Jezus voedt zich met de líefde in voedsel
110.7
Maria Valtorta:
'De dienares, die met haar meester sprak
terwijl Jezus met de eg bezig was, komt terug met wat brood,
en vers gemolken melk, een paar verwelkte appels en een schaal vol olijven."
"Meer heb ik niet," verontschuldigt de man zich.
"Oh! moge Ik onder uw voedsel Voedsel zien dat u niet ziet!
En Me ermee voeden, want het heeft een hemelse smaak!"
"Voedt U zich misschien, Zoon van God,
met voedsel dat U door engelen wordt gebracht?
Misschien leeft U van het brood van de geest..."
"Ja, de geest is waardevoller dan het lichaam, en niet in Mij alleen.
Maar Ik eet geen engelenbrood. Maar veeleer de liefde van de Vader en die van de mensen.
Ik vind die ook op uw tafel, en ik zegen de Vader die Mij met liefde naar u heeft geleid,
en ik zegen u, die Mij met liefde verwelkomd hebt en Mij liefde geeft.
Ziehier Mijn voedsel, één met het doen van de Wil van Mijn Vader."
"Zegen dan dit voedsel,
en bied God het voor mij aan.
Vandaag bent U het hoofd van mijn familie
en U zult altijd mijn Meester en Vriend zijn."
Jezus neemt het brood en biedt het aan
het vasthoudend in zijn opgeheven handpalmen
en biddend met een psalm, denk ik.
Dan gaat Hij zitten, breekt het en verdeelt het.
Zo komt er een einde aan alles.'
Reacties
Een reactie posten