zonen van de donder 3
330.3
Maria Valtorta:
'Jezus plaatst Zich tussen de twee in,
grijpt hen bij de armen om hen tegen te houden en zegt:
"Maar luister toch naar hen!
En Ik, die al zo lang predik? O, wat een verrassing!
Zelfs Johannes, Mijn duif, is Me daar een havik geworden!
Kijk naar hem, hoe lelijk, troebel, verbitterd, verwrongen door haat hij is.
O, wat een schande!
En jullie zijn verbaasd
dat de Feniciërs onverschillig blijven,
dat de Joden rancuneus zijn,
dat de Romeinen Mijn verdrijving eisen,
wanneer jullie zelf, de eersten...
na twee jaar bij Mij nog steeds niets hebben begrepen,
wanneer jullie nog vol gal zitten van de haat in jullie harten,
wanneer jullie Mijn leer van Liefde en vergeving uit je hart verbannen,
die als iets dwaas beschouwen en geweld verwelkomen als goede bondgenoot!
O, Heilige Vader!
Dit is werkelijk een nederlaag!
In plaats van te zijn zoals zovelen van die haviken, die hun snavels en klauwen slijpen,
zouden jullie niet beter engelen zijn die tot de Vader bidden om Zijn Zoon te troosten?
Wanneer is het ooit voorgekomen dat een storm wat goeds doet,
met zijn bliksem en hagelbuien?
Welnu,
ter nagedachtenis aan jullie zonde tegen de naastenliefde,
ter nagedachtenis aan het moment dat ik de dierlijke mens in jullie gezichten zag verschijnen
in plaats van de menselijke engel die ik altijd in jullie wil zien,
zal ik jullie de bijnaam 'dondersjongen' geven."
Jezus is half serieus als Hij de twee woedende zonen van Zebedeüs toespreekt.
Maar zijn berisping duurt niet lang, na hun berouw,
en met een gezicht dat straalt van liefde,
sluit Hij hen dicht tegen zijn hart en zegt:
"En nooit meer zullen jullie zo lelijk zijn!
En dank je wel voor jullie liefde! En die van jullie ook, vrienden!"
zegt Hij, Zich tot Andreas, Matteüs en de twee neven wendend.
"Kom hier, zodat Ik ook jullie kan omarmen.
Maar weten jullie dan niet dat, als Ik niets anders had
dan de vreugde om de wil van Mijn Vader te doen, en jullie Liefde,
Ik altijd gelukkig zou zijn, zelfs als de hele wereld Mij zou slaan?
Ik ben verdrietig, niet om Mezelf,
om Mijn nederlagen, zoals jullie ze noemen,
maar uit medelijden met de zielen die het Leven verwerpen.
Kijk, nu zijn we allemaal gelukkig, nietwaar!
Oh, grote baby's die jullie zijn!
Kom hier!"'
Reacties
Een reactie posten