oudste wijze eerst
34.7
Maria Valtorta:
'De oudste van de Wijzen spreekt voor iedereen.
Hij legt Maria uit dat ze afgelopen december op een avond een nieuwe ster met een ongewone pracht aan de hemel hadden zien oplichten. Nooit hadden de kaarten van de hemel die ster getoond en erover gesproken. De naam was niet bekend, omdat de ster geen naam had.
Toen ze uit de schoot van God ontstond, was ze tot bloei gekomen om de mensen een gezegende Waarheid te vertellen, een Geheim van God. Maar de mensen hadden er geen aandacht aan besteed, omdat hun ziel vastzat in de modder. Ze hadden hun blik niet opgericht naar God en hadden de woorden niet weten te lezen die Hij optekent - moge Hij eeuwig gezegend zijn - met sterren van vuur aan het hemelgewelf.
Zij hadden haar wel gezien en geprobeerd haar stem te verstaan. Vergenoegd verloren ze de weinige slaap die ze hun ledematen toestonden, vergaten voedsel en verdiepten zich in de studie van de dierenriem. En de conjuncties van de sterren, de tijd, het seizoen, de berekening van de verstreken uren en de astronomische combinaties hadden hen de Naam en het Geheim van de ster onthuld.
De Naam: "Messias".
Het Geheim: "De Messias zijn die in de wereld kwam".
En zij gingen op pad om Hem te aanbidden.
Ieder zonder medeweten van de ander.
Door bergen en woestijnen, door valleien en rivieren,
terwijl ze 's nachts reisden, waren ze richting Palestina gekomen,
omdat de Ster die kant op ging.
Voor ieder ging het, vanuit drie verschillende punten op aarde, die kant op.
En toen bevonden ze zich voorbij de Dode Zee.
De Wil van God had hen daar samengebracht,
en samen waren ze verder gegaan, elkaar begrijpend, hoewel ieder zijn eigen taal sprak
en de taal van het land begrijpend, en in staat haar te spreken, door een wonder van de Eeuwige.
En samen waren ze naar Jeruzalem gegaan,
want de Messias zou de Koning van Jeruzalem worden, de Koning van de Joden.
Maar de Ster was verborgen aan de hemel van die stad,
en ze voelden hun hart breken van de pijn en onderzochten zichzelf
om erachter te komen of ze God tekort hadden gedaan.
Maar nadat ze hun geweten hadden gerustgesteld, wendden ze zich tot koning Herodes
om hem te vragen in welk paleis de geboren koning van de Joden was, die ze kwamen aanbidden.
En de koning, nadat hij de prinsen der priesters en de schriftgeleerden had bijeengeroepen,
vroeg aan hen waar de Messias geboren kon worden.
En zij antwoordden: "In Bethlehem in Juda."
En dus waren zij in de richting van Bethlehem gekomen
en de Ster was weer in hun ogen verschenen
en zo verlieten ze de Heilige Stad.
En de voorbije avond
was de Ster in pracht toegenomen - de lucht was één en al vuur -
en toen was ze gestopt en had al het licht van de andere sterren in haar straal verzameld,
pal boven dit huis.
En ze begrepen dat de Goddelijke dáár geboren was.
En nu aanbaden ze Hem, waarbij ze hun arme gaven aanboden
en vooral hun hart aanboden, dat nooit zou ophouden God te zegenen om de verleende Genade
en Zijn Geborene lief te hebben, wiens Heilige Mensheid ze zagen.
Daarna zouden ze terugkeren
om verslag uit te brengen aan koning Herodes,
omdat ook hij Hem wilde aanbidden.'
Reacties
Een reactie posten