bonje bij het vijgenplukken

XCVII

ROEPING VAN MATTEÜS

97.1

Maria Valtorta:

'Opnieuw het marktplein van Kafarnaüm.

Maar op een warmer uur, wanneer de markt al over is

en er op het plein alleen maar babbelende lanterfanters zijn

en spelende kinderen.


Jezus komt, te midden van zijn groep, van het meer naar het plein toe,

de kinderen die naar Hem toe rennen liefkozend

en interesse tonend in hun vertrouwelijkheden.


Een klein meisje heeft een grote bloedende schram op haar voorhoofd

en beschuldigt haar broertje ervan die te hebben veroorzaakt.


"Waarom heb je je zus pijn gedaan? Dat is niet goed."

"Ik heb het niet met opzet gedaan! Ik wilde die vijgen plukken en nam een ​​stok.

Maar die was te zwaar en viel op haar... Ik plukte ze ook voor haar!"


"Is dat waar, Johanna?"

"Dat is waar."

"Dan zie je dus dat je broer je geen pijn wilde doen.

Hij wilde je juist een beetje vreugde geven!

Daarom, sluit nu meteen vrede, en geef een kus.

Goede broertjes en zusjes, en ook goede kinderen,

mogen nooit wrok koesteren. Vooruit..."


De twee huilende kinderen kussen elkaar.

Ze huilen allebei: de een vanwege de pijnlijke schram,

de ander vanwege de pijn pijn te hebben veroorzaakt.



Jezus glimlacht bij het kijken naar die kus,

doorspekt met tranen.


"Oh! Kijk!

Nu Ik zie dat jullie goed zijn, zal Ik de vijgen voor jullie plukken.

En zonder stok!"


Reken maar! Zo lang als Hij is, en met Zijn lange armen,

kan Hij dat moeiteloos. Hij plukt ze en deelt ze uit.



Er komt een vrouw aangehold:

"Neem, neem, Meester! Ik zal U wat brood brengen."

"Nee. Ze zijn niet voor Mij. Ze zijn voor Johanna en Tobiolus. Zij wilden ze graag."


"En hebben jullie de Meester daarmee lastig gevallen?

Oh! Hoe opdringerig! Vergeef hen, Heer."


"Mevrouw, het was om vrede te sluiten...

en Ik heb ze gesloten met het object van de strijd zelf: vijgen.

Maar kinderen zijn nooit opdringerig.

Ze houden van zoete vijgen en Ik…

Ik hou van hun lieve, onschuldige zieltjes.

Ze nemen zoveel bitterheid van Mij weg..."


"Meester... het zijn de heren die niet van U houden.

Maar wij, het volk, mogen U graag.

En zij zijn met weinigen...

terwijl wij met velen zijn!"


"Ik weet het, mevrouw. Bedankt voor uw troost.

Vrede zij met u! Tot ziens, Johanna! Dag, Tobiolus! Wees braaf.

Zonder elkaar pijn te doen en zonder pijn te willen doen.

Afgesproken?"


"Zeker, zeker, Jezus!"

antwoorden de beide kindertjes.'


4 feb.1945

Reacties

Populaire posts van deze blog

Maria wil graag Elise terugzien, haar maatje in de tempel

Martha vertelt hoe haar zus heen en weer wordt geslingerd

Maria Magdalena, serafijn nu, mag zalven en aanraken