rood kleed, rode mantel
39.6
Maria Valtorta:
'Maria neemt een groot doek met een donkere granaatkleur
en drapeert die over het lichaam van haar Zoon.
Hoe zij Hem daarbij streelt!
Ze gaan naar buiten, sluiten af.
Ze gaan op pad. Andere pelgrims gaan in dezelfde richting.
Eenmaal buiten het dorp, scheiden de vrouwen zich van de mannen.
De kinderen gaan met wie ze maar willen.
Jezus blijft bij Zijn Moeder.
De pelgrims trekken, veelal zingend,
door het prachtige landschap, in het gelukkigste lenteweer.
Verse weiden en verse gewassen,
en verse bladeren aan de bomen die onlangs hebben gebloeid.
Liederen van mensen in de velden en op straat,
en liederen van verliefde vogels tussen het gebladerte.
Heldere beekjes die de bloemen op de oevers weerspiegelen,
lammetjes die naast hun moeders springen...
Vrede en vreugde, onder de mooiste aprilhemel.
Het visioen eindigt aldus.'
Reacties
Een reactie posten