Jozef wilde, gul gevend, mensen tot zelfde geloof brengen


408.4

Maria Valtorta:

'De oude Abraham, die met de voornaamste lijfeigenen heeft gepraat,

komt met hen bij zijn heer, die vraagt: "Wel? Hebben jullie het gezien?

Er was genoeg voor iedereen! En zelfs nog wat over!"


"Maar meester! Dat is hier een mysterie!

Onze velden hebben onmogelijk zoveel schoven kunnen opleveren als u hebt uitgedeeld.

Ik ben hier geboren en ben achtenzeventig jaar oud. Ik ben al zesenzestig jaar graanhandelaar.

En ik weet het. Mijn zoon had gelijk. Zonder mysterie, konden wij niet zoveel geven!..."


"Maar het is werkelijkheid dat we het hebben gegeven, Abraham!

Jij stond aan mijn zijde. De schoven werden door de dienaren gegeven.

Er is geen sprake van hekserij. Het is geen onwerkelijkheid.

De schoven kunnen nog altijd geteld worden.

Ze zijn er nog steeds, hoewel ze over velen werden verdeeld."


"Ja, meester. Maar... 

Het is onmogelijk dat de velden zo'n rijke oogst hebben opgeleverd!"


"En geloof, mijn kinderen? En geloof? Waar stellen jullie je geloof?

Zou de Heer Zijn dienaar verraden, die een belofte heeft gedaan

in Zijn naam en voor een heilig doel?"


"Dus u hebt een wonder verricht?!" zeggen de dienaren, 

klaar om hosanna's te roepen.


"Ik ben geen man die wonderen verricht.

Ik ben een arme man. De Heer heeft het gedaan!

Hij heeft mijn hart gelezen, en twee verlangens gezien: 

het eerste was om jullie tot hetzelfde geloof als mij te brengen.

het tweede was om veel, veel, zoveel... te geven aan deze ongelukkige broeders van mij.

God knikte instemmend naar mijn verlangens... en deed het! Gezegend zij Hij!"

zegt Jozef met een eerbiedige buiging, 

alsof hij voor een altaar staat.


"En Zijn dienaar met hem!" zegt Jezus, 

die tot dan toe verborgen was gebleven achter de hoek van een klein huisje, 

omgeven door een heg, ik weet niet of het een bakoven of oliemolen was,

en Die nu openlijk verschijnt op de dorsvloer waar Jozef is.


"Mijn Meester en mijn Heer!!" roept Jozef uit, 

terwijl hij op zijn knieën valt om Jezus te vereren.


"Vrede zij met u! Ik ben gekomen om u te zegenen in naam van de Vader.

Om uw naastenliefde en uw geloof te belonen!"'


31 mrt.1946

Reacties

Populaire posts van deze blog

Maria wil graag Elise terugzien, haar maatje in de tempel

Martha vertelt hoe haar zus heen en weer wordt geslingerd

Maria Magdalena, serafijn nu, mag zalven en aanraken