Jezus legt Petrus' verbolgenheid ter beoordeling voor


448.6

Maria Valtorta:

'"Vrede zij met jullie!"

Jezus staat op, ondanks het lichte schommelen van de boot,

en opent Zijn armen in zegen.


Dan vervolgt Hij,

langzaam sprekend zodat iedereen Hem goed kan verstaan,

en Zijn stem verspreidt zich over het stille meer,

krachtig en harmonieus.


"Een tijdje geleden vertelde een van Mijn apostelen Mij een gelijkenis,

en nu vertel Ik die aan jullie, omdat die voor iedereen nuttig kan zijn,

gezien jullie die allemaal kunnen begrijpen.

Luister ernaar!


Een man, varend op een kalme avond net als deze,

zich zeker voelend van zichzelf, meende oprecht dat hij zonder gebreken was.

Het was een man die uitermate bedreven was in het manoeuvreren

en hij voelde zich daarom superieur aan de anderen die hij op het water tegenkwam,

van wie velen slechts voor hun plezier op het water waren gekomen,

en daarom de ervaring misten die voortkomt uit gewoon werk, 

dat gedaan wordt om de kost te verdienen.

Bovendien was hij een goede Israëliet,

en meende daarom alle deugden te bezitten.

Per slot van rekening was hij echt een goed mens.


En dus, op een avond, terwijl hij veilig aan het zeilen was,

permitteerde hij het zich om enkele oordelen te uiten over zijn naaste.

Een naaste, naar zijn mening, zo ver weg dat hij niet als naaste beschouwd kon worden.

Geen enkele band van nationaliteit, noch van beroep, noch van geloof verbond hem met die naaste,

en daarom, zonder enige rem van nationale, religieuze of professionele solidariteit,

bespotte hij hem kalm, zelfs streng, en klaagde dat hij niet de baas van de plek was,

want, als hij dat wel was geweest, zou hij die naaste er wel weggejaagd hebben,

en in zijn onwrikbare geloof verweet hij de Almachtige bijna

dat Hij deze mensen, anders dan hijzelf, toestond

te doen en te leven zoals hij deed en leefde.


In zijn boot was een vriend, een goede vriend,

die hem oprecht liefhad en daarom wilde dat hij wijs was

en, zo nodig, zijn verkeerde ideeën corrigeerde.


Die avond, zei deze vriend tegen de schipper:

"Waarom deze gedachten? 

Is de Vader van de mensen niet één? Is Hij niet de Heer van het heelal? 

Daalt Zijn zon niet neer op alle mensen om hen te verwarmen,

en bevochtigen Zijn wolken niet de velden van de heidenen

net zo goed als die van de Joden?

En als Hij in 's mensen materiële behoeften voorziet,

zal Hij dan niet ook in hun geestelijke behoeften voorzien?

En zou jij God willen vertellen wat Hij doen moet?

Wie is als God?"


De man was goed.

In zijn onbuigzaamheid zat veel onwetendheid, zaten veel misvattingen,

maar het was geen kwade wil, het was niet zijn bedoeling om God te beledigen.

Integendeel, het was net zijn bedoeling Zijn belangen te verdedigen.


Toen hij die woorden hoorde, wierp hij zich aan de voeten van de wijze

en vroeg hem om vergeving voor zijn dwaze woorden.


Hij vroeg het zo impulsief, dat hij bijna een ramp veroorzaakte, 

waarbij de boot en de opvarenden verloren gingen,

want in zijn haast om vergeving te vragen, 

lette hij niet meer op het roer,

noch op het zeil,

noch op de stroming.


Daarom beging hij,

na de eerste fout van slecht te oordelen,

een tweede fout van slecht te manoeuvreren,

en bewees hij zichzelf dat hij niet alleen een zwakke rechter was,

maar ook een onhandige zeeman.


Dat is de gelijkenis. Luister nu.

Werd deze man volgens jullie door God vergeven of niet?


Onthoud: hij had tegen God en zijn naaste gezondigd

door de daden van beiden te veroordelen,

en had bijna zijn metgezellen gedood.

Overweeg en antwoord..."


En Jezus kruist Zijn armen

en kijkt om zich heen naar alle boten, zelfs de meest verafgelegene,

de Romeinse boten, waarop een rij aandachtige gezichten te zien is,

van patriciërs en roeiers, opduikend op de achtergrond...'


24 juni 1946

Reacties

Populaire posts van deze blog

Maria wil graag Elise terugzien, haar maatje in de tempel

Martha vertelt hoe haar zus heen en weer wordt geslingerd

Maria Magdalena, serafijn nu, mag zalven en aanraken