Jezus' opa Joachim gaf helft van oogst aan armen
410.6
M. Valtorta:
'Bartholomeus voelt dat er weer een ruzie aankomt,
en leidt die af door naar Jezus te roepen.
"Meester! Is er nog niets voor ons?
Jij bent altijd een stap voor!"
"Je hebt gelijk, Bartholomeüs. Maar we stoppen zo.
Zie je dat huisje? Daar gaan we heen, want de zon is te fel.
We gaan vanavond verder. We moeten ons haasten naar Jeruzalem,
want Pinksteren staat voor de deur."
"Waar hadden júllie het over?"
vraagt Judas Thaddeüs aan zijn broer.
"O niks bijzonders! We waren begonnen over Jozef van Arimathea te praten,
en uiteindelijk kwamen we uit op de oude boerderij van Joachim in Nazareth,
en zijn gewoonte om, zolang dat kon, de helft van de oogst voor zichzelf te houden
en de rest aan de armen te geven,
iets wat de oude mannen van Nazareth zich nog zo goed herinneren.
Wat een onthechting, die twee rechtvaardigen, Anna en Joachim!
Natuurlijk dat zij het wonder van een dochter, van de Dochter, mochten ervaren!...
En met Jezus herinnerde ik mij onze kindertijd..."
Het verhaal gaat verder,
terwijl ze door de zonnige velden naar het huis lopen.'
Reacties
Een reactie posten