Jezus blij met komst van Filistijn uit Asjkelon
251.5
M. Valtorta:
'"Er is hier een man aan boord van mijn boot, die ik er niet in wilde,
en die, lijkt het wel, in Uw naam is gekomen."
"Wie is hij?"
"Een jonge visser uit Asjkelon."
"Laat hem van boord gaan en hierheen komen!"
De man gaat aan boord en komt terug met een jongeman
die nogal verward is door alle aandacht die hij krijgt.
De apostel Johannes herkent hem.
"Da's een van die die ons de vis hebben gegeven, Meester!"
en hij staat op om hem te begroeten.
"Ben je gekomen, Ermasteüs? Naar hier? Ben je alleen?"
"Ja, alleen. In Kafarnaüm schaamde ik me...
Ik bleef aan de kust, hopend..."
"Wat?"
"Jouw Meester te zien."
"En nog niet de jouwe? Waarom, vriend, stel je het steeds uit?
Kom naar het Licht dat op je wacht! Zie hoe Hij je aankijkt en glimlacht."
"Hoe zal ik verdragen worden?"
"Meester, kom even bij ons!"
Jezus staat op en gaat naar Johannes.
"Hij durft niet, omdat hij een vreemdeling is."
"Voor Mij zijn er geen vreemdelingen. En je metgezellen? Waren jullie niet met velen?...
Wees niet ongerust. Jij alleen hebt volgehouden. Maar zelfs om jou alleen ben Ik blij.
Kom mee met Mij!"
Jezus keert terug naar zijn plaats met de nieuwe overwinning.
"Die zullen we aan Johannes van Endor geven!"
zegt Hij tegen de Iskariot.'
Reacties
Een reactie posten