Judas houdt uitgebuite boeren voor hun lot te accepteren


260.5

M. Valtorta:

'Jochanans boeren voegen zich ook bij de anderen.

Het is tijd om te spreken.


Jezus' blauwe ogen kijken op naar Judas Iskariot,

die zich bij een boom heeft geplaatst, een beetje in de schaduw.

En omdat Hij ziet dat Judas doet alsof hij die blik niet begrijpt,

roept Jezus luid: "Judas!"


Hij wordt nu gedwongen op te staan

en naar voren te komen.


"Blijf niet aan de kant staan.

Ik verzoek jou om het Evangelie voor Mij te verkondigen.

Ik ben erg moe. En als Ik vanavond niet was gekomen,

had jullie sowieso het woord moeten voeren!"


"Meester... ik weet niet wat ik moet zeggen...

Stel mij in ieder geval wat vragen."


"Het is niet aan Mij om vragen te stellen.

Jullie allen: wat willen jullie horen of uitgelegd krijgen?"

vraagt ​​Hij vervolgens aan de boeren.


De mannen kijken elkaar aan... ze zijn onzeker...

Uiteindelijk vraagt ​​een landarbeider:

"De almacht en de goedheid van de Heer hebben wij leren kennen.

Maar we weten heel weinig van Zijn Leer. Misschien zullen we nu meer kunnen leren,

nu we bij Jochanan zijn... Maar in ons brandt een verlangen om te weten

wat de essentiële dingen zijn die gedaan moeten worden

om het Koninkrijk te verkrijgen dat de Messias belooft.

Met het weinige dat we kunnen doen,

kunnen we het daarmee verkrijgen?"



Judas antwoordt:

"Jullie bevinden je inderdaad in een zeer moeilijke situatie.

Alles in je en om je heen spant samen om je van het Koninkrijk te verwijderen.

De vrijheid die jullie missen om naar de Meester te gaan wanneer je maar wilt,

je positie als dienaren van een meester — die, als hij geen hyena is zoals Doras,

naar wij begrijpen toch een mastiff is die zijn dienaren stevig gevangen houdt—

jullie lijden en de vernedering die je verdraagt... het zijn allemaal

ongunstige omstandigheden voor jullie verkiezing tot het Koninkrijk.


Want het is onwaarschijnlijk dat jullie geen wrok zullen koesteren

en gevoelens van rancune, kritiek en wraak jegens degene die je zo hard behandelt.

En het minimum dat nodig is, is God en je naaste liefhebben.

Zonder dat is er geen redding.


Jullie moeten erover waken om je hart te beheersen

in lijdende onderwerping aan de wil van God, die zich openbaart in jullie lot,

en in geduldige verdraagzaamheid jegens jullie meester,

zonder zelfs je gedachten de vrijheid te gunnen van een oordeel,

dat zeker niet welwillend zou zijn jegens je meester

noch dankbaar jegens je... ten opzichte van je...


Kortom, jullie moeten niet te veel nadenken

opdat er geen innerlijke rebellie in je opbloeit,

rebellie die de liefde zou doden.


Want... wie geen liefde heeft, wordt niet gered,

omdat hij het eerste gebod overtreedt.


Ik ben er echter vrijwel zeker van dat jullie jezelf kunnen redden,

omdat ik in jullie goede wil zie, vermengd met zachtmoedigheid,

wat goede hoop geeft dat je haat en wraakzucht ver van je af zult kunnen houden.


Bovendien is Gods barmhartigheid zo groot dat Hij je zal vergeven

wat nog aan volmaaktheid zou ontbreken."'


22 aug.1945

Reacties

Populaire posts van deze blog

Maria wil graag Elise terugzien, haar maatje in de tempel

Martha vertelt hoe haar zus heen en weer wordt geslingerd

Maria Magdalena, serafijn nu, mag zalven en aanraken