kind Margziam wil Jezus overal gaan verkondigen - op kameel
289.7
M. Valtorta:
'Het crr crr van de kameeldrijver laat ons weten
dat de kameel op het punt staat terug te keren, in een rustig tempo nu,
zonder geluid te maken in het dikke gras buiten de achterpoort,
die door een bediende onmiddellijk wordt geopend.
En Margziam keert vrolijk terug, blozend van de race
— een klein mannetje gehesen op de hoge rug—
lachend, zwaaiend met zijn armen, terwijl de kameel knielt,
en hij glijdt van het bizarre zadel en liefkoost de donkere kameeldrijver.
En rent dan naar Jezus toe en roept: "Wat prachtig!
Zijn de Wijzen uit het Oosten op zulke dieren gekomen om Jou te aanbidden?
Ook ik zal met hen rondgaan, om Jou overal te verkondigen!
De wereld lijkt groter, van bovenaf gezien, en zegt:
'Kom toch, kom, jullie die het Goede Nieuws kennen!'
O! Weet je dat?... Die man heeft het ook nodig!...
En ook u, koopman, en al uw dienaren!...
Hoeveel mensen wachten en sterven
zonder het te kunnen ontvangen...
Meer mensen dan er zand is in de rivier.
Allemaal zonder Jou, Jezus! O! Maak haast
om het te vertellen aan iedereen!"
En hij klampt zich vast aan Jezus' heupen, het hoofd opgeheven.
En Jezus buigt zich voorover en kust hem, en Hij belooft:
"Jij zult het Koninkrijk van God verkondigd zien worden
tot in de verste uithoeken van Rome. Ben je blij?"
"Ja, dat ben ik! En dan zal ik komen om jullie te zeggen:
'Kijk, dit, en dat en dat andere land nog, die kennen Jou.'
Dan zal ik de namen van die verre landen kennen...
En wat zult Je mij dan zeggen?"
"Ik zal tegen jou zeggen: 'Kom, kleine Margziam.
Neem een kroon voor elk land waar jij over Mij hebt gepredikt.
en kom dan hier aan Mijn zijde, zoals je die dag in Gerasa hebt gedaan,
en rust uit van je werk, want je bent een trouwe dienaar geweest,
en nu is het terecht dat je gezegend wordt in Mijn Koninkrijk."'
Reacties
Een reactie posten