Judas heeft moeite met armoedebeginsel
406.3
Maria Valtorta:
'Een harde klop op de deur.
De vrouw rent naar de deur om open te doen.
Het zijn de discipelen.
"Komen jullie!" zegt Jezus.
"Hebben jullie het geld aan de armen uitgedeeld?"
"Ja, Meester."
"Tot de laatste druppel?...
Bedenk dat wat ons gegeven wordt
niet voor onszelf is, maar voor de liefdadigheid.
Wij zijn arm en leven van de genade van anderen.
Ellendig de apostel die zijn missie misbruikt voor menselijke doeleinden!"
"En wat als je op een dag geen brood meer hebt,
en beschuldigd wordt van het overtreden van de Wet,
omdat je de mussen nadoet door aan korenaren te knabbelen?"
"Heb jij ooit iets tekort gehad, Judas?
Niets essentieels gehad sinds je bij Mij bent?
Heb je ooit op de weg geleden?"
"Nee, Meester."
"Toen Ik tegen jou zei: 'Kom!',
heb Ik jou toen gemak en rijkdom beloofd?
En heb Ik ooit in Mijn woorden tot hen die naar Mij luisteren gezegd
dat ik 'de Mijnen' voorzieningen zal schenken op aarde?"
"Nee, Meester."
"Dus, Judas?... Waarom ben je zo veranderd?
Weet jij niet, voel jij niet dat jouw ontevredenheid, jouw kilheid, Mij pijn doet?
Zie jij niet dat deze ontevredenheid zich verspreidt naar je broeders?
Waarom, Judas, vriend, jij, geroepen tot zo'n lot...
jij die met zoveel enthousiasme naar Mijn liefde en Mijn licht gekomen bent...
waarom wijs je Mij nu af?"
"Meester, ik wijs Jou niet af.
Ik ben degene die het meest om Jou geeft,
om Jouw belangen, om Jouw succes.
Ik zou Je graag overal zien zegevieren, geloof me!"
"Ik weet het. Menselijkerwijs gesproken, wil je dat.
Dat is al heel veel. Maar Ik wil dit niet, Judas, Mijn vriend...
Ik ben gekomen voor iets veel groters dan een menselijke triomf en een menselijk koninkrijk...
Ik ben niet gekomen om Mijn vrienden kruimels van een menselijke triomf te geven.
Maar om jullie een genereuze, kostbare, overvloedige beloning te geven,
een beloning die geen beloning meer is, zo vol is ze: het is deelname
aan Mijn eeuwige Koninkrijk, het is eenheid in de rechten
van kinderen van God...
O Judas!
Waarom maakt dit sublieme erfgoed je niet opgetogen,
die verkregen wordt door verzaking,
maar die geen einde kent?"'
Reacties
Een reactie posten