wagen naar Bethanië staat al te wachten - voedster Noemi leert Maagd Maria Tyrisch purper verwerken




-Carruca Dormitoria-

255.6

Maria Valtorta:

'Bij een brug over een droge beek staat de wagen van Lazarus' zussen te wachten.

De twee paarden grazen op het dikke gras aan de oever van de beek,

die wellicht net gedroogd is en daardoor vol gewas.


Martha's dienaar en een andere, wellicht de wagenmenner, staan ​​ook aan de oever,

terwijl de vrouwen in de gesloten wagen zitten, die volledig overdekt is

met een zwaar dek van gelooid leer, dat als een zwaar gordijn

tot op de bodem van de wagen valt.


De vrouwelijke discipelen haasten zich ernaartoe,

en de dienaar die hen als eerste ziet, waarschuwt de voedster,

terwijl de andere zich haast om de paarden weer in te spannen.

Daarna rent de dienaar naar zijn meesteressen

en buigt zich voorover.


De oude voedster, een mooie vrouw,

met een olijfkleurige teint, maar aantrekkelijk,

klimt snel naar beneden en gaat naar haar meesteressen.

Maar Maria Magdalena zegt iets tegen haar,

en ze wendt zich onmiddellijk tot de Moeder Maagd en zegt:

"Vergeef me... maar ik ben zo blij haar te zien, dat ik alleen haar zie.

Kóm, gezegende! De zon brandt... De wagen staat in de schaduw!"


En ze stappen allemaal in de koets,

wachtend op de mannen, die ver achtergebleven zijn.



Terwijl ze wachten, en terwijl Syntyche,

gekleed in de jurk die Magdalena gisteren droeg,

de voeten van haar meesteressen kust —zoals zij ze koppig blijft noemen,

niettegenstaande zij haar vertellen dat ze noch dienstmaagd noch slavin van hen is,

maar slechts een gaste in de naam van Jezus—

...laat de Maagd het kostbare bundeltje purper zien,

en vraagt ​​hoe ze die zeer korte 'draadjes',

die vocht noch draaien verdragen,

moet spinnen.


"Zo gebruik je ze niet, mevrouw.

U moet ze tot poeder vermalen, en gebruiken zoals elke andere kleurstof.

Dit is het slijm van de purperslak, het is geen haar en ook geen draad.

Ziet u hoe kruimelig het is, nu het droog is?

Je maalt het tot een fijn poeder, zeeft het zodat er geen lange stukjes overblijven

die het garen of de stof zouden kunnen bijkleuren.

Het is het beste om het garen in strengen te verven.

Als je zeker weet dat alles tot poeder is vermalen,

los je het op zoals je zou doen met cochenille,

of saffraan, of indigopoeder,

of ander schorspoeder,

of wortels, of fruit,

en dan gebruik je het.

Spoel de kleurstof af met sterke azijn

als laatste spoeling!"


"Dank je wel, Noemi. Ik zal doen wat je me leert.

Ik heb wel eens met paarse draden geborduurd,

maar die kreeg ik kant-en-klaar mee..."'


17 aug.1945

Reacties

Populaire posts van deze blog

Maria wil graag Elise terugzien, haar maatje in de tempel

Martha vertelt hoe haar zus heen en weer wordt geslingerd

Maria Magdalena, serafijn nu, mag zalven en aanraken