Posts

Er worden posts getoond met het label letter en geest

Jezus wijst farizeeën - boos - op wérkelijke onreinheid

Afbeelding
414.6 Maria Valtorta: '"Luister nu allemaal!..." Jezus staat op en begint Zijn tirade, staande met Zijn handen op de rand van de tafel: "Jullie farizeeën wassen de buitenkant van de beker en de schaal, en jullie wassen je handen en je voeten, alsof de schaal en de beker, je handen en voeten,  in jullie geest zouden kunnen doordringen, die jullie zelf zo graag rein en volmaakt noemen. Maar niet jullie, maar God moet dit verkondigen. En weten jullie wat God van jullie geest vindt? Hij vindt hem vol leugens, smerigheid en roof, vol goddeloosheid,  en niets van buitenaf kan bederven wat al verdorven is!" Hij tilt Zijn rechterhand van de tafel en begint er onwillekeurig mee te gebaren terwijl Hij verdergaat: "Maar kan Hij, die jullie geest heeft gemaakt, zoals Hij jullie lichaam heeft gemaakt,  niet minstens evenveel respect voor het innerlijke eisen als jullie voor het uiterlijke? O dwazen, die de twee waarden verwisselen en hun macht omkeren. Maar zal de Almac...

boer Daniël, verwant van Hilkia, herkent Messias wel

Afbeelding
-Angelus (Millet)- 414.4 M. Valtorta: '"Maar weet U dan niet dat U met geleerden en met leden van het Sanhedrin spreekt?" vraagt ​​Hilkia. "En wat dan nog? Jullie stellen Mij ​​vragen. Ik geef antwoord. Jullie tonen een verlangen om te weten. Ik leg je de waarheid uit. U wil Mij toch ​​niet herinneren, u die voor een ontwerp op een kledingstuk de vloek van Deuteronomium in herinnering bracht,  aan een andere vervloeking uit dezelfde passage: 'Vervloekt wie zijn naaste heimelijk neerslaat.' [ Deut.27:24 ] " "Ik sla U niet neer, ik geef U te eten." "Nee. Maar die verraderlijke vragen, zijn als slagen in de rug. Wees voorzichtig, Hilkia. Want Gods vervloekingen volgen elkaar op, en de vloek die Ik noemde wordt nog gevolgd door de volgende: 'Vervloekt wie steekpenningen aanneemt om onschuldig bloed te vergieten.'  [ Deut.27:25 ] " "In dit geval, bent U het, mijn gast, die geschenken aanneemt." "Ik veroordeel niet ee...

Hilkia, trots op huis-naar-wet, keurt kleding Judas af

Afbeelding
CDXIV SCHELDPARTIJ TEGEN FARIZEEËN EN SCHRIFTGELEERDEN TIJDENS HET GASTMAAL IN HET HUIS VAN SANHEDRIN-LID HILKIA - Mezoeza - 414.1 Maria Valtorta: 'Jezus betreedt het huis van zijn gastheer, niet ver van de Tempel, maar gelegen in de buurt die aan de voet van Tophet  ligt. Een statig, enigszins streng huis, van een strikte gelovige, of liever, overdreven gelovige. Ik geloof dat zelfs de spijkers genummerd en geplaatst zijn zoals een van de zeshonderddertien Geboden voorschrijft. Er is geen versiering in de stoffen, geen fries op de muren, geen snuisterij...  niets van die minimale dingen die zelfs in de huizen van Jozef en Nicodemus en van de Farizeeën van Kafarnaüm aanwezig zijn om het huis te verfraaien. Dit huis ademt de geest van zijn meester uit, in ieder detail. Koud, zo ontdaan van alle versieringen is het. Hard in zijn donkere, zware meubels,  vierkant als evenzovele sarcofagen. Afstotend. Een huis dat niet verwelkomt,  maar zich vijandig sluit voor al wie bi...

messias... waar is Uw koninkrijk dan?

Afbeelding
413.5 Maria Valtorta: 'Maar Ik zal niet spreken over de voortreffelijke en de rotte vijgen..." "Waarom, Meester? Bent U bang dat de feiten Uw uitleg tegenspreken?" "O nee! Integendeel..." "Voorziet U dan voor ons kwellingen, smaad, het zwaard, pest, hongersnood?" "Dit en nog veel meer!" "Nog veel meer? En wat dan? Houdt God niet meer van ons?" "Hij houdt zoveel van jullie, dat Hij Zijn belofte heeft vervuld!" "U? Omdat U de belofte bent?” "Dat ben Ik." "Wanneer zult U dan Uw Koninkrijk vestigen?" "De fundamenten ervan liggen er al." "Waar? Waar?" "In de harten van de goeden." "Maar dat is geen koninkrijk! Dat is een leer!" "Mijn Koninkrijk, dat geestelijk is, heeft geesten als onderdanen.  En geesten hebben geen paleizen, huizen, legers of muren nodig.  Maar moeten het Woord van God kennen en in praktijk brengen. Wat gaande is, in de goede mensen....

Messiasidee door te velen aards-ménselijk ingevuld

Afbeelding
- Rabbi Chaim Richman (Temple Institute) - 402.5 M. Valtorta: 'Jezus vervolgt na een korte onderbreking, die als het ware plaats vond om het eerste deel van de rede van het tweede te scheiden. Hij zegt: "Er was een tijd [ 1Kon.21 ] dat Naboth de Jizreëliet een wijngaard had, vlakbij het paleis van Achab, koning van Samaria. Het was een wijngaard van zijn voorouders, die hem zeer dierbaar was, bijna heilig voor hem, omdat het de erfenis was die zijn vader hem had nagelaten, nadat hij die op zijn beurt van zijn vader had geërfd, en zijn vader van diens vader, enzovoort. Generaties van verwanten hadden in die wijngaard gewerkt om hem steeds bloeiender en mooier te maken. Naboth hield er erg veel van. Achab zei tegen hem: 'Geef mij uw wijngaard, die vlakbij mijn huis ligt, en daarom zeer nuttig voor mij zal zijn om er een moestuin van te maken, voor mezelf en degenen die bij mij zijn. In ruil daarvoor zal ik u een betere wijngaard geven, of geld, als u dat liever hebt.' M...

Judas wilde van Claudia beloften voor herstel koninkrijk Israël...

Afbeelding
400.5 Maria Valtorta: '"Maar vertel het in de juiste volgorde, als je wilt dat Ik jou troost." "Ja, Meester. Jij hebt Simon Zeloot en Judas van Keriot naar Bethanië gestuurd, nietwaar? Voor dat Joodse meisje dat de Romeinse vrouwen Je gaven en dat Jij naar Nike stuurde..." "Ja. Welnu?..." "Wel zij wilde afscheid nemen van haar goede meesteressen, en Simon en Judas vergezelden haar naar de Antonia. Weet Jij dat?..." "Ik weet het. Wel?..." "Meester... ik moet Jou verdriet doen... Meester, ben Je werkelijk niets anders dan een Koning van de Geest? Denk Je geenszins aan aardse koninkrijken?" "Maar nee, Johanna! Hoe kun Je dat nu nog denken?" "Meester, om de vreugde terug te vinden Jou goddelijk te zien, louter goddelijk." Maar juist omdat Je dat bent, moet ik Jou pijn doen... Meester, de man uit Keriot begrijpt Jou niet, en hij begrijpt ook hen niet die Jou respecteren als een wijze, als een groot filosoof,...

dit zijn geen woorden voor een koning, vindt Judas

Afbeelding
399.5 Maria Valtorta: '"Heer, wat bedoelde U? U sprak met kreten van triomf en kreten van pijn!" zeggen sommige burgers. "Ja. Als iemand die weet dat hij omringd is door vijanden!" zeggen anderen. "En U wel lijkt te zeggen dat wij dat ook zullen zijn!" weer anderen. "Wat brengt morgen U, o Heer?" nog anderen. "De Glorie!" roept Judas van Kerioth. "De dood!" zucht Elise, terwijl ze huilt. "De verlossing! De vervulling van Mijn missie. Niet vang zijn. Niet huilen. Heb Mij lief! Ik ben blij dat Ik de Verlosser ben. Kom, Elise, laten we naar jouw huis gaan..." En Hij gaat als eerste op weg, zich een weg banend door de menigte, die in beroering is door tegenstrijdige emoties. "Maar waarom, Heer, altijd weer deze toespraken?!" Judas moppert, vragen stellend en verwijtend. En voegt eraan toe: "Dat zijn niet die van een koning." Jezus antwoordt hem niet. In plaats daarvan reageert hij op Zijn neef Jak...

Judas ziet het voor zich: buigende massa's, Israël groter dan Rome !

Afbeelding
-buigen voor Nebukadnezar (Babylon)- 398.5 Maria Valtorta: 'Achteraan, in een groepje, staan ​​de apostelen te praten. Ze praten in een snel tempo. "Wat een toespraken! Je gaat er van sidderen!" zegt Bartholomeüs. "Maar wat zijn ze droevig! Je gaat er van huilen!" zucht Andreas. "Ach! Het is zijn afscheid. Ik had gelijk! Hij gaat rechtstreeks naar de troon," roept Judas Iskariot uit. "Troon? Hm! Mij lijkt het dat Hij het over vervolgingen heeft in plaats van eerbewijzen!" merkt Petrus op. "Nee, dat kan niet! De tijd van vervolgingen is voorbij! Aah! Ik ben blij!!" roept Iskariot. "Goed voor jou! Ik wou dat we nog in de dagen waren, dat we nog onbekend waren, twee jaar geleden... of bij het heldere water... Ik sidder voor de dagen die komen!..."  zegt Johannes. -jaarlijks eerbetoon van overwonnenen in Persepolis- "Omdat jij een hertenhart hebt... Maar ik! Ik zie de toekomst al... Optochten!... Zangers!... Neergebogen m...

je bos staat in brand op sabbat - wat nu?

Afbeelding
335.13 M. Valtorta: 'Jezus kijkt hen beiden aan en glimlacht. Dan draait Hij zich om en vraagt: "Jij, oude schriftgeleerde (sprekend tot de bevende oude man die als eerste sprak), antwoord Mij: is het geoorloofd om op de Sabbat te genezen?" "Het is niet geoorloofd om op de Sabbat te werken." "Zelfs niet om iemand van de wanhoop te redden? Datt is geen handarbeid..." "De sabbat is heilig voor de Heer." "Welk werk is waardiger voor een heilige dag dan een kind van God tegen zijn Vader te laten zeggen: 'Ik heb U lief en prijs U, omdat Gij mij genezen hebt!'..." "Het moet zo, zelfs als is het ongelukkig." "Hanania!... weet U dat uw mooiste bos nu in brand staat, en dat de hele helling van de Hermon schittert in het purper van de vlammen schittert..." De oude man snauwt alsof hij door een adder is gebeten: "Meester, spreekt U de waarheid of maakt U een grapje?" "Ik spreek de waarheid. Ik zie het...

farizeeën op zoek naar 'moordenaar' Johannes van E.

Afbeelding
-Jezus veroordeelt de farizeeën (Friedrich Ludy)- 295.8 Maria Valtorta: 'Ten slotte, na de laatste zieke, komen de twee farizeeën die ook naar Bozra kwamen, en nog twee andere. "Vrede zij met u, Meester. En tegen ons vertelt U niets?" "Ik heb voor allen gesproken." "Maar wij hebben die woorden niet nodig. Wij zijn de heiligen van Israël!" "Tegen jullie, leraren, zeg Ik: bespreek onder elkaar het volgende hoofdstuk, het 9e van het 2e Boek Ezra , en bedenk hoe vaak God jullie tot nu toe barmhartigheid heeft betoond, en sla op je borst en zeg, alsof het een gebed is, het slot op van dat hoofdstuk." "Goed gezegd, goed gezegd, Meester. En doen Uw discipelen dat ook?" "Ja. Ik eis het als eerste." "Allemaal? Zelfs de moordenaars in jullie gelederen?" "Hebben jullie last van de geur van bloed?" "Het is een stem die ten hemel schreeuwt." "Zorg dan dat je nooit meer hen imiteert die het verspillen....

niet rouwen - liefde overledenen machtiger dan bij leven

Afbeelding
295.6 Maria Valtorta: '"Ook Ik, die jullie deze waarheid verkondig, zeg j, zoals Nehemia en Ezra deden  [ Neh.8:9 ] : 'Deze dag is heilig voor de Heer, onze God.  Je mag dus niet treuren, niet huilen.' Want alle rouw houdt op wanneer we de dag des Heren beléven. De dood verliest zijn bitterheid, want het verlies van een kind, van een echtgenoot, een vader, moeder of broer wordt een tijdelijke en beperkte scheiding. Een tijdelijke, omdat ze met onze dood ophoudt. Een beperkte, omdat ze beperkt is tot het lichaam, tot de zintuigen. De ziel verliest niets met de dood van een overleden familielid. Integendeel, de vrijheid ervan is nu nog beperkt voor slechts één deel: het onze, van de achtergeblevenen, met onze zielen nog gevangen in het vlees, terwijl het andere deel, dat al is overgegaan naar het tweede leven, de vrijheid geniet, en de macht heeft om over ons te waken, en meer voor ons te verkrijgen, veel meer,  dan toen het ons liefhad vanuit de gevangenis van het licha...

sabbat in Gerasa 3

Afbeelding
289.3 Maria Valtorta: 'Jezus keert terug naar het huis, en gaat een grote kamer binnen waar de vrouwen zijn. Hij glimlacht zo breed, dat Maria hem vraagt: "Wat is er toch met Je aan de hand, mijn Zoon, dat Je zo blij bent?" "Ik ben net zo blij als Margziam, die op een kameel galoppeert. Kom naar buiten, zodat we hem kunnen zien terugkeren!" Ze gaan allemaal naar de binnenplaats, en gaan zitten op een laag muurtje bij de waterbekkens. De apostelen die niet slapen, komen dichterbij gelopen. Degenen die bij de vensters van de bovenkamers stonden, kijken naar beneden, zien het en komen ook, en hun luide, jeugdige stemmen - want het zijn die van Johannes en de twee Jakobussen - wekken Petrus en Andreas, en schudden ook Matteüs wakker. Nu zijn ze compleet, want ook Johannes van Endor komt, met de twee discipelen. "Maar waar is Margziam, dat ik hem niet zie?' vraagt ​​Petrus. "Hij is weg,  op een kameel. Niemand van jullie luisterde naar hem... Ik zag dat...

God opent Zijn wegen voor wie ze verdient - Israëliet of niet

Afbeelding
- St.-Lucas, ooit Griekse arts - 283.6 M. Valtorta: 'De vrouw buigt zich tot op de grond en gaat weg. Iedereen volgt haar met zijn blik. Lazarus mompelt: "En zo gaat het altijd! Ik begrijp niet waarom de dingen voor haar 'leven' betekenen, voor ons Israëlieten 'dood' zijn geworden. Als je nog eens in de gelegenheid bent haar te ondervragen, dan zou je zien dat juist het Hellenisme dat ons heeft verdorven, ons die al in het bezit van de Wijsheid waren... dat het háár heeft gered! Waarom?" "Omdat de Wegen van de Heer wonderbaarlijk zijn. En Hij opent ze voor wie ze verdienen. En nu, vrienden, neem Ik afscheid van jullie, nu de avond nadert. Ik ben blij dat jullie allemaal de Grieks hebben horen spreken. Trek uit de manier waarop God Zich aan de besten openbaart de les dat het uitsluiten uit de gelederen van God van iemand die niet van Israël is, hatelijk en gevaarlijk is. Neem dit als leidraad voor de toekomst... Niet mompelen, Judas van Simon! -'e...

versteende wet in versteende harten... doodt

Afbeelding
-Basjivrouwen (Iran)- 248.14 Maria Valtorta: ' "De Wet is in Israël. Maar zij is er als de versteende bomen in de woestijn: vuursteen geworden. Dood. Een voorwerp van misleiding. Een voorwerp dat bestemd is om te eroderen, zonder dienstig te zijn. Integendeel, zij is schadelijk, omdat ze luchtspiegelingen schept, die aanlokken en iemand verwijderen van de ware oases, waardoor men sterft van dorst, honger en verlatenheid, aangelokt als men was door haar eigen dood. Dood die anderen naar de dood lokt, zoals we lezen in bepaalde verhalen uit de heidense mythen. Vandaag hebben jullie een voorbeeld gezien, van wat een tot steen verharde Wet is, in een ziel die ook van steen is. Ze is zonde van elke soort, en een bron van onheil. Moge dit jullie helpen, om te weten léven, en te weten hoe de Wet in je te doen herleven, in haar integriteit, die Ik verlicht met het licht van barmhartigheid. -Talibanmannen (Afghanistan)- De nacht is diep. De sterren kijken naar ons, en met hen God. Sla ...

Israël vergeleken met versteend woud in de woestijn

Afbeelding
248.13 M. Valtorta: '"De Wet die God heeft gegeven, wordt in naam in heel Israël nageleefd. Maar in werkelijkheid is dat niet zo. De Wet is er wel, ze wordt geanalyseerd, ontleed, in stukjes gehakt, tot ze sterft, onder de marteling van zielige subtiliteiten. Ze is er. Maar net zoals een gemummificeerd lijk geen leven, geen adem, geen bloedsomloop heeft, ondanks de schijn een onbeweeglijk lichaam te zijn door slaap, zo heeft de Wet geen leven, geen adem, geen bloed in vele, te vele, veel te vele harten. Men zit op een mummie als op een kruk. Op een mummie kan men voorwerpen, kleding, zelfs vuilnis leggen, als men wil, en die verzet zich niet, omdat ze geen leven heeft. Zo maken te veel mensen de Wet tot een voetbank, een steun, een afvoerputje voor hun smerigheid, ervan overtuigd dat hij toch niet in hun geweten zal opstaan, omdat hij voor hen dood is. Ik zou een groot deel van Israël kunnen vergelijken met de versteende wouden die verspreid liggen in de Nijlvallei en de Egypt...

Maria leert Magdalena contemplatief bidden

Afbeelding
-Annunciatie (Giovanni Brilli)- 247.4 Maria Valtorta: 'Magdalena, die haar haar had losgemaakt omdat ze het gewicht niet meer kon verdragen, bindt het weer samen en zei: "Ik ga naar Johannes, nu hij bij Simon is, om met hen naar de zee te kijken." "Ik kom ook mee!" antwoordt de Heilige Maagd. Martha en Susanna bleven bij hun slapende metgezellen. Om bij de twee apostelen te komen, moeten ze langs de struik waar Jezus zich terugtrok om te bidden. "Mijn Zoon vindt rust in het gebed," zegt Maria zachtjes. -Annunciatie (Lorenzo Costa)- Magdalena antwoordt: "Ik geloof dat afzondering ook essentieel is voor Hem om het wonderbaarlijke meesterschap dat Hij heeft,  en dat de wereld zo zwaar op de proef stelt, te behouden. Weet je, Moeder? Ik heb gedaan wat jij me hebt gezegd. Elke avond trek ik me voor kortere of langere tijd terug om de rust in mezelf te herstellen die door zoveel dingen wordt verstoord. Ik voel me daarna veel sterker." "Voorlop...

de uitnodiging van het Licht nog begrijpen

Afbeelding
243.10 M. Valtorta: '"Een Doras... of een Maria [Magdalena] ... zijn gevallen van mensen die het meest volledig bezeten zijn door Satan, die zijn macht uitoefent over de drie graden van de mens. De meest tirannieke en meest subtiele vormen van bezetenheid, waarvan alleen zij bevrijd worden die nog steeds zo weinig van geest zijn afgedaald dat zij de uitnodiging van het Licht nog begrijpen. Doras was geen wellustige. Maar met dat alles, wist hij niet tot de Bevrijder te komen. Daarin ligt Het verschil. Terwijl bij krankzinnigen, en stommen, doven of blinden, door demonische tussenkomst, hun familieleden zoeken en eraan denken om hen tot Mij te brengen, is het bij hen die bezeten zijn in de geest, alleen hun eigen geest die hen in staat stelt naar vrijheid te zoeken. Daarom worden zij behalve bevrijd, ook vergeven. Omdat hun eigen wil éérst de bevrijding van de demon in gang zette. - Mumbling Beauty (Alex van Gelder) - En nu gaan we rusten. Maria, jij die weet wat het is om gev...

Woord, zoon van de Gedachte, is áltijd aan het werk - sabbat of niet

Afbeelding
225.6 M. Valtorta: 'Ik weet niet of de genezen man uit eigen beweging naar de Judeeërs gaat, of dat zij, terwijl ze op die plek zijn, hem tegenhouden, om te vragen of de man die net met hem gesproken heeft, degene is die het wonder heeft verricht. Ik weet in elk geval dat de man met de Judeeërs spreekt en dan weggaat, terwijl zij naar de trap gaan waarvan Jezus moet afdalen om door de andere voorhoven te lopen en de Tempel te verlaten. Zonder hem te groeten, zeggen ze bij Jezus' aankomst tegen Hem: "Dus U blijft de sabbat breken, ondanks alle smaad die U overkomt? En U wilt gerespecteerd worden, als iemand die door God gezonden is?" "Gezonden? Sterker nog, als Zijn Zoon! Want God is Mijn Vader. Als jullie Mij niet willen respecteren, houd je vooral niet in. Maar Ik zal Mijn Missie hierdoor niet staken. Er is geen moment waarop God ophoudt met werken. Ook nu werkt Mijn Vader, en Ik werk ook, want een goede zoon doet hetgeen zijn vader doet, en Ik ben gekomen om o...

poel van Bethesda - genezing gebeurde op sabbat!

Afbeelding
-St.-Annakerk (naast baden van Bethseda en boven grot waarin Maria geboren werd)- 225.4 Maria Valtorta: 'Jezus mengt zich in de menigte en gaat een andere kant op, naar de muren. Maar Hij is nog niet eens voorbij de laatste zuilengang, als, als door een woedende wind voortgedreven, een groep Judeeërs van de allerlaagste soort op Hem afkomt, allen verenigd in hun verlangen om Jezus te beledigen. Ze zoeken, ze kijken, ze onderzoeken alles. Maar kunnen niet helemaal begrijpen wat er aan de hand is, en Jezus vertrekt, terwijl de teleurgestelden, de instructies van de bewakers volgend, de arme gelukkige die net genezen is, aanvallen en hem verwijten: "Waarom draag jij dit bed? Het is sabbat. Dat is niet geoorloofd!" De man kijkt hen aan en zegt: "Ik weet van niets. Ik weet alleen dat de man die mij genezen heeft, tegen mij zei: 'Neem je bed op en loop.' Dat is wat ik weet." "Het moet een demon geweest zijn, want hij heeft je bevolen de sabbat te schenden...