bekering brengt schaamte - vergt zachtheid en discretie


-Berouwvolle Magdalena (Luca Giodano)-

231.6

Maria Valtorta:

'"Maar wat als ze, wanneer ze vertrekt,

iemand treft die haar terugvoert naar ondeugd? Ze is er zelf bang voor..."


"En ze zal er altijd bang voor zijn,

nu ze het punt van misselijkheid heeft bereikt.

Maar wees niet bang.

Wanneer een ziel al dit verlangen heeft om tot het Goede te komen,

en alleen wordt tegengehouden door de duivelse Vijand,

die weet dat hij zijn prooi kwijtraakt,

en door de persoonlijke vijand die het ego is,

dat nog steeds menselijk redeneert en zichzelf menselijk beoordeelt,

en zijn oordeel op God toepast om te voorkomen dat de geest het menselijke ego overneemt,

dan is die ziel al sterk tegen de aanvallen van ondeugd en kwaad.

Ze heeft de Poolster gevonden,

en wijkt niet langer af.


En zeg evenmin tegen haar:

"En je hebt niet aan God gedacht, maar in plaats daarvan wel aan Israël?"

Dat is een impliciete berisping. Doe het niet.

Het is een uiten van vlammen.

Het is vol ergernis.

Raak haar alleen aan met balsems

van zachtheid, van vergeving, van hoop...


Laat haar vrij om te komen.

Meer zelfs, vertel haar wanneer jij van plan bent te komen,

maar zeg niet: "Kom met me mee."


Integendeel, als je begrijpt dat zij komt, kom dan niet.

Ga terug. Wacht thuis op haar.

Ze zal naar je toe komen,

gebroken door Genade.


-idem (Titiaan)-

Omdat Ik de kwade macht die haar nu in zijn greep houdt, moet wegnemen,

en een paar uur lang, zal ze zijn als iemand die haar bloed heeft verloren,

iemand van wie de botten door een dokter zijn verwijderd.

Maar dan zal ze zich beter voelen.


Ze zal verbijsterd zijn.

Ze zal grote behoefte hebben aan liefkozingen en stilte.

Help haar alsof je haar tweede beschermengel bent:

zonder dat ze je hoort.


En als je haar ziet huilen, laat haar dan huilen.

En als je haar vragen hoort stellen, laat haar dan doen.

En als je haar ziet glimlachen, en dan weer serieus worden,

en dan glimlachen met een veranderde glimlach,

met een veranderd oog, met een veranderd gezicht,

stel haar dan geen vragen, bezorg haar geen ongemak.

Ze lijdt nu méér, bij het opstijgen, dan toen ze afdaalde.

En ze moet het zelf doen, zoals ze deed toen ze afdaalde.

Ze kon jullie blik toen niet verdragen, bij haar afdaling,

omdat er in jullie ogen schande/smaad lag.

Maar nu kan ze, in haar eigen - eindelijk ontwaakte - schaamte,

jullie blik evenmin verdragen.


Ze was toen sterk,

omdat ze Satan in zich had,

die haar meester was en de kwade macht

die haar steunde en de wereld kon uitdagen,

en toch kon ze niet door jullie worden gezien, in haar zonde.


Nu heeft ze Satan niet langer als haar meester.

Hij is nog steeds een gast in haar, maar hij is al door Maria's wil bij de keel gegrepen.

En Mij heeft ze nog niet. Daarom is ze nog te zwak.

Ze kan zelfs de tederheid van jouw zusterlijke ogen niet verdragen

bij/in haar belijdenis/bekentenis tot haar Verlosser.

Al haar energie wordt gericht en verbruikt

om de zevenvoudige demon bij de keel te houden.

In alle andere opzichten is ze weerloos, naakt.

Maar Ik zal haar kleden en sterken."'


27 juli 1945

Reacties

Populaire posts van deze blog

Maria Magdalena, serafijn nu, mag zalven en aanraken

Martha vertelt hoe haar zus heen en weer wordt geslingerd

de geest - in íeder mens - snakt naar de hemel