aankomst bij Jozef in Tiberias, na zware storm
VANUIT TARICHEA NAAR TIBERIAS, PER BOOT IN ZWARE STORM
IN ARM HUISJE VAN JOZEF, DE VEERMAN
445.13
Maria Valtorta:
'En Tiberias komt weer tot leven…
En al snel, langs de straat die nog steeds vol water en modder staat, zien we Johanna met Jonathan aankomen. Zij heft haar gezicht op om de Meester, die op het terras staat, te begroeten en klimt snel naar boven om zich vol vreugde voor Hem neer te buigen…
De apostelen praten met elkaar, en alleen Judas, die zich halverwege tussen Jezus en Johanna aan de ene kant en de apostelen aan de andere kant bevindt, is in gedachten verzonken. Ik wed dat hij volledig opgaat in het luisteren naar Johanna's woorden, wier gedachten over Judas ondoorgrondelijk waren, gezien ze alle apostelen begroette met één enkel: "Vrede zij met jullie!"
Maar Johanna spreekt alleen over de kinderen en over Chusas' toestemming aan haar om per boot naar Kafarnaüm te gaan terwijl de Meester daar is. En Judas' wantrouwen is weggenomen. Hij voegt zich daarna weer bij zijn metgezellen...
Met modder aan de onderkant van hun kleren, maar droog wat de rest van hun lichaam betreft, komen eindelijk de Heilige Maagd Maria en Maria van Alfeüs aan, samen met de vijf die hen waren gaan halen. Maria's glimlach, terwijl ze de korte ladder beklimt, is vager dan de regenboog die nog aan de hemel hangt.
"Uw moeder, Meester!" waarschuwt Thomas.
Jezus gaat haar tegemoet, en alle anderen met Hem.
En ze verheugen zich dat de vrouwen geen ander probleem hebben
dan een beetje modder aan de zoom van hun kleren.
"We zijn gestopt bij de eerste regendruppels, bij een groenteboer," legt Matteüs uit.
En hij vraagt: "Hebben jullie lang op ons gewacht?"
"Nee, wij zijn bij zonsopgang aangekomen."
"We werden vertraagd door een ongelukkige..." zegt Andreas.'
Reacties
Een reactie posten