Judas is (vals?) vrijgevig, om geprezen te worden
357.5
Maria Valtorta:
'"En wat doet Judas nog meer?"
"Heer, hij... O! Heer!..."
Johannes hoofd zakt nog lager.
"Wat?..."
"Hij... het is niet waar dat het zijn geld is,
dat hij Jou geeft voor de armen.
Het is het geld van de armen dat hij voor zichzelf steelt,
om geprezen te worden voor zijn valse vrijgevigheid.
Jij hebt hem woedend gemaakt,
omdat Je hem op de terugweg van Tabor al het geld had afgenomen.
En hij zei tegen mij: 'Er zijn spionnen onder ons!'
Ik zei: 'Spionage waarover? Steel jij?'
'Nee,' antwoordde hij,
'maar ik ben vooruitziend, en ik draag twee beurzen bij me.
Iemand vertelde dat aan de Meester, en Hij beval mij alles te geven,
zo nadrukkelijk, dat ik er haast toe gedwongen werd.'
Maar het is niet waar, Heer, dat hij dit uit voorzorg doet.
Hij doet het om geld te hebben.
Ik kan met bijna absolute zekerheid getuigen
dat ik de waarheid spreek!"
"Bijna absolute zekerheid!
Die twijfel, toch, is een kleine fout.
Je kunt hem niet beschuldigen van diefstal,
tenzij je er absoluut zeker van bent.
Mensen hebben soms een lelijke schijn,
ook al zijn ze goed..."
"Dat is waar, Meester.
Ik zal hem niet meer beschuldigen, zelfs niet in mijn gedachten.
Maar dat hij twee beurzen heeft...
en de beurs die hij de zijne noemt en aan Jou geeft, nog steeds de Jouwe is,
en dat hij het doet om geprezen te worden,
is waar.
En dat zou ik niet doen.
Ik vind het niet goed om dat te doen."
"Je hebt gelijk."
Reacties
Een reactie posten