worden velen of slechts weinigen gered?
363.7
Maria Valtorta:
'Een andere vraag van Rama luidt:
"Heer, zijn er maar weinigen die gered worden?"
"Als de mens zich met respect voor zichzelf
en met eerbiedige liefde voor God wist te gedragen,
zouden alle mensen gered worden, zoals God wil.
Maar de mens handelt niet op deze manier.
En, zoals een dwaas, speelt hij met glitter en glamour
in plaats van het ware goud te nemen.
Wees gul in het verlangen naar het goede.
Kost het jullie wat? Daarin ligt de verdienste!
Streef ernaar om door de smalle poort te gaan.
De andere, zeer breed en sierlijk, is een verleiding van Satan om je te misleiden.
De poort van de hemel is smal, laag, kaal en ruw.
Om erdoorheen te gaan, moet je behendig zijn,
lichtvoetig en zonder pracht en praal.
Je moet geestelijk zijn, om het te kunnen doen.
Anders zul je, als het uur van de dood aanbreekt, er niet doorheen kunnen.
En inderdaad...
velen zullen proberen binnen te komen,
maar zullen falen, zo zwaarlijvig zijn ze door hun materialisme,
versierd met wereldse pracht en praal, stijf van de korst van de zonde,
niet in staat om te buigen, omwille van de trots, die hun als skelet dient.
En dan zal de Meester van het Koninkrijk komen om de deur te sluiten,
en zij die buiten stonden, zij die niet op het juiste moment naar binnen konden,
zullen op de deur kloppen en roepen: "Heer, open voor ons! Wij zijn hier ook!"
Maar Hij zal zeggen: "Voorwaar, Ik ken jullie niet!
Noch weet Ik waar jullie vandaan komen."
En zij: "Maar hoe dan? Herinnert U zich ons niet?
Wij hebben met U gegeten en gedronken,
en wij hebben naar U geluisterd,
toen U in onze straten onderwees."
Maar Hij zal antwoorden:
'Voorwaar, Ik herken jullie niet.
Hoe meer Ik jullie bekijk, hoe meer jullie Mij de indruk geven
je te hebben volgevreten met wat Ik onrein heb verklaard.
Voorwaar, hoe meer Ik jullie onderzoek, hoe meer Ik zie
dat jullie niet tot Mijn familie behoren.
Voorwaar, kijk toch, nu zie Ik wiens kinderen
en onderdanen jullie zijn: die van de Andere!
Jullie hebben Satan als vader,
als moeder het vlees, als voedster je hoogmoed,
als dienaar je haat, als je schat de zonde, als je juwelen je ondeugden.
Op jullie harten staat geschreven: 'Zelfzucht'.
Jullie handen zijn bezoedeld door het beroven van je medemensen.
Weg van hier! Ga weg van Mij, jullie allen, bedrijvers van ongerechtigheid!'
En dan, terwijl Abraham, Isaak, Jakob
en alle profeten en rechtvaardigen van het Koninkrijk Gods
uit de hemel zullen komen, stralend van glorie,
zullen zij, die geen liefde maar zelfzucht hadden,
geen opoffering maar slapheid...
die zullen... ver weggedreven worden,
opgesloten in de plaats waar eeuwig geween is
en waar niets dan angst heerst.
En de glorierijk opgestanen,
komend van oost en west, van noord en zuid,
zullen zich verzamelen aan de Bruiloftstafel van het Lam,
Koning van het Rijk van God.
En dan zal men zien...
dat velen die de 'minsten' leken in het leger van de aarde,
de eersten zullen zijn in het stedelingschap van het Koninkrijk.
En evenzo zal men zien...
dat niet alle machtigen van Israël machtig zijn in de hemel,
en dat niet allen die door Christus waren uitverkoren tot zijn dienaren,
het verdienen om aan de bruiloftstafel te worden uitverkoren.
Maar men zal zien...
dat velen die als 'eersten' werden beschouwd
niet alleen de laatsten zijn, maar zal niet eens de laatsten zijn.
Want velen zijn geroepen,
maar weinig zijn zij die van hun uitverkiezing
een ware overwinning hebben weten te maken."'
Reacties
Een reactie posten