symposion bij Simon de farizeeer 4


-Laatste Avondmaal (Gemäldegalerie)-

236.5

M. Valtorta:

'Jezus zegt nu tegen mij:

"Wat de Farizeeër en zijn metgezellen het hoofd deed buigen - en wat niet in het Evangelie staat - zijn de woorden die Mijn geest, door Mijn blik, als een bliksem in die dorre en begerige ziel heeft doen inslaan. Ik antwoordde veel meer dan wat er staat, want niets van de gedachten van die mannen was voor Mij verborgen. En hij begreep Mij in Mijn stille taal, die nog verwijtender was dan Mijn woorden.

Ik zei hem: 'Nee. Maak geen gemene insinuaties om je voor jezelf te rechtvaardigen. Ik heb jouw wellust niet. Zij komt níet naar Mij uit zinnelijke aantrekkingskracht. Ik ben niet zoals jij, en zoals je gelijken zijn.

Zij komt naar Mij, omdat Mijn blik en Mijn woorden, gehoord door louter toeval, haar ziel hebben verlicht, waarin lust duisternis had geschapen. En zij komt omdat zij de sensualiteit wil overwinnen, en  begrijpt, arm schepsel, dat ze daar alleen nooit in zal slagen.

Zij houdt van de geest in Mij, van niets meer dan de geest, die haar bovennatuurlijk goed voelt. Na al het kwaad dat zij heeft ondergaan van jullie allen, die haar zwakheid hebben uitgebuit voor jullie ondeugden, en haar vervolgens hebben terugbetaald met de zweepslagen van jullie minachting, komt zij tot Mij, omdat ze aanvoelt dat ze het Goede, de Vreugde, en de Vrede heeft gevonden, die ze tevergeefs zocht te midden van de pracht en praal van de wereld.



Genees jezelf van die lepra van je ziel, huichelachtige Farizeeër!

Leer de dingen juist te zien. 

Leg de trots van je geest en de lust van joúw vlees af.

Deze lepra is veel stinkender dan die van jullie lichaam.

Mijn aanraking kan je daarvan genezen, omdat je Mij dáárvoor aanroept.

Maar niet van de melaatsheid van de geest, omdat je daarvan níet genezen wilt worden.

Omdat jullie haar maar al te graag willen...



Zij wilde wél genezen worden.

En zie, Ik reinig haar!

Zie, Ik bevrijd haar van de ketenen van haar slavernij.

De zondares is dood.

Die ligt daar, in die sieraden die ze Mij beschaamd heeft aangeboden,

zodat Ik ze kan heiligen, door ze te gebruiken voor Mijn behoeften, en die van Mijn discipelen,

voor de armen die Ik help, met het overschot van anderen,

omdat Ik, Meester van het heelal, niets bezit,

nu Ik de Redder van de mens ben.


-Johannes op de borst van Christus
(Bode-Museum)-

Die ligt daar,

in die geur die over Mijn voeten is gegoten, verdorven zoals haar haren,

op dat deel van Mijn lichaam dat jij versmaadde te verfrissen met het water van je bron,

nadat Ik zo ver gereisd was om ook jou het licht te brengen.


De zondares is dood.

En Maria werd herboren,

weer mooi gemaakt als een kuis meisje

door haar diepe verdriet, door haar oprechte liefde.

Ze heeft zich in haar tranen gewassen!


-HH. Johannes & Maria Magdalena
(Giotto-school)-

Voorwaar, Ik zeg u, o farizeeër,

tussen hem die Mij liefheeft in zijn zuivere jeugd

en haar die Mij liefheeft in het oprechte berouw van een hart dat herboren is in Genade,

maak Ik geen enkel onderscheid.


En aan de zuiveren en de berouwvollen vertrouw Ik de taak toe

om Mijn gedachten als geen ander te begrijpen

en Mijn Lichaam de laatste eer te bewijzen

en de eerste groet te geven

(ik reken de speciale groet van Mijn Moeder niet mee)

wanneer Ik verrezen ben."


Dit is wat Ik, met Mijn blik,

tot de Farizeeër wilde zeggen.'


21 jan.1944

Reacties

Populaire posts van deze blog

Maria wil graag Elise terugzien, haar maatje in de tempel

Martha vertelt hoe haar zus heen en weer wordt geslingerd

Maria Magdalena, serafijn nu, mag zalven en aanraken