld wilt uitgeven, zelfs nu Lazarus heeft voorzien." "Natuurlijk! En dan... zal ik kunnen zeggen dat ik voor één keer naast Je Moeder heb mogen lopen. Een grote eer!" "Ga dan." "Jij, Simon, gaat met me mee naar je melaatse vrienden..." "Echt waar, Meester? Als Je me toestaat, ren ik vooruit om ze op te hal...

jongeling, na wellust, melaats

Afbeelding
CXXVIII TOESPRAKEN VAN AQUA SPECIOSA GIJ ZULT DE VROUW VAN EEN ANDER NIET BEGEREN -DE WELLUSTIGE JONGEMAN- 128.1 M. Valtorta: 'Jezus loopt door een heel kleine menigte, die hem van alle kanten toeroept. Sommigen tonen hun wonden, anderen sommen hun ongelukken op, weer anderen beperken zich tot: "Wees mij genadig!" en nog iemand anders tilt haar eigen zoontje omhoog opdat het gezegend zou worden. De rustige en windstille dag heeft veel mensen aangetrokken. - Als Jezus bijna op Zijn plaats is, komt van het weggetje dat naar de rivier leidt een erbarmelijke klaagzang: "Zoon van David, ontferm U over Uw ellendeling!" Jezus wendt zich in die richting, en de mensen en discipelen met Hem. Maar een dichte bos struiken verbergt de jongeman die smeekt. "Wie ben jij? Kom naar voren!" "Dat kan ik niet. Ik ben besmet. Ik moet naar de priester om uit de wereld te worden gestoten. Ik heb gezondigd en de melaatsheid is op mijn lichaam gekomen. Mijn hoop bent U!...

apostelen zullen allen tot marteldood in staat zijn

Afbeelding
-Marteldood van apostel Thomas (P.P. Rubens)- 103.2 Maria Valtorta: 'Jezus, die hen onder elkaar had laten praten, komt tussenbeide: "Binnenkort zullen er op elk punt van de bekende aarde evenveel heiligen zijn als bloemen op een weide in april, die graag sterven voor deze eerlijkheid tegenover de Genade en uit liefde voor God!" "Echt? Oh! Wat zou ik deze heiligen graag willen begroeten en tegen hen zeggen: 'Bid voor de arme Simon van Jona!'" zegt Petrus. Jezus kijkt hem strak aan en glimlacht. "Waarom kijk Je zo naar mij?" "Omdat je hen zult zien als hun assistent en hen zult zien wanneer ze jou assisteren." "Waarin, Heer?" "In het worden van de Steen, geconsacreerd door het Offer, waarop Mijn Getuigenis zal gevierd en gebouwd worden." "Ik begrijp Je niet". "Je zult het begrijpen." De andere discipelen, die dichterbij gekomen zijn en het hoorden, fluisteren onder elkaar. Jezus draait zich om en...

Schone van Korazim had écht berouw

Afbeelding
-Berouwvolle Magdalena (Antonio Canova)- 96.3 Maria Valtorta: 'Ik weet waarom jullie uit Kafarnaüm zijn gekomen. En Ik heb zozeer een zuiver geweten m.b.t. de zonde die Mij ten laste wordt gelegd, en in naam waarvan - de niet-bestaande zonde - ze achter Mijn rug fluisteren, insinuerend dat het aanhoren en volgen van Mij medeplichtigheid is met de zondaar, dat Ik niet bang ben om de reden hiervan aan de mensen van Bethsaïda bekend te maken. Onder jullie, burgers van Bethsaïda, zijn er enkele oudsten die om verschillende redenen de Schone van Korazim niet zijn vergeten. Er zijn mannen die met haar gezondigd hebben, er zijn vrouwen die erom hebben gehuild. Zij huilden en... - Oh! Ik was nog niet gekomen om te zeggen: 'Heb degenen lief die u kwaad doen!' – zij huilden dus en verheugden ze zich daarna, toen ze haar door het rot aangevreten vonden, sijpelend uit haar onzuivere ingewanden uit haar mooie lichaam, beeld van die veel ernstiger melaatsheid die aan haar had geknaagd, ...