Bartholomeüs begreep scheiding verkeerd 1
CCCXXXII
DE PIJNLIJKE SCHEIDING VOOR BARTHOLOMEÜS
DIE SAMEN MET FILIPPUS HERENIGD WORDT MET DE MEESTER
332.1
Maria Valtorta:
'Jezus is met de zes in een kamer
waar zeer armzalige bedden op elkaar gestapeld staan. De resterende ruimte is nauwelijks groot genoeg om van de ene kant van de kamer naar de andere te lopen. Ze eten hun meer dan eenvoudige maaltijd zittend op bed, want er is geen tafel of stoel.
En op een gegeven moment gaat Johannes op de vensterbank zitten, op zoek naar de zon. Zo is hij de eerste die de verwachte Petrus, Simon, Filippus en Bartholomeüs naar het huis ziet komen. Hij roept hen en rent dan naar buiten, gevolgd door iedereen. Alleen Jezus blijft achter, die te midden van alle commotie opstaat en zich omdraait om naar de deur te kijken...
De nieuwkomers komen binnen. En je kunt je de uitbundigheid van Petrus makkelijk voorstellen, net zoals de diepe eerbied van Simon de Zeloot... Wat verrassend is, is de houding van Filippus en vooral van Bartholomeüs.
Die komen binnen, ik zou zeggen, bijna angstig, ademloos. En hoewel Jezus Zijn armen voor hen opent om de vredeskus die Hij Petrus en Simon al had gegeven met hen te delen, vallen zij op hun knieën en buigen hun hoofd tot op de grond, kussen Jezus' voeten en blijven daar... En Bartholomeüs' onderdrukte zuchten verraadt dat hij stilletjes aan Jezus' voeten huilt.
"Waarom die angst, Bartholomeüs? Wil je niet in de armen van de Meester komen? En jij, Filippus, waarom ben je zo bang? Als Ik niet wist dat jullie twee eerlijke mannen zijn, in wier harten geen kwaad kan wonen, zou Ik jullie van schuld verdenken. Maar dat is niet het geval. Kom hier dan! Ik heb zo verlangd naar jullie kus! En naar de heldere blik van jullie trouwe ogen!..."
"Wij ook, Heer..." zegt Bartholomeüs, terwijl hij zijn gezicht opheft en de tranen over zijn wangen stromen. "Wij verlangden alleen maar naar Jou, en vroegen ons af hoe wij Je zo hadden kunnen mishagen, dat wij het verdienden zo van Jou gescheiden te worden...
En het leek ons onrechtvaardig... Maar nu weten we het... O, vergeving, Heer! Wij vragen Je om vergeving. Vooral ik, omdat Filippus omwille van mij van Jou gescheiden werd. En aan hem heb ik het al gevraagd. Ik, ik alleen ben schuldig, ik, de oude Israëliet, koppig in het vernieuwen van zichzelf, ik die Jou pijn heb gedaan..."
Jezus buigt zich voorover en tilt hem met kracht op, zoals Hij Filippus optilt, en omhelst hen beiden, zeggend: "Maar waarvan beschuldigen jullie jezelf? Jij hebt geen kwaad gedaan. Geen enkel kwaad! En Filippus ook niet. Jullie zijn Mijn geliefde apostelen, en vandaag ben Ik heel blij jullie weer bij Me te hebben, voor altijd herenigd..."
"Nee, nee..."
Reacties
Een reactie posten