Maria Salome ook discipel 2


152.2

Maria Valtorta:

'Maar Salome wil meer geven en ontvangen dan druiven en liefkozingen. En nadat ze een beetje in gedachten verzonken naar Jezus en Zebedeüs heeft gekeken, neemt ze een besluit. Ze loopt naar de Meester toe, die met Zijn rug tegen de tafel zit, en knielt voor Hem neer.

"Wat wilt jij, mevrouw?"

"Meester, U hebt besloten dat Uw Moeder en de moeder van Jakobus en Judas met U mee moeten gaan, en dat ook Susanna mee moet gaan, en de grote Johanna van Chusas zal zeker ook meegaan. Alle vrouwen die U aanbidden, zullen komen, als ook maar één van hen komt. Ik wou dat ik er ook bij kon zijn. Neem mij, Jezus. Ik zal U met liefde dienen."



"Jij moet zorgen voor Zebedeüs. Hou je niet meer van hem?"

"O! En of ik van hem hou! Maar ik heb U nog meer lief. O! Ik bedoel niet dat ik U als man bemin. Ik ben zestig jaar oud en bijna veertig jaar getrouwd, en ik heb nog nooit een andere man bekeken dan de mijne. Nu ik een oude vrouw ben, ga ik niet die dwaze kant op. Noch sterft mijn liefde voor mijn Zebedeüs door ouderdom. Maar U... ik kan niet goed spreken, ik ben een arme vrouw, ik zeg wat ik weet. Kijk, ik hou van Zebedeüs met alles wat ik vroeger was. Van U, ik hou van U met alles wat U in mij hebt kunnen brengen, met Uw woorden en met die van Jakobus en Johannes. En het is iets heel anders... Maar zo mooi!"

"Het zal nooit zo mooi zijn als de liefde van een goede echtgenoot."

"Oh nee! Het is veel meer!... Oh! Neem het niet persoonlijk, Zebedeüs! Ik hou nog steeds met heel mijn hart van jou. Maar ik hou van Hem met iets dat nog steeds Maria is, maar niet langer Maria is, de arme Maria, je echtgenote, maar meer... Oh! Ik weet niet hoe ik het moet zeggen."

Jezus glimlacht naar de vrouw die haar man niet wil beledigen, maar die haar grote, nieuwe liefde niet kan verzwijgen. Ook Zebedeüs glimlacht ernstig/betekenisvol, terwijl hij naar zijn vrouw toe loopt. Die knielt nog steeds en draait zich om, om de beurt naar haar man en naar Jezus.



"Maar weet je, Maria, dat je je huis moet verlaten? Je geeft er zoveel om! Je duiven... je bloemen... en deze wijnstok die die zoete druiven produceert waar je zo trots op bent... en je bijenkorven, de beroemdste van het land... en niet langer dat weefgetouw waarop je zoveel canvas en zoveel wol maakte voor je geliefden... En je kleinkinderen? [kinderen van haar dochters] Hoe ga je het redden, zonder je kleine kleinkinderen?"

"O, maar mijn Heer! Wat wilt U dat de muren, de duiven, de bloemen, de wijnranken, de bijenkorven, het weefgetouw betekenen, allemaal goede dingen, dierbare, maar zo klein, vergeleken met U en met Uw liefde?! De kleinkinderen... eh! ja! het zal jammer zijn om ze niet op mijn schoot te kunnen laten slapen, en ze mij te horen roepen... Maar U bent meer!

Oh! en of U meer bent dan al die dingen die U mij noemt! En zelfs al zouden ze, alles bij elkaar genomen en vanwege mijn zwakte, net zo dierbaar of zelfs dierbaarder zijn dan het dienen van U en het volgen van U, dan nog zou ik ze met tranen opzij gooien, met de tranen van een vrouw, om U te volgen met de lach van mijn ziel."'


2 mei 1945

Reacties

Populaire posts van deze blog

Maria wil graag Elise terugzien, haar maatje in de tempel

Martha vertelt hoe haar zus heen en weer wordt geslingerd

Maria Magdalena, serafijn nu, mag zalven en aanraken