afscheid van Maria 2
44.2
Maria Valtorta:
'Jezus, die tegen zijn wil langzaam en duidelijk eet, alleen maar om zijn moeder blij te maken, en die bedachtzamer is dan normaal, heft zijn hoofd op en kijkt haar aan.
Hij ontmoet een blik vol tranen, en buigt het hoofd om haar vrij te laten, en zich beperkt enkel tot het vastpakken van haar dunne hand, die zij steeds op de rand van de tafel laat rusten. Hij neemt ze met zijn linkerhand en brengt ze naar zijn wang, laat zijn wang erop rusten en wrijft er even over, om zo de streling van die arme trillende hand te voelen, en dan kust hij ze op de rug, met zoveel liefde en respect.
Ik zie hoe Maria haar vrije hand, haar linkerhand, naar haar mond brengt, alsof ze een snik wil onderdrukken, en hoe ze dan met haar vingers een grote traan afveegt die uit haar wimper is gestroomd en over haar wang loopt.
-
Jezus begint weer te eten
en Maria gaat snel de tuin in, waar nu weinig licht is, en verdwijnt.
Jezus laat zijn linkerelleboog op de tafel rusten, legt zijn voorhoofd op zijn hand, verdiept zich in zijn gedachten en stopt met eten.
Dan luistert hij en staat op.
Hij gaat ook de tuin in en, na rondgekeken te hebben, gaat hij naar rechts, ten opzichte van de zijkant van het huis, en komt via een spleet in een rotsachtige muur binnen in wat ik herken als de timmermanswerkplaats, dit keer alles netjes, geen planken, geen houtkrullen, geen vuur aangestoken. Daar is de werkbank en het gerei, alles op zijn plek, en dat is het.
Maria, over de werkbank gebogen, huilt. Ze ziet eruit als een klein meisje. Ze heeft haar hoofd op haar geplooide linkerarm, en huilt zonder geluid, maar met veel pijn.
Jezus komt langzaam binnen
en nadert haar zo stilletjes dat zij pas begrijpt dat hij er is
als haar Zoon zijn hand op haar gebogen hoofd legt, en roept: “Mama!”
met een stem van liefdevol verwijten.
Maria heft haar hoofd op
en kijkt tussen een sluier van tranen naar Jezus
en leunt op Hem, tegen zijn rechterarm, met haar twee handen gevouwen.
Jezus veegt haar gezicht af met een hoek van zijn grote mouw
en omhelst haar dan, trekt haar tegen zijn hart en kust haar op het voorhoofd.
Jezus is majestueus, hij lijkt mannelijker dan normaal,
en Maria lijkt meer een kind,
afgezien van het door pijn getekende gezicht.
"Kom, Moeder," zegt Jezus tegen haar.
En terwijl hij haar met zijn rechterarm dicht tegen zich aan houdt,
loopt hij terug naar de tuin, waar hij op een bankje tegen de muur van het huis gaat zitten.
De tuin is stil en nu helemaal donker.
Er is alleen een prachtig maanlicht
en het licht dat uit de eetkamer komt.
De nacht is vredig.'
Reacties
Een reactie posten