heengaan van Jozef 2
-Death of Saint Joseph (William Blake)-
42.4
Maria Valtorta:
'Maria staat links van Jozef,
neemt zijn hand, gerimpeld en rood aan de nagels,
wrijft erover, streelt haar, kust haar,
veegt met een doek het zweet af
dat glanzende lijnen maakt op de ingevallen slapen,
de traan die in de ooghoek glinstert,
bevochtigt zijn lippen met een linnen doek
gedrenkt in een vloeistof die op witte wijn lijkt.
Rechts staat Jezus.
Snel en voorzichtig tilt hij het instortende lichaam op
en zet het recht op de kussens, die hij samen met Maria goed schikt.
Hij streelt de stervende man over het voorhoofd
en probeert hem tot wat meer leven te wekken.
Maria huilt zachtjes, zonder geluid, maar ze huilt.
De tranen rollen over de bleke wangen naar haar donkerblauwe jurk
en zien eruit als glanzende saffieren.
Jozef fleurt een beetje op,
en kijkt Jezus aandachtig aan,
geeft hem zijn hand, als om hem nog iets te vertellen,
en, door goddelijk contact, kracht te hebben
in de laatste beproeving.
Jezus buigt zich
over die hand en kust haar.
Jozef glimlacht.
Dan draait hij zich om,
om Maria te zoeken,
en hij lacht ook naar haar.
Maria knielt bij het bed en probeert te glimlachen.
Maar het lukt haar niet, en ze buigt haar hoofd.
Jozef legt zijn hand op haar hoofd,
met een kuise streling,
die op een zegen lijkt.
Het enige wat je hoort
is het fladderen en koeren van de duiven,
het ritselen van de bladeren, een plons water
en, in de kamer, de ademhaling van de stervende man.
Jezus loopt om het bed heen,
neemt een krukje en laat Maria zitten,
terwijl hij opnieuw enkel en alleen zegt: "Mama".
Dan keert hij terug naar zijn plaats
en neemt Jozefs hand weer in de zijne.
De scène is zo reëel, dat ik huil
om Maria's lijden.'
Reacties
Een reactie posten