Margziam weet wat priester zijn betekent: herder zijn
281.12
M. Valtorta:
"Margziam heft zijn gezichtje op en zegt tegen Jezus:
"Waarom zegt Je zulke akelige dingen die Je Moeder pijn doen?
Ik zal Jou niet laten sterven! Zoals ik de lammetjes heb beschermd,
zo zal ik ook Jou beschermen!"
Jezus aait het kind en vraagt,
om de twee bedroefden op te beuren:
"Wat zouden jouw schaapjes nu aan het doen zijn?
Mis je ze niet?"
"O, ik ben bij Jou!... Maar ik denk altijd aan ze en vraag mij af:
'Heeft Porfirea ze naar de wei gebracht? En heeft ze ervoor gezorgd
dat Spuma niet in het meer terechtkomt? Spuma is zo levendig, weet Je?
Zijn moeder roept hem, roept hem... Maar nee hoor! Hij doet wat hij wil.
En Neve, zo gulzig! Dat ze eet tot ze er ziek van wordt...
Weet je, Meester?
Ik begrijp wat het betekent om priester te zijn in Jouw Naam.
Ik begrijp het beter dan de anderen.
Zij (en hij gebaart met zijn hand naar de apostelen die volgen)
zeggen zoveel grote woorden, maken zoveel plannen... voor later.
Ik zeg: 'Ik zal een herder zijn. Voor de schapen, voor de mensen.
En dat zal genoeg zijn.'
Mijn en Jouw Moeder vertelde me gisteren zo'n mooie passage uit de profeten!
En ze zei tegen me: 'Precies zo is onze Jezus.'
En ik zei in mijn hart: 'En ik zal ook precies zo zijn!'
Toen zei ik tegen onze Moeder:
'Nu ben ik een lam, later zal ik een herder zijn.
Daarentegen is Jezus nu een Herder, en later ook een Lam.
Maar jij... jij zal altijd het Lam zijn, alleen maar het Lam van ons,
wit, mooi, lief, met woorden zoeter dan melk.
Dáárom is Jezus zozeer een Lam:
omdat hij uit jou geboren is,
Lammetje van de Heer."
Jezus buigt zich voorover en kust hem hartstochtelijk.
Dan vraagt hij: "Wil jij echt priester worden?"
"Zeker, mijn Heer! Daarom probeer ik goed te zijn en veel te weten.
Ik ga altijd naar Johannes van Endor. Hij behandelt me altijd als een man, en met grote vriendelijkheid.
Ik wil een herder zijn voor de verloren en de niet-verloren schapen,
en een genezer voor de gewonde en de gebrokene,
zoals de profeet [Ez.34:16] zegt. O, wat mooi!"
En het kind springt op en klapt in zijn handjes.
"Waarom is die zwarte krullenbol zo blij?" vraagt Petrus, die naar voren komt.
"Hij ziet zijn weg. Duidelijk. Tot het einde toe!
En ik bekrachtig dit visioen van hem, met Mijn já!"'
Reacties
Een reactie posten